Mensenrechten in een wereld op drift
Voor velen in het Midden-Oosten en Noord-Afrika kende 2011 een hoopvol begin. In het kielzog van de Tunesische demonstranten die dictator Ben Ali in een mum van tijd verjoegen, gingen mensen de straat op om hun stem te laten horen. De Arabische Lente was geboren. Velen durfden hardop te dromen van een betere toekomst voor landen waar onderdrukking, politiegeweld en kneveling van de vrije meningsuiting jarenlang aan de orde van dag waren.
‘Verandering’ was het sleutelwoord, maar gedurende het jaar werd duidelijk dat verandering niet meteen stabiliteit, vrede of respect voor de mensenrechten betekent. Verandering kan ook neerkomen op chaos, op machtsstrijd en op oude wijn in nieuwe zakken. Terwijl de ontwikkelingen zich opvolgden werd duidelijk dat de Arabische Lente, om de woorden uit onze campagneslogan te gebruiken, wel eens een illusie kon worden.
Amnesty International hield zich uiteraard het hele jaar intensief bezig met de ontwikkelingen in het Midden-Oosten en Noord-Afrika. Wij deden onderzoek in alle landen in de regio, voerden acties voor individuen die gevangen zaten of gevaar liepen, en vroegen regeringen, oud en nieuw, om de mensenrechten centraal te stellen. Want juist in een dergelijke periode van grote veranderingen, van machtsovernames en onzekerheid, zorgen de mensenrechten voor stabilisering. In een wereld op drift, brengt respect voor mensenrechten samenlevingen weer op koers.
Dit besef, dat mensenrechten de absolute basis vormen van iedere rechtvaardige maatschappij, is een constante in onze vijftigjarige ervaring. In dit jaarverslag leggen wij zo goed mogelijk rekenschap af van onze inspanningen om die mensenrechten te bevorderen. Amnesty werkte in 2011 voor de rechten van sloppenbewoners in onder meer Ghana, Roemenië en Cambodja. We wezen bedrijven op hun verantwoordelijkheid op het gebied van de mensenrechten. We kwamen op voor vervolgde schrijvers in China. En dichter bij huis kwamen we in het geweer tegen de praktijk van vreemdelingendetentie in Nederland.
Dit zijn slechts een paar voorbeelden van de thema’s en onderwerpen waarover Amnesty International zich in 2011 boog. In dit jaarverslag vindt u er vele meer. Het verslag geeft u ook gedetailleerd inzicht in hoe Amnesty Nederland er financieel voor stond: ook in 2011 hadden we de financiën op orde. Overigens is dit verslag, dat gaat over het jaar waarin wij onze vijftigste verjaardag vierden, voor het eerst volledig digitaal. Met een rijkdom aan informatie en audiovisueel materiaal laten we zien wat we wel én wat we niet hebben bereikt: toegankelijk en transparant. Wij wensen u een behouden navigatie door een jaar werk voor de mensenrechten!
Ila Kasem – voorzitter Eduard Nazarski – directeur
Amnesty International probeert door de inzet van verschillende werkwijzen en activiteiten de mensenrechten overal te bevorderen.
Onderzoek
Aan de basis van ons werk staat goede, betrouwbare informatie. Amnesty-onderzoekers verzamelen – aangestuurd vanuit ons hoofdkantoor in Londen – over de hele wereld gegevens over mensenrechtenschendingen. Zij interviewen slachtoffers, wonen rechtszaken bij, praten met advocaten, artsen en mensenrechtenverdedigers en ontmoeten regeringsvertegenwoordigers. Hun onderzoeksgegevens vormen de basis voor Amnesty-rapporten en andere publicaties, en voor acties.
Acties
Amnesty voert actie om mensenrechtenschendingen te voorkomen en beëindigen. Wereldwijd mobiliseren we hiervoor zoveel mogelijk mensen. Massale actie werkt: autoriteiten en bedrijven die weten dat de wereld over hun schouder meekijkt, zijn eerder geneigd zich aan de regels te houden. We gebruiken acties ook om mensenrechtenverdedigers te ondersteunen.
Lobby
Nationale Amnesty-afdelingen proberen via lobby bij hun regeringen de mensenrechten een prominente rol te geven in het binnen- en buitenlands beleid. Wij lobbyen ook bij bedrijven die verantwoordelijk zijn voor schendingen. Daarnaast vragen we andere regeringen en organisaties als de Europese Unie en de Verenigde Naties om druk uit te oefenen.
Bewustwording
Over de hele wereld maakt Amnesty mensen bewust van de inhoud van de mensenrechten en van hun belang. In Nederland geven we voorlichting via grote publieksacties en verzorgen we lessen op scholen. Onrecht brengen we via de media en publieksacties onder de aandacht van het Nederlands publiek.
Samenwerking
Amnesty Nederland werkt samen met andere nationale Amnesty-afdelingen en met andere organisaties die op ons werkterrein werken, als dat ons helpt bij het bereiken van onze doelstellingen. We streven naar een sterke wereldwijde mensenrechtenbeweging om de mensenrechtensituatie in de wereld te verbeteren.
Amnesty Nederland maakt deel uit van de wereldwijde Amnesty-beweging. Eensgezinde en gecoördineerde samenwerking tussen de verschillende nationale afdelingen is voor Amnesty International van essentieel belang. Daarom heeft Amnesty een internationaal beleidsplan: het Geïntegreerd Strategisch Plan (Integrated Strategic Plan, ISP). Het huidige ISP beslaat de periode 2010-2016. In dit plan zijn de prioriteiten van Amnesty International geformuleerd op basis van een analyse van de belangrijkste tendensen in de wereldwijde mensenrechtensituatie. Op basis van het ISP is voor de jaren 2010-2011 de Wereldwijde Prioriteitenverklaring (Global Priority Statement, GPS) vastgesteld. Amnesty Nederland destilleerde daaruit de hoofdpunten voor 2011. Daarbij hielden we ook rekening met onze eigen landenkeuze, die we in 2010 bepaalden.
Op basis van het ISP legde Amnesty Nederland haar strategische keuzes voor de komende jaren vast in de nota Agenda ’10-’16. Ons werk voor mensenrechtenverdedigers zal in alle activiteiten een prioriteit blijven, met meer nadruk op werk met die verdedigers. De mensenrechtenverdedigers zijn op al onze werkterreinen de mensen die ter plekke het verschil maken, en die alle mogelijke aandacht en bescherming nodig hebben
We hebben, in overeenstemming met het ISP, vier werkterreinen:
1 De bescherming tegen politiek geweld en vervolging
Geweld door staten en niet-statelijke actoren – zoals gewapende groeperingen – heeft een vernietigende invloed op de mensenrechten. De wedloop om natuurlijke hulpbronnen, de proliferatie van wapens en het verzwakken van staten intensiveren wereldwijde conflicten. Gewone burgers zijn opzettelijk doelwit in oorlogen. Geweld op basis van geslacht blijft een van de meest wijdverbreide schendingen van de mensenrechten: in veel oorlogen wordt verkrachting ingezet als oorlogswapen.
Ook nadat gewapende conflicten zijn afgelopen werken ze door – in trauma’s van slachtoffers, in geweld, economische onzekerheid en onvoldoende toegang tot het rechtssyteem. In meer stabiele, conflictvrije landen leiden toenemende zorgen over terrorisme en misdaad tot maatregelen op het gebied van de openbare veiligheid die de mensenrechten in gevaar brengen. Armere bevolkingsgroepen en migranten worden gediscrimineerd. De steun voor de doodstraf neemt toe.
Amnesty Nederland blijft actief voor de bescherming tegen willekeurige gevangenschap, oneerlijke processen, martelen, verdwijningen, buitengerechtelijke executies, politiegeweld, schendingen van de mensenrechten van vrouwen en geweld van gewapende groepen. In overeenstemming met internationale besluitvorming geven we de doodstraf bijzondere aandacht.
We zetten ons in voor berechting van degenen die verantwoordelijk waren voor mensenrechtenschendingen, speciaal door in Den Haag een Centre for International Justice op te zetten dat zich bezighoudt met de internationale berechting aldaar.
2 De vrijheid van meningsuiting en non-discriminatie
Uit bezorgdheid om de economie, migratie, de culturele identiteit of de nationale veiligheid onderdrukken veel regeringen legitieme vormen van oppositie. Zij beperken het recht op informatie, vrije meningsuiting, vereniging en vergadering. Nieuwe informatietechnologieën bieden burgers meer mogelijkheden om van deze rechten gebruik te maken, maar tegelijkertijd gebruiken regeringen – soms met medewerking van bedrijven – de technologie om privacy te schenden, censuur toe te passen en toezicht te verscherpen. Xenofobie, racisme en andere vormen van discriminatie nemen onder deze omstandigheden toe. Mensenrechtenverdedigers die zich ertegen verzetten, worden aangevallen en zwart gemaakt.
Het politiek en maatschappelijk klimaat staat in Nederland en daarbuiten onder druk door kwesties van vrijheid van meningsuiting, godsdienstvrijheid, discriminatie en privacy. Amnesty Nederland wil van 2010 tot en met 2016 bijdragen aan duidelijkheid over wat de inhoud en beperkingen van die vrijheden zijn.
Daarnaast nemen we deel aan acties voor de mensenrechten van lesbiennes, homoseksuelen, biseksuelen en transgenders in en buiten Europa, met (omdat onze toegevoegde waarde daar groter is) voorrang voor internationale activiteiten boven Nederlandse.
3 De mensenrechten van migranten en vluchtelingen
Een groeiende groep migranten en vluchtelingen wordt door geen enkel land erkend of beschermd; noch door het land waar ze vandaan komen, noch door het land waarin ze verblijven. Zij worden uitgebuit door werkgevers, behandeld als criminelen door staten en soms teruggestuurd naar landen waar ze het slachtoffer dreigen te worden van grove mensenrechtenschendingen. Omdat velen geen legale verblijfsstatus hebben, hebben ze vaak geen toegang tot het rechtssyteem. Met het toenemen van gewapende conflicten, armoede, onzekerheid en milieucrises, neemt ook het aantal mensen dat binnen landen en over grenzen migreert toe. In reactie hierop gaan staten over tot steeds hardere restrictieve maatregelen, vaak met aanzienlijke publieke steun.
Amnesty Nederland zal van 2010 tot en met 2016 binnen het werk voor mensenrechten van migranten en vluchtelingen speciale aandacht geven aan vreemdelingendetentie en mensenrechten van ‘illegalen’ in Nederland. Uitbuiting en onmenselijke omstandigheden van migranten waar ook ter wereld krijgen aandacht in onder meer ons werk met bedrijven.
4 Werken voor economische, sociale en culturele rechten
Mensen die in armoede leven hebben te maken met gebrek, uitsluiting, onzekerheid en het feit dat er niet naar hen geluisterd wordt. Het gevolg is een vicieuze cirkel van machteloosheid en armoede die moet worden tegengegaan met behulp van de mensenrechten. Amnesty International werkt hieraan op internationaal niveau en, vooral in arme landen, op lokaal en nationaal niveau.
Amnesty Nederland zal van 2010 tot en met 2016 laten zien dat waarborgen voor mensenrechten onontbeerlijk zijn in het werk tegen armoede en ontbering. We zetten ons in voor onder meer Nederlandse ratificatie van het Facultatief Protocol bij het Internationaal Verdrag voor Economische, Sociale en Culturele Rechten, het opnemen van mensenrechten in de Millenniumdoelen na 2015, het versterken van de aansprakelijkheid van bedrijven en de bescherming tegen willekeurige huisuitzetting in sloppenwijken.
In Amnesty’s Wereldwijde Prioriteitenverklaring (Global Priority Statement, GPS) zijn de vier werkterreinen uit het ISP concreter uitgewerkt voor de kortere termijn. De prioriteiten die erin staan gelden voor alle nationale afdelingen en het internationaal secretariaat als uitgangspunt voor het werk van 2010 en 2011. Amnesty Nederland maakte op grond daarvan voor 2011 een Jaarplan op hoofdpunten.
Hoofdpunten jaarplan 2011:
Amnesty International is het aan haar oorsprong en missie verplicht álle landen waar mensenrechten in het geding zijn te bestrijken. Dat gebeurt onder meer door het Jaarboek, door onderzoek in en rapportage uit een zeer groot aantal landen, en door een stroom van rapporten, berichten, oproepen tot actie en dossiers vanuit vooral het Internationaal Secretariaat.
Voor nationale Amnesty-afdelingen zoals Amnesty Nederland is de wereld te groot om zich op alle landen te richten. Om effectief te zijn is het nodig dat onze activiteiten niet al te zeer versnipperen en wij ons met volle aandacht, voor langere tijd op dezelfde landen richten. Internationaal maakte de organisatie al enkele jaren geleden de keuze om in onderzoek en actie prioriteit te geven aan bepaalde landen. Ook in Nederland hebben we in 2010 keuzes gemaakt. Dat deden we in overleg met alle betrokkenen aan de hand van een lijst van ijkpunten waaronder ernst van de schendingen, relevantie voor Nederland, regionale betekenis en beschikbare kennis en ervaring. Per werelddeel hebben we twee landen geselecteerd waarvoor we veel werk verrichten, en vier waarvoor we ons ook inspannen, maar minder intensief. Met andere landen zullen wij ons vanuit Nederland niet meer bezighouden, behalve in het geval van bliksemacties en crisissituaties. Elke twee jaar zal bekeken worden of bijstelling van de prioriteitslanden nodig is.
De prioriteitslanden in 2011:
Afrika: Nigeria en Zimbabwe, daarnaast Zuid-Afrika, Democratische Republiek Congo, Kenia, Sudan.
Midden-Oosten en Noord-Afrika: Israël en de Bezette Gebieden en Egypte, daarnaast Iran, Irak, Marokko, Tunesië.
Noord-, Midden- en Zuid-Amerika: Colombia en de Verenigde Staten, daarnaast Mexico, Brazilië, Peru, Guatemala.
Europa: Turkije en Rusland, daarnaast de Europese Unie (discriminatie), Bosnië, Servië/Kosovo, Wit-Rusland.
Azië: Indonesië en China, daarnaast India, Myanmar (Birma), regionaal thematisch project tegen de doodstraf, Afghanistan.
Ieder jaar worden naar schatting twee miljoen mensen, vooral in sloppenwijken over de hele wereld, onrechtmatig uit hun huis gezet.
Ook bedrijven hebben een verantwoordelijkheid voor naleving van de mensenrechten.
Nederland sluit jaarlijks zo’n tienduizend vreemdelingen op. Ze zitten niet vast omdat ze een strafbaar feit hebben gepleegd, maar wachten op behandeling van hun asielverzoek of op uitzetting.
Chinese schrijvers, journalisten en bloggers die het wagen kritiek te uiten op de eenpartijstaat, of die zich mengen in andere gevoelige onderwerpen, riskeren vervolging en lange gevangenisstraffen.
Met de revoluties in Tunesië en Egypte als voorbeeld kwamen in 2011 mensen in de hele regio in opstand tegen hun machthebbers. Zij eisten hun rechten op.
De Nederlandse overheid komt haar internationale verplichtingen om in het basisonderwijs en middelbaar onderwijs aandacht te besteden aan mensenrechten niet na.
Amnesty International beoogt mensenrechten wereldwijd te promoten, te verdedigen en te realiseren.
In 2011 vierde Amnesty International haar vijftigjarig bestaan.
Ieder jaar worden naar schatting twee miljoen mensen, vooral in sloppenwijken over de hele wereld, onrechtmatig uit hun huis gezet. Doordat de bewoners meestal niet beschikken over huurcontracten of eigendomspapieren, zijn ze extra kwetsbaar voor schendingen van hun mensenrechten.
Vaak zijn deze huisuitzettingen onaangekondigd en gaan ze gepaard met politiegeweld. Slachtoffers worden aan hun lot overgelaten: ze krijgen doorgaans geen nieuwe woning, geen compensatie, ze zijn hun huis, hun bezittingen en vaak hun kostwinning kwijt. In een handomdraai wordt het leven van hele families geruïneerd.
Wat er moet gebeuren
Huisuitzettingen moeten voldoen aan een aantal strikte voorwaarden die zijn vastgelegd in VN-richtlijnen voor huisuitzettingen. Als dat niet gebeurt, spreken we van ‘gedwongen huisuitzettingen’. Getroffenen moeten bijvoorbeeld adequate alternatieve woonruimte aangeboden krijgen, ze moeten tijdig en volledig worden geïnformeerd over de plannen, en ze moeten inspraak krijgen in de uitvoering ervan. Landen moeten deze normen en procedures over huisuitzettingen vastleggen in nationale wetgeving. En waar dat reeds is gebeurd, moeten die wetten worden gehandhaafd.
Amnesty International richt zich met (publieks)acties en lobby op het beïnvloeden van nationale en lokale overheden om de VN-normen in te voeren en na te leven. Dat gebeurt zoveel mogelijk in samenwerking met lokale organisaties, waaronder lokale Amnesty-afdelingen. Amnesty ondersteunt deze organisaties bij het vergroten van hun deskundigheid, hun onderhandelingspositie en hun publieke profiel.
Amnesty Nederland wil:
We voerden actie tegen gedwongen huisuitzettingen van duizenden langs de spoorlijn wonende mensen in de Ghanese hoofdstad Accra, van Roma in Servië en van sloppenbewoners in Nigeria. Er waren Rapid Response-acties bij direct dreigende huisuitzettingen in tal van landen. Met het project ‘Hier wonen de mensenrechten’ ondersteunden we lokale partnerorganisaties.
Ghana
Er was actie voor duizenden mensen die wonen en werken langs spoorlijnen in Accra. Zij dreigden op straat te worden gezet om plaats te maken voor de ontwikkeling van het spoorwegnet. Een internationale Amnesty-petitie aan het stadsbestuur van Accra werd door ruim dertigduizend mensen ondertekend. Amnesty Ghana overhandigde de handtekeningen onder grote media-belangstelling aan het stadsbestuur. Amnesty Nederland faciliteerde verder een Ronde Tafeloverleg waaraan Amnesty Ghana, de lokale overheid en de bewoners deelnamen.
Servië
Samen met de Servische mensenrechtenorganisatie RCM voerden Amnesty-vrijwilligers uit diverse Europese landen actie tegen gedwongen huisuitzettingen van Roma in Servië. Dat gebeurde op het muziekfestival Exit in de Servische stad Novi Sad. De actie werd uitgevoerd door Amnesty Nederland. Zo’n tweeduizend mensen gingen op de foto met de boodschap ‘A roof over your head is a human right’. De foto’s werden samen met foto’s die op de Nederlandse Bevrijdingsfestivals waren opgehaald, gebundeld in een fotoboek. Dit werd in Belgrado aangeboden aan de Servische vice-premier Djelic en in Nederland aan de Servische ambassadeur.
Nigeria
Amnesty voerde samen met de Nederlandse singer-songwriter Dotan actie tegen de dreigende gedwongen huisuitzetting van 200.000 inwoners van de Nigeriaanse stad Port Harcourt. Dotan droeg zijn nummer ‘Where we Belong’ op aan de slachtoffers van gedwongen huisuitzetting. Samen met Amnesty bezocht hij in oktober de sloppenwijken van Port Harcourt en trad op tijdens een herdenkingsconcert voor de slachtoffers van de Bundu-schietpartij in 2009. Toen gebruikte de politie grof geweld tegen een groep mensen die demonstreerde tegen gedwongen huisuitzettingen.
De petitie en het bezoek van Dotan waren onderdeel van de internationale campagne ‘People Live Here’, die Amnesty International samen met lokale Nigeriaanse partners uitvoert. Tijdens de campagne reden de stadsbussen van Port Harcourt rond met afbeeldingen van de inwoners van sloppenwijken en met solidariteitsbetuigingen van Amnesty-activisten uit Nederland, Engeland, Frankrijk en Zwitserland. Op een van de bussen prijkte een grote foto van Dotan.
Rapid Response-acties
Omdat gedwongen huisuitzettingen veelal niet of slechts heel kort tevoren worden aangekondigd, moet actie ertegen snel van de grond komen. Daarom voert Amnesty Nederland samen met zo’n vijftien andere nationale Amnesty-afdelingen ‘Rapid Response-acties’ tegen huisuitzettingen. Als er gedwongen huisuitzetting dreigt, wordt op korte termijn actie ondernomen via onder meer Amnesty’s e-mailnetwerk en de sociale media, en door lobby en het benaderen van de media in het betreffende land. In 2011 waren er Rapid Response-acties op Ghana, Kenia, Roemenië, Italië, Servië en Cambodja.
Lobby
Tijdens de campagne drongen de politiek lobbyisten er in meerdere gesprekken bij de Nederlandse regering en politiek op aan specifieke gevallen van huisuitzetting tegen te gaan. Samen met de Ghanese activist Frederick Opoku werd het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken bezocht. Gespreksonderwerp was het feit dat de sloppenproblematiek een mensenrechtenprobleem is.
Ook werden Nederlandse ambassades aangesproken op gedwongen huisuitzettingen in sloppenwijken. Dat gebeurde bijvoorbeeld in Kenia. In juli maakte de directeur van Amnesty Nederland deel uit van een missie naar de dat land. Samen met Amnesty Kenia voerde de delegatie lobbygesprekken met onder meer de Nederlandse ambassade in Kenia, VN Habitat en de EU-delegatie in Kenia. Tevens werden sloppenwijken bezocht en waren er gesprekken met lokale activisten.
‘Hier wonen de mensenrechten’
Met het door de Nationale Postcode Loterij gefinancierde project ‘Hier wonen de mensenrechten’ werden lokale partnerorganisaties ondersteund in hun strijd tegen gedwongen huisuitzettingen in Kenia, Egypte en Nigeria. Deze steun bestaat uit ondersteuning bij publieksacties, trainingen en ondersteuning bij mediabenadering.
Om bewustwording over gedwongen huisuitzettingen te vergroten en lokale bewoners te steunen, werd de website Slum Stories opgezet. Op de site zijn korte filmpjes van lokale correspondenten te zien over het leven in sloppenwijken over de hele wereld. De website is in vier talen te zien en wordt door diverse andere nationale Amnesty-afdelingen ondersteund.
Samenwerkingspartners
In veel van de gevallen waarvoor wij actie voerden werden huisuitzettingen afgeblazen of uitgesteld. Ook kwam vaak de dialoog tussen autoriteiten en bewoners op gang. Enkele autoriteiten kondigden richtlijnen voor huisuitzettingen aan. Een structurele oplossing bleef echter vaak uit.
Ghana
De huisuitzetting van de mensen langs de spoorweg in Accra werd afgeblazen. In oktober verklaarde de Ghanese president John Atta Mills in de wandelgangen van een VN-bijeenkomst in New York dat huisuitzettingen niet onder dwang zullen worden uitgevoerd. Niet lang daarna werden, op initiatief van Amnesty, gesprekken gevoerd tussen bewoners, projectontwikkelaars en vertegenwoordigers van de overheid.
Servië
Vice-premier Djelic heeft opdracht gegeven voor de ontwikkeling van richtlijnen voor huisuitzettingen. Lokale partners in Servië wisten te melden dat de minister heeft verklaard er haast achter te zetten vanwege de druk van Amnesty. In Servië is, onder meer na bemoeienis van de Nationale ombudsman, de ontruiming van Block 61 in Belgrado uitgesteld tot de lente van 2012.
Nigeria
Het herdenkingsconcert met de Nederlandse singer-songwriter Dotan kreeg aandacht in de Nigeriaanse en ook de Nederlandse pers. Volgens berichten van lokale partners is er in 2011 een verminderde dreiging van gedwongen huisuitzettingenen een verhoogd mensenrechtenbewustzijn en -activisme bij de bewoners.
Lobby
De Nederlandse ambassadeur in Ghana heeft de sloppenwijken bezocht en nodigt Amnesty Ghana uit om mee te praten bij EU-beleidsconsultaties. Ook Amnesty Kenia is onderdeel van geregeld overleg bij EU-beleidsconsultaties.
Rapid Response-acties
In Roemenië werd de gedwongen huisuitzetting van Roma in Cluj-Napoca tegengehouden. Naar aanleiding van de Amnesty-acties was er lokaal zeer veel media-aandacht voor het lot van de Roma.
In Italië verklaarde de hoogste bestuursrechtbank in november de ‘nomadennoodtoestand’, waarmee honderden Romakampen werden vernietigd zonder dat de bewoners adequate alternatieve huisvesting kregen, ongrondwettig.
In Cambodja werden aangekondigde huisuitzettingen van 779 families bij het Boeung Kakmeer in de hoofdstad Phnom Penh na acties uitgesteld. De overheid is in gesprek getreden met de gemeenschap over een alternatief plan dat door de bewoners zelf was opgesteld. De uitkomst was dat 779 families in hun huizen mochten blijven wonen. Helaas vielen 95 families buiten de regeling. Zij zijn alsnog uitgezet.
Ondanks vele kleine, tijdelijke successen tegen gedwongen huisuitzettingen in 2011, is in de meeste gevallen nog geen structurele oplossing bereikt. In de meeste landen waarvoor Amnesty actie voerde ontbreekt het nog altijd aan wettelijk vastgelegde normen en richtlijnen voor huisuitzetting. Er worden daartoe wel processen in gang gezet, zoals in Kenia, Ghana en Servië, maar deze processen kosten tijd. Amnesty blijft druk uitoefenen via acties, lobby en de media om het probleem van gedwongen huisuitzetting structureel tegen te gaan.
De campagne ‘Sloppen ruimen is mensen slopen’ heeft uitgewezen dat gerichte acties tegen specifieke gevallen van huisuitzettingen zin hebben. Wettelijke garanties kosten echter tijd. De campagne heeft bereikt dat het onderwerp in veel landen op de politieke agenda is gekomen, waaronder in Servië, Ghana en Kenia. De bevelen tot huisuitzetting worden echter genomen op gemeentelijk niveau, en zolang de procedures voor huisuitzetting niet wettelijk zijn vastgelegd is het moeilijk ze structureel tegen te gaan.
Zeer positief is dat de campagneactiviteiten van lokale partners in zichtbaarheid toenemen. Met name in Kenia, Nigeria, Ghana en Servië is het (zelf)bewustzijn van lokale partners en sloppenbewoners aantoonbaar gegroeid. Amnesty Nederland heeft daar concreet aan bijgedragen, onder meer via het Postcode Loterij-project ‘Hier wonen de mensenrechten’.
In Nederland is het lastig gebleken om media en politiek voor gedwongen huisuitzettingen te interesseren. De Nederlandse overheid heeft, ook op mensenrechtengebied, andere prioriteiten. De politieke mogelijkheden bleken vooral te liggen op het niveau van de ambassades. Door lobby is met name in Ghana de betrokkenheid van de Nederlandse ambassade bij de situatie rondom aangekondigde huisuitzettingen verbeterd.
Ook bedrijven hebben een verantwoordelijkheid voor naleving van de mensenrechten. Die komen ze echter vaak niet na. Door bedrijfsoperaties worden gemeenschappen soms gedwongen van hun land te vertrekken. Of hun bestaansmiddelen worden bedreigd door vervuiling van land en water. In het ergste geval drukken bedrijven en regeringen gezamenlijk vreedzame protesten de kop in met geweld en intimidatie.
Wat er moet gebeuren
Als door de activiteiten van bedrijven de mensenrechten worden geschonden, mogen die bedrijven niet vrijuit gaan. Natuurlijk zijn in de eerste plaats overheden verantwoordelijk voor de bescherming van hun burgers. Maar ook als de plaatselijke overheden falen in het handhaven van de wet, hebben bedrijven een verantwoordelijkheid. Amnesty International wil dat deze verantwoordelijkheid wordt vastgelegd in internationale wetten en dat nationale regels beter worden gehandhaafd.
Amnesty Nederland wil:
Amnesty Nederland richtte zich in 2011 vooral op de bedrijfsaansprakelijkheid van Shell bij de oliewinning in de Nigeriaanse Nigerdelta. Daarnaast deed de Eerlijke Bankwijzer onderzoek naar investeringen van banken in bedrijven die mensenrechten schenden.
Shell in de Nigerdelta
De activiteiten met betrekking tot bedrijfsaansprakelijkheid concentreerden zich in 2011 met name rond de activiteiten van oliebedrijf Shell in de Nigeriaanse Nigerdelta. Een belangrijke mijlpaal was een rapport van VN-milieuorganisatie UNEP over de milieuschade die de oliewinning toebrengt in de Nigerdelta. In het rapport, dat verscheen in augustus, werd vastgesteld dat Shell ernstig heeft gefaald bij de aanpak van olielekkages in de regio. Het rapport stelt tevens dat het bedrijf in Nigeria niet volgens zijn eigen standaarden opereert.
Eerder in het jaar, in mei, was Amnesty Nederland aanwezig op de algemene aandeelhoudersvergadering van Shell om te vragen naar de voortgang van enkele toezeggingen die Shell op de aandeelhoudersvergadering van 2010 aan Amnesty had gedaan. In augustus voerden we naar aanleiding van het UNEP-rapport actie richting de Nigeriaanse president en Shell om gezamenlijk de conclusies serieus te nemen en eindelijk de schoonmaak van de Nigerdelta te beginnen. In het NRC Handelsblad verscheen een door Amnesty opgestelde brief die was ondertekend door een aantal prominente Nederlanders, onder wie Ruud Lubbers, Femke Halsema, Jan Pronk en Amnesty-directeur Nazarski. In de brief werd Shell opgeroepen de milieuvervuiling op te ruimen. De Nederlandse regering werd opgeroepen om daartoe druk uit te oefenen op zowel Shell als de Nigeriaanse autoriteiten.
Amnesty Nederland voerde gedurende het jaar veel politieke lobby met betrekking tot Shell. Die was er met name in januari rondom een Ronde Tafel in de Tweede Kamer over Shell in Nigeria, en in april in verband met het Algemeen Overleg in de Kamer over maatschappelijk verantwoord ondernemen. In november had Amnesty samen met een medewerker van de Nigeriaanse ngo CEHRD een gesprek bij het ministerie van Buitenlandse Zaken en met de Vaste Kamercommissie voor Economische Zaken, Landbouw en Innovatie.
In diezelfde maand verscheen het gezamenlijke Amnesty/CEHRD-rapport The true tragedy: Delays and failures in tackling oil spills in the Niger Delta. Het rapport was de weerslag van een Amnesty-onderzoeksmissie naar Bodo, een dorp dat in 2008 was getroffen door twee zware olielekkages. Aan de missie namen medewerkers van Amnesty Nederland deel, onder wie twee filmers.
Eerlijke Bankwijzer
De Eerlijke Bankwijzer (EB) is een samenwerkingsverband tussen Amnesty International, Oxfam Novib, Milieudefensie, FNV Mondiaal en de Dierenbescherming. Op de website eerlijkebankwijzer.nl kunnen consumenten het maatschappelijk beleid en de activiteiten van elf Nederlandse bankgroepen vergelijken op tal van duurzaamheidsthema’s, waaronder mensenrechten. In februari verscheen het vierde EB-praktijkonderzoek, dat ging over de beleggingen van de banken in de bedrijven Shell, Vedanta Resources en Barrick Gold – bedrijven die langdurig betrokken zijn bij ernstige mensenrechtenschendingen. Onderzocht was onder meer op welke wijze de banken die in deze bedrijven investeren,die bedrijven aanspreken op hun betrokkenheid bij de schendingen. Van de onderzochte banken die in de gewraakte bedrijven investeren bleek een aantal niet of nauwelijks met deze bedrijven in gesprek te gaan over de mensenrechtenschendingen, terwijl enkele andere banken, die wel een intensieve kritische dialoog met de bedrijven voeren, dit nog te vrijblijvend doen.
In totaal 23 lokale Amnesty-groepen en 37 individuen boden rapporten aan bij 112 bankfilialen in hun gemeente. Verder vroeg Amnesty mensen om banken waarbij ze zelf cliënt zijn aan te schrijven om opheldering te vragen over hun slechte scores in de Eerlijke Bankwijzer. Ruim twaalfduizend mensen hebben dat gedaan.
Samenwerkingspartners
Shell deed enkele toezeggingen en erkende na lange zware druk aansprakelijkheid voor twee olielekkages in Bodo. De olievervuiling kreeg veel aandacht van vrijwel alle Nederlandse politieke partijen. Na drie jaar Eerlijke Bankwijzer scherpten vrijwel alle banken hun beleid op het gebied van duurzaamheid, waaronder mensenrechten, aan.
Shell in de Nigerdelta
Tijdens de algemene aandeelhoudersvergadering van Shell op 17 mei deed het Shell-bestuur enkele toezeggingen aan Amnesty. Executive director Malcolm Brinded zegde opnieuw toe een vijftien jaar oude, maar nooit gepubliceerde milieustudie over de Nigerdelta openbaar te maken – iets waar Amnesty al sinds lange tijd om vraagt. Aan het eind van het jaar was dit echter nog niet gebeurd.
Daarnaast meldde Brinded dat Shell werkt aan het in lijn brengen van zijn environmental impact assessments met de richtlijnen van John Ruggie, Speciale VN-vertegenwoordiger op het gebied van mensenrechten en multinationals. Shell maakte in 2010 zeventien van dergelijke milieueffectrapportages openbaar. De mensenrechten komen hierin echter niet aan bod, iets dat volgens de richtlijnen wel zou moeten. Tot slot toonde de Shell-directie zich, voor het eerst sinds Amnesty’s rapport over de Nigerdelta van juni 2009, bereid om met Amnesty over concrete olielekkages te spreken. Tot nu toe weigerde Shell dat.
Op 3 augustus, een dag voor het verschijnen van het UNEP-rapport, erkende Shell aansprakelijkheid voor twee olielekkages in Bodo. Deze erkenning kwam er pas na zeer veel internationale aandacht, waaronder onderzoek door Amnesty, een BBC-documentaire, artikelen in The Guardian, en een rechtszaak die door een Brits advocatenkantoor tegen Shell was aangespannen namens de inwoners van Bodo.
Olievervuiling in de Nigerdelta stond hoog op de agenda van vrijwel alle Nederlandse politieke partijen. De regering is door de Kamer opgeroepen om meer druk uit te oefenen op Shell en de Nigeriaanse regering om de UNEP-aanbevelingen te implementeren. Tijdens het Algemeen Overleg in de Kamer over maatschappelijk verantwoord ondernemen is een motie aangenomen waarin de regering wordt verzocht actief toe te zien op naleving van nationale en internationale afspraken over de zorg voor mens en milieu door bedrijven, en waar nodig de vervolging van overtreders van deze afspraken te vervolgen.
Eerlijke Bankwijzer
Na drie jaar Eerlijke Bankwijzer hebben vrijwel alle banken vooruitgang geboekt door het beleid aan te scherpen op het gebied van duurzaamheid, waaronder mensenrechten. Met uitzondering van Delta Lloyd, die pas sinds januari 2011 onder het onderzoek van de Eerlijke Bankwijzer valt, hebben alle vijftien onderzochte banken hun maatschappelijk beleid aangescherpt op thema’s zoals wapenhandel, corruptie en natuur.
Shell in de Nigerdelta
De erkenning van de verantwoordelijkheid van de olielekkages in Bodo door Shell was een goede stap vooruit. Maar deze erkenning kwam na zeer zware internationale druk door onder andere Amnesty International, en veel media-aandacht. Er zijn nog altijd zeer veel dorpen in de Nigerdelta met minstens net zulke ernstige vervuiling, waarvoor niemand de verantwoordelijkheid neemt. Bovendien heeft het accepteren van die verantwoordelijkheid nog geen praktische gevolgen gehad: Shell onderhandelt met de bewoners over een schikking, maar het opruimen van de vervuiling is nog niet begonnen.
Tijdens het Algemeen Overleg in de Kamer over maatschappelijk verantwoord ondernemen werden moties die specifiek betrekking hadden op de oliewinning in de Nigerdelta niet aangenomen.
Eerlijke Bankwijzer
Ondanks de vooruitgang die vrijwel alle onderzochte banken in de Eerlijke Bankwijzer hebben geboekt, is er nog heel veel te verbeteren. Zo scoren veel banken slecht op transparantie en kunnen ze vaak niet aantonen dat ze kwesties op het gebied van bijvoorbeeld mensenrechten of milieu aan de orde stellen bij bedrijven waarmee ze zaken doen.
In augustus 2011 verscheen het rapport van VN-milieuorganisatie UNEP, over de schade die de olie-industrie veroorzaakt in de Nigerdelta in Nigeria. De duidelijke conclusies uit dit rapport en de publiciteit die het opleverde, gekoppeld aan ons eigen nieuwe onderzoeksmateriaal uit de Nigerdelta, bieden goede aanknopingspunten om voortgang te boeken met betrekking tot een toekomstige schoonmaak van de Nigerdelta. De erkenning door Shell van twee concrete, door Amnesty onderzochte lekkages in Bodo, is een belangrijke stap voorwaarts. De teleurstellende reactie van de Nederlandse regering op het UNEP-rapport laat evenwel zien dat zij op dit onderwerp alleen met grote inspanning in actie te brengen is. De Vaste Kamercommissie toonde zich tijdens discussie naar aanleiding van het UNEP-rapport in november echter – Kamerbreed – verrassend kritisch en betrokken, en dwong de regering tot een concretere bijdrage aan implementatie van de UNEP-aanbevelingen.
Met betrekking tot de financiële instellingen werd een belangrijke stap gezet met de publicatie van het Eerlijke Bankwijzer-praktijkrapport over mensenrechten, waarin de Nigerdelta een van de drie case-studies was. Hieruit volgden redelijk succesvolle publieksactiviteiten, waaraan naast Amnesty-groepen ook individuele activisten en studentengroepen deelnamen. Het rapport is een basis voor verder werk met de financiële instellingen, en zal in 2012 opvolging krijgen.
Nederland sluit jaarlijks zo’n tienduizend vreemdelingen op. Ze zitten niet vast omdat ze een strafbaar feit hebben gepleegd, maar wachten op behandeling van hun asielverzoek of op uitzetting. Iedereen heeft recht op vrijheid. Dat is vastgelegd in de Nederlandse Grondwet en in internationale verdragen. Detentie van vreemdelingen mag alleen als ‘ultimum remedium’; uiterst middel. In de Nederlandse praktijk is dat niet het geval. In Nederland is vreemdelingendetentie geen uiterst middel maar eerder de standaardprocedure. De Nederlandse overheid ziet vreemdelingenbewaring als het noodzakelijk sluitstuk van het migratiebeleid.
Het huidige regime van vreemdelingendetentie is gebaseerd op de Penitentiaire Beginselenwet die is geschreven voor het strafrecht. Het regime beperkt de gedetineerde vreemdelingen veel verder in hun vrijheid dan voor het doel van de detentie (uitzetting) noodzakelijk is. Vreemdelingen zijn daardoor onderworpen aan strenge, sobere maatregelen. Zo verblijven ze 16 uur per dag op een tweepersoonscel en worden ze tijdens transport naar bijvoorbeeld het ziekenhuis geboeid. In tegenstelling tot strafrechtelijk gedetineerden zijn vreemdelingen uitgesloten van onderwijs en arbeid.
Wat er moet gebeuren
Amnesty wil dat in wetgeving, beleid en werkwijze het recht op vrijheid en het voorkomen van vreemdelingendetentie voorop staan. Kwetsbare mensen zoals kinderen, zwangere vrouwen, slachtoffers van martelingen of mensenhandel, (psychisch) zieken en ouderen horen niet in detentie. Elke inbreuk op de vrijheid moet proportioneel en noodzakelijk zijn. In elk individueel geval moeten eerst lichtere maatregelen worden uitgeprobeerd. Als detentie in het uiterste geval onvermijdelijk blijkt, dan moet dit plaatsvinden onder een regime dat niet meer beperkingen oplegt dan strikt noodzakelijk en altijd zo kort mogelijk.
Via maatschappelijke druk en politieke lobby willen we dit zo snel mogelijk, maar in elk geval vóór 31 december 2016 bereiken.
Wij leveren met onze werkzaamheden op het gebied van vreemdelingendetentie een aanvulling op het werk van vluchtelingenorganisaties, die zich enkel richten op vluchtelingen en niet op de bredere groep migranten.
Amnesty Nederland wil:
We gingen door met onze al een aantal jaar durende politieke lobby voor alternatieven voor vreemdelingendetentie en een lichter detentieregime. We deden onderzoek in onder meer Australië, het Verenigd Koninkrijk en Zweden en rapporteerden daarover aan de politiek. We werkten samen met andere organisaties om onze standpunten op de politieke agenda te krijgen.
In vervolg op ons rapport Vreemdelingendetentie: In strijd met de mensenrechten uit 2010, boden we in januari 2011 aan de Tweede Kamer een oproep voor alternatieven en een lichter regime voor vreemdelingendetentie aan. De oproep was ondertekend door ruim honderdvijftig maatschappelijke organisaties en professionals (wetenschappers, advocaten en artsen). Minister Leers van Migratie en Asiel zegde toe in juli 2011 met een Terugkeerbrief te komen waarin hij zou ingaan op alternatieven voor detentie. Aansluitend hierop deden we onderzoek naar alternatieven voor detentie in Nederland, België, Groot-Brittannië, Zweden en Australië. Dit leidde op 10 oktober tot publicatie van de notitie Vreemdelingendetentie in Nederland: het moet en kan anders, alternatieven voor vreemdelingendetentie.
Het politieke klimaat was niet gunstig voor een humaner migratiebeleid en bleek gevoeliger voor financiële en efficiency-argumenten dan voor inhoudelijke. Hoewel Amnesty op de inhoud bleef hameren, hielden we hier in onze lobby rekening mee door te wijzen op onderzoeken waaruit blijkt dat alternatieven wel degelijk effectief en ook goedkoper kunnen zijn.
Vrijwilligers van onze lokale Amnesty-groepen organiseerden informatieve bijeenkomsten, veelal samen met lokale organisaties en kerken. In twee gemeenten met detentiecentra (Hoofddorp en Zaandam) leidde dit tot overleg met raadsleden en politici. Zij toonden zich geïnteresseerd in alternatieven en een humaner detentieregime en nodigden Amnesty uit om te spreken tijdens de raadsvergadering of speciaal over het onderwerp georganiseerde bijeenkomsten. Rondom de film ‘Illegal’ organiseerde Amnesty samen met Movies that Matter ongeveer vijftien keer debatten en informatiebijeenkomsten. Amnesty-groepen namen soms ook deel aan wakes die lokale organisaties bij alle detentiecentra organiseren.
Samenwerkingspartners
We slaagden erin het maatschappelijk draagvlak voor onze standpunten te vergroten en bereikten politieke aandacht voor de door ons onderzochte alternatieven voor vreemdelingendetentie.
Universiteiten, medische organisaties en inspecties hebben onze informatie goed gebruikt en zelf ook onderzoek gedaan of aangekondigd. Rond de honderdvijftig maatschappelijke organisaties en professionals ondertekenden onze oproep aan de Tweede Kamer. Daarmee wisten we de druk op de politiek te vergroten.
De detentie van alleenstaande minderjarige vreemdelingen is sinds 10 maart 2011 beperkt. Zij mogen alleen nog onder speciale omstandigheden in bewaring worden gesteld, voor een maximum van veertien dagen.
Er was politieke aandacht voor de alternatieven voor vreemdelingendetentie. Tijdens het Kamerdebat over de Terugkeerbrief op 11 oktober kwam de Amnesty-notitie veelvuldig aan de orde. De minister zegde toe alternatieven voor detentie uit te werken. Op 22 december 2011 kwam de minister met een aanvullende brief hierover, waarin hij een aantal kleinschalige pilots aankondigde met meldplicht, vrijheidsbeperkende locatie, borgsom en subsidie voor terugkeerprojecten van ngo´s. Een eerste, maar vooralsnog te kleine stap.
Hoewel het detentieregime sinds 2008 op een aantal punten is verbeterd, is er nog steeds sprake van een penitentiair regime. In 2011 kwam daar geen verandering in. In Kamerdebatten verwees de staatssecretaris naar de eerdere ‘heroriëntatie’ van het regime, die hij afdoende achtte, en tijdens het Kamerdebat op 13 december 2011 zei hij in antwoord op een vraag naar de sobere detentie-omstandigheden: ‘Om dan te zeggen dat er erbarmelijke omstandigheden zijn, terwijl elk verstandig mens die een beetje om zich heen kijkt in andere Europese landen, kan zien dat het hier nog net geen hotel is voor vreemdelingen. Laat dat dan ook maar gezegd zijn.’
In het huidige politieke bestel is vreemdelingendetentie een gevoelig onderwerp en resultaten zijn niet gemakkelijk te behalen. Desondanks hebben onze rapporten de nodige aandacht gekregen en zijn kleine veranderingen waarneembaar. We zullen daarom doorgaan met de gehanteerde werkwijze. We blijven onderzoek doen en zullen steeds meer gebruikmaken van trainers en Amnesty-groepen en anderen uit onze achterban om het maatschappelijk draagvlak te vergroten. Duidelijk is dat het een thema betreft dat lange adem behoeft.
Chinese schrijvers, journalisten en bloggers die het wagen kritiek te uiten op de eenpartijstaat, of die zich mengen in andere gevoelige onderwerpen, riskeren vervolging en lange gevangenisstraffen. Amnesty greep de Boekenbeurs in Beijing, waar Nederland begin september gastland was, aan voor een campagne: Steun de vervolgde schrijvers in China. We werkten nauw samen met schrijversorganisatie PEN Nederland, de Independent Chinese PEN, het Nederlands Letterenfonds en mensen uit de Nederlandse boekenbranche.
Wat er moet gebeuren
Ondanks alle tegenwerkingen van de overheid groeit in China de weiquan-beweging van mensenrechtenverdedigers. Amnesty ondersteunt deze beweging in haar streven naar een betere mensenrechtensituatie. De komende jaren voeren we actie voor de rechten van mensenrechtenverdedigers en ondersteunen we hen op bescheiden wijze bij het uitvoeren van hun werk en in noodsituaties.
Amnesty Nederland wil:
We voerden actie voor vrijheid van meningsuiting in het algemeen, en voor drie gevangen Chinese schrijvers in het bijzonder: Liu Xiaobo, Nurmemet Yasin en Yang Tongyang. We zamelden geld in voor het PEN Emergency Fund, gaven bekendheid aan het werk van de Independent Chinese PEN en informeerden het Nederlands publiek over de situatie van Chinese mensenrechtenverdedigers.
Actie voor vervolgde schrijvers
We verzamelden 104.648 handtekeningen (streven: 105.000) onder een petitie aan de Chinese autoriteiten voor de vrijlating van Liu Xiaobo, Nurmemet Yasin en Yang Tongyang. Nadat de Chinese ambassade een bezoek van Amnesty meermaals had afgewezen, verstuurden we de handtekeningen per post naar de ambassade, die daardoor maandenlang dagelijks een grote envelop van ons ontving.
We riepen minister Verhagen van Economische Zaken, minister Rosenthal van Buitenlandse Zaken staatssecretaris Zijlstra van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en de Nederlandse ambassade op om tijdens hun bezoeken aan China te spreken over de vrijheid van meningsuiting, en om het lot van de drie vervolgde schrijvers aan te kaarten. De burgemeesters van Amsterdam, Rotterdam en Groningen vroegen we de kwestie in hun bilaterale contacten met Chinese gemeenten aan de orde te stellen.
Samen met het Nederlands Letterenfonds, organisator van de Nederlands aanwezigheid op de boekenbeurs in Beijing, organiseerden we ontmoetingen tussen Nederlandse en Chinese kritische schrijvers.
De Nederlandse auteurs die naar Beijing gingen stuurden we een informatiepakket over de beperkte vrijheid van meningsuiting in China.
Ondersteunen mensenrechtenverdedigers en schrijvers in China
We werkten nauw samen met de Nederlandse afdeling van de internationale schrijversorganisatie PEN. We zamelden geld in voor het PEN Emergency Fund. Uit dat fonds biedt PEN vervolgde Chinese schrijvers concrete hulp, bijvoorbeeld in de vorm van medische verzorging, schrijfmiddelen, een schuiladres of een vliegticket om tijdelijk het land te verlaten. Een deel van het geld dat we inzamelden besteedden we aan een training voor onafhankelijke Chinese filmmakers en een internationale conferentie die de Independent Chinese PEN in 2012 organiseert.
Ruim 120 Nederlandse schrijvers, dichters, vertalers en uitgevers tekenden een door Amnesty opgestelde solidariteitsverklaring met vervolgde schrijvers in China. Zes schrijvers droegen voor een filmcamera gedichten van Chinese dissidenten voor en vroegen om hun vrijlating. Amnesty’s regionale kantoor voor Azië en Oceanië verspreidde deze solidariteitsverklaringen in China.
Duizenden kinderen maakten een tekening voor Liu Xiaobo. Een selectie hiervan is gebundeld en zowel naar de Chinese autoriteiten als naar zijn familie gestuurd.
Informeren en activeren Nederlands publiek
We richtten internetcafés in op popfestivals Pinkpop en Lowlands om de bezoekers de Chinese censuur te laten ervaren en ze de petitie voor Liu Xiaobo te laten tekenen. Twitter, Facebook en Gmail waren er geblokkeerd en pas als de bezoekers de petitie hadden getekend, konden zij hun gang gaan.
We waren aanwezig met acties en informatie over vervolgde schrijvers in China op boekenevenementen, uitmarkten en themabijeenkomsten door heel Nederland. Zo organiseerden we in juni een debat in Den Haag over de vraag ‘Hoe kunnen relaties in de culturele sector worden benut om vrijheid van meningsuiting in China te steunen?’
Op verzoek van Amnesty maakte ontwerper Maarten Baas ‘the Empty Chair’. Het kunstwerk droeg hij op aan Liu Xiaobo, wiens stoel bij de uitreiking van de Nobelprijs voor de Vrede in 2010 leeg bleef, omdat hij in de gevangenis zat. The Empty Chair werd op verschillende plekken in Nederland tentoongesteld en kreeg veel aandacht van media in binnen- en buitenland.
Samenwerkingspartners
Nederlandse politici spraken tijdens hun bezoeken aan China over de vrijheid van meningsuiting en vervolgde schrijvers, Nederlandse auteurs ontmoetten in Beijing Chinese dissidenten, we haalden geld op voor het PEN Emergency Fund en er was veel aandacht voor vervolgde Chinese schrijvers in de Nederlandse media.
Minister Verhagen uitte in China zijn zorgen over de golf van repressie van advocaten, journalisten, activisten en kunstenaars en sprak de advocaat van Liu Xiaobo. Staatssecretaris Zijlstra kaartte het belang van de vrijheid van meningsuiting publiekelijk aan tijdens zijn bezoek aan de boekenbeurs in Beijing en sprak achter gesloten deuren meermaals over de drie Amnesty-cases. Burgemeester Van der Laan van Amsterdam sprak tijdens een handelsmissie naar China over vrijheid van meningsuiting.
Er was politieke aandacht in de Tweede Kamer voor huisarresten die tijdens de boekenbeurs plaatsvonden en werd de mensenrechtennotitie Verantwoordelijk voor Vrijheid werd naar het Chinees vertaald en op de website van de Nederlandse ambassade gezet.
Verschillende Nederlandse schrijvers die naar Beijing gingen, besteedden daar aandacht aan de vrijheid van meningsuiting. Sommigen van hen ontmoetten ook kritische denkers.
We haalden € 23.000 op voor het PEN Emergency Fund (streven: € 10.000). We reserveerden € 10.000 voor de organisatie van een conferentie in 2012 samen met het Independent Chinese PEN Center.
Onafhankelijke Chinese filmers kregen een technische training.
Er was veel media-aandacht in Nederland rondom de boekenbeurs in Beijing. Ook in de maanden daarvoor berichtten media erover, mede dankzij de auteurs die Amnesty had geïnformeerd. Verschillende schrijvers lieten in de media hun afkeuring blijken over de vraag van Amnesty om een speldje op te doen tijdens hun bezoek aan de boekenbeurs. Positief daaraan was dat onze campagne veel aandacht kreeg. Uit onderzoek bleek dat de meerderheid van de Nederlandse bevolking positief over de campagne dacht.
De inzet van Nederlandse politici was minder groot dan gehoopt, het aantal ontmoetingen tussen Nederlandse en Chinese schrijvers was beperkt en de drie schrijvers van onze campagne werden niet vrijgelaten.
Minister Rosenthal en de Nederlandse ambassade spraken voor zover wij weten in China niet over de drie schrijvers voor wie wij actie voerden.
Amnesty-directeur Eduard Nazarski was niet welkom op de Chinese ambassade.
De drie schrijvers voor wie we actie voerden zijn niet vrijgelaten.
De campagne ‘Steun de vervolgde schrijvers in China’ is na afloop geëvalueerd. Daarvoor zijn zowel medewerkers van Amnesty Nederland geïnterviewd als enkele betrokkenen van buiten de organisatie, zoals de schrijvers Ramsey Nasr en Geert Mak, journalist Frénk van der Linden en de voorzitter van het Nederlands Letteren Fonds Henk Pröpper.
Uit de evaluatie bleek dat er tijdens de campagne strategisch een zekere spanning is ontstaan tussen twee werkwijzen. Proberen we de situatie in China te beïnvloeden met stille diplomatie, van binnenuit, discreet en met partners ‘op de grond’? Of kiezen we voor openlijk protest en massale publieksmobilisatie?
Het bleek in de praktijk een lastige spagaat. Dit kwam deels doordat de doelstellingen van de campagne zowel in Nederland lagen (het betrekken van schrijvers, uitgevers, de Nederlandse politiek en het publiek) als in China zelf (het verbeteren van de situatie van vervolgde schrijvers en van mensenrechtenverdedigers). Toen de boekenbeurs van Beijing, de Amnesty-campagne en de opstelling van de Nederlandse schrijvers onderwerp werden van een zeer polariserend publiek debat, kwam de tegenstelling tussen deze twee invalshoeken aan het licht, met Amnesty in een verdedigende rol. Ondanks het feit dat uit onderzoek is gebleken dat het Nederlandse publiek positief stond tegenover de Amnesty-actie, zal in de relatie met de schrijvers het nodige geïnvesteerd moeten worden. De evaluatie beveelt wat dit betreft aan het China-debat in Nederland nader te analyseren, en te investeren in het formuleren van een langetermijnstrategie met betrekking tot China.
Over de keuze van ‘het brede publiek’ als doelgroep, en het bijbehorende middel van de massale petitie, was de evaluatie kritisch. Er werden veel handtekeningen opgehaald onder de petities, maar voor het doel om Nederlandse schrijvers, uitgevers en politici in beweging te krijgen, was het wellicht beter geweest meer te investeren in de relatie met opinievormers.
Commotie om een speldje
Een Amnesty-speldje kreeg in september zeer veel aandacht in de Nederlandse media. Amnesty had de Nederlandse schrijvers die naar de boekenbeurs in Beijing gingen gevraagd aandacht te schenken aan de situatie van hun vervolgde collega’s in China. Wij suggereerden de schrijvers om, als teken van solidariteit, een speldje te dragen: een miniatuurversie van ‘The Empty Chair’ van kunstenaar Maarten Baas. Baas maakte zijn ‘Empty Chair’ als eerbetoon aan Nobelprijswinnaar Liu Xiaobo, die niet naar de uitreiking in Oslo kon komen omdat hij gevangen zit.
Het speldje ging, onbedoeld, werken als een soort lakmoesproef. In de media volgde er een enorme discussie over de vraag hoe mensenrechten in China het beste aan de orde konden worden gesteld. De enorme publiciteit overviel alle betrokkenen. Het had wel een zeer positief effect op de zichtbaarheid van en de discussie over de campagne en de inhoudelijke boodschap. Uit evaluatie-onderzoek bleek dat het Nederlandse publiek positief staat tegenover deze Amnesty-actie. In de relatie met de schrijvers zal echter nog het nodige geïnvesteerd moeten worden.
Met de revoluties in Tunesië en Egypte als voorbeeld kwamen in 2011 mensen in de hele regio in opstand tegen hun machthebbers. Zij eisten hun rechten op. Hierdoor ontstond een onzekere situatie, die mogelijk kansen biedt voor verbeteringen op het gebied van de mensenrechten.
Wat er moet gebeuren
Amnesty International speelt in op de mogelijkheden voor verbetering van de mensenrechten. We zien toe op gerechtigheid voor slachtoffers van mensenrechtenschendingen van voor, tijdens en na de Arabische Lente. Ook zien we erop toe dat de hervormingen die worden ingezet voldoen aan mensenrechtencriteria. Dit doen we zoveel mogelijk in samenwerking met lokale organisaties.
Amnesty Nederland wil:
We zorgden voor veel media-aandacht en acties voor landen in crisis, werkten met lokale organisaties in Egypte en Tunesië en startten een campagne voor mensenrechten in het Midden-Oosten en Noord-Afrika.
Amnesty’s Internationaal Secretariaat zat in 2011 met de neus op de gebeurtenissen in Noord-Afrika en het Midden-Oosten. Amnesty-onderzoekers waren ter plekke in onder andere Tunesië, Egypte, Bahrein, Libië en Irak en hadden intensief contact met mensen uit de hele regio. Zij constateerden allerhande mensenrechtenschendingen en brachten hierover verslag uit in rapporten en blogs. De persberichten die onder meer Amnesty Nederland verspreidde, kregen veel media-aandacht.
Er waren veel crisisacties, waaraan wereldwijd Amnesty-vrijwilligers meededen. Amnesty Nederland deed ook mee aan al deze acties. Zo waren er schrijfacties voor onder meer Irak, Bahrein, Jemen, Syrië en Egypte. We maakten bij het actievoeren ook veel gebruik van onze website, Facebook en Twitter.
Via lobby probeert Amnesty te bereiken dat onder meer de Nederlandse regering en de EU de druk op de autoriteiten in de regio om de mensenrechten te hervormen opvoeren.
Egypte en Tunesië
Amnesty Nederland organiseerde in oktober op verzoek van Egyptische ngo’s een workshop over hervormingen van de politie- en veiligheidssector In december 2011 faciliteerden we in Nederland een vervolgtraining.
We onderzochten mogelijkheden om samen met een Tunesische partner onderzoek naar schendingen en hervormingen te bevorderen.
We nodigden Egyptische medewerkers van ngo’s en bloggers uit om in Nederland of telefonisch te spreken met ons ministerie van Buitenlandse Zaken en journalisten.
We voerden een petitie-actie voor deelname van vrouwen aan de hervormingen in Egypte (10.747 handtekeningen), een e-mailactie naar aanleiding van hardhandig optreden tegen demonstranten in november in Egypte, en ons Write for Rights Netwerk van vierduizend deelnemers stuurde brieven over straffeloosheid voor mensenrechtenschendingen naar de Tunesische en Egyptische autoriteiten.
Libië
We lobbyden bij de Nederlandse autoriteiten om migranten niet uit te zetten naar Libië.
We brachten bij de Nederlandse autoriteiten de situatie van vluchtelingen uit Libië in vluchtelingenkampen in Egypte en Tunesië onder de aandacht. Daarnaast spraken wij ons in verklaringen uit voor verwijzing van de situatie in Libië door de VN-Veiligheidsraad naar het Internationaal Strafhof. Daarmee zou vervolging en berechting mogelijk worden van oorlogsmisdrijven en misdrijven tegen de menselijkheid begaan in Libië ten tijde van de opstand. Het Libische rechtssysteem bood naar onze mening onvoldoende garanties voor eerlijke en effectieve berechting daarvan. In december riepen we via een schrijfactie de nieuwe Libische machthebbers op de mensenrechten te respecteren en straffeloosheid te bestrijden.
Campagne voor mensenrechten in het Midden-Oosten en Noord-Afrika
In december startten we onder de slogan ‘Laat de Arabische Lente geen illusie worden’ een campagne voor mensenrechten in het Midden-Oosten en Noord-Afrika. Deze campagne zal ten minste een jaar gaan duren. We begonnen op 9 december met een debat waarin Nederlandse Midden-Oostendeskundigen, Amnesty-onderzoeker Donatela Rovera, Egyptische mensenrechtenverdedigers en Tweede Kamerleden ten overstaan van een 350-koppig publiek de balans opmaakten van één jaar Arabische Lente.
In het hele land verzamelden vrijwilligers van de lokale Amnesty-groepen op en rond 10 december – de Dag van de Mensenrechten – handtekeningen onder een petitie voor opheffing van de noodtoestand in Egypte. Ook voerden we vanaf augustus 2011 actie voor een sterke resolutie van de VN-Veiligheidsraad om de genadeloze repressie in Syrië te stoppen. Onze petitie-actie was gericht aan de dwarsliggers in die Veiligheidsraad: Brazilië, Zuid-Afrika en India.
Activiteit elders
Amnesty’s Internationaal Secretariaat schreef voor Tunesië, Egypte en Libië, waar in 2011 een omwenteling plaatsvond een Human Rights Agenda for Change en legde deze voor aan de politieke partijen in de eerste twee landen en aan de Nationale Overgangsraad in Libië. Als de nieuwe autoriteiten de aanbevelingen die in de Agenda’s staan als leidraad nemen voor hun hervormingen, zijn de mensenrechten gewaarborgd. De meeste partijen onderschreven de aanbevelingen, maar maakten daarbij uitzonderingen voor bijvoorbeeld het stoppen van discriminatie, de rechten van vrouwen en het afschaffen van de doodstraf.
Samenwerkingspartners
Nederlandse politici en journalisten besteedden aandacht aan onze berichten. Libische asielzoekers mochten in Nederland blijven.
Het rapport Broken promises: Egypt’s military rulers erode human rights, over mensenrechtenschendingen door de Egyptische Opperste Raad van de Strijdkrachten, kreeg veel media-aandacht: het NOS-journaal, Radio 1 journaal, RTL Nieuws, BNR, Nu.nl en de meeste dagbladen berichtten erover. Dat gold ook voor veel van onze andere rapporten en persberichten.
Het Nederlands ministerie van Buitenlandse Zaken nodigt regelmatig ngo-activisten uit de Arabische wereld uit en onderkent het belang van deze contacten.
Deelnemers aan de politieworkshop in Egypte raakten doordrongen van de noodzaak een gemeenschappelijke strategie, realistische doelen en een stappenplan voor de hervorming van het politieapparaat te ontwikkelen. Zij wisselden van gedachten over de uitdagingen waarvoor ze bij specifieke onderwerpen zullen komen te staan. We blijven de ngo’s ondersteunen.
Op 14 april stelde Nederland voor Libische asielzoekers een vertrekmoratorium en een besluitmoratorium van zes maanden in. Deze werden later verlengd.
Op 26 februari verwees de VN-veiligheidsraad Libië door naar het Internationaal Strafhof, op 27 juni vaardigde dat Hof een arrestatiebevel voor Kadhafi uit.
In Tunesië kwamen de geplande samenwerkingen niet van de grond.
We gingen niet in op een verzoek van het ministerie van Binnenlandse Zaken in Tunesië om trainingen te faciliteren ten behoeve van de veiligheidssector, omdat we onvoldoende garanties kregen dat onze onafhankelijkheid hierbij gewaarborgd was.
We slaagden er niet in een projectplan voor documentatie van mensenrechtenschendingen van voor de revolutie in Tunesië te ontwikkelingen. Dit was onder meer te wijten aan de beperkte capaciteit van onze Tunesische samenwerkingspartner. We blijven in contact met Tunesische mensenrechtenorganisaties over hervormingen.
Onze inzet op dit onderwerp was niet van tevoren gepland, maar werd afgedwongen door de actualiteit in de regio. Er werd snel een klein crisis response team samengesteld, waarin de mensen met de juiste expertise samenkwamen. Zij moesten snel schakelen. We slaagden erin, geholpen door de vele rapporten, beschrijvingen van individuele zaken en blogs van het Internationaal Secretariaat, een constante publiciteitsstroom te genereren. In 2012 willen we meer actievoeren voor mensenrechten in het Midden-Oosten.
De Nederlandse overheid komt haar internationale verplichtingen om in het basisonderwijs en middelbaar onderwijs aandacht te besteden aan mensenrechten niet na.
Wat er moet gebeuren
Uiteindelijk wil Amnesty International bereiken dat het onderwijsaanbod in Nederland gebaseerd is op principes van mensenrechteneducatie. We lobbyen hiervoor bij de politiek, direct en als lid van het Platform Mensenrechteneducatie. Intussen zorgen we ervoor dat Nederlandse scholieren degelijk mensenrechtenonderwijs krijgen. Getrainde gastdocenten geven hiertoe met behulp van aantrekkelijke lesmaterialen gastlessen op scholen.
Amnesty Nederland wil het scholenwerk versterken door:
We verzorgden trainingen voor onze scholenwerkers, ontwikkelden nieuw lesmateriaal en centraliseerden de coördinatie van de gastlessen.
Op 11 februari organiseerden we de conferentie ‘Jong geleerd is oud gedaan’. De landelijke conferentie diende als aftrap voor de trainingen mensenrechteneducatie. Vrijwilligers uit het hele land ontmoetten er elkaar, werden inhoudelijk bijgespijkerd en raakten geïnspireerd. Aan de conferentie namen 150 scholenwerkers en -bezoekers deel. Zij gaven in de evaluatie aan enthousiast te zijn over de conferentie.
We organiseerden in elke regio twee tweedaagse trainingen voor vrijwilligers die gastlessen geven op scholen (scholenwerkers) en een training voor vrijwilligers die bij scholen langsgaan om de Amnesty-lesmaterialen onder de aandacht te brengen (scholenbezoekers). Deelnemers die de training met goed gevolg doorliepen, kregen een certificaat en we sloten een contract met hen af. In dat contract staat een aantal afspraken, zoals het regelmatig bekijken van de website www.amnestyopschool.nl, het lezen van de nieuwsbrief en ten minste twee maal per jaar een gastles geven op een school.
Vanaf schooljaar 2013 – 2014 mogen er alleen nog getrainde vrijwilligers namens Amnesty gastlessen verzorgen in onderwijsinstellingen.
Om gastlesaanvragen beter te kunnen afhandelen, stelden we een coördinator scholenwerk aan die sinds september 2011 de aanvragen van gastlessen behandelt vanuit ons hoofdkantoor, waar dat voorheen in de verschillende regio’s gebeurde. We ontwikkelden ook een duidelijke pagina op onze website waarop de lesaanvragen centraal binnenkomen. De coördinator scholenwerk belt de aanvrager, overlegt over de mogelijkheden en zoekt een gastdocent in de buurt van de onderwijsinstelling. De coördinator scholenwerk speelt ook een rol in de evaluatie van de lessen.
We ontwikkelden lesmateriaal over het leven van de familie Muthuku in een sloppenwijk in Kenia. Het project Meet the Muthuku family is bedoeld voor groep 6, 7 en 8 van het basisonderwijs en brugklassen in het voortgezet onderwijs. Begin 2012 kunnen scholen met het materiaal aan de slag. Er komt een breed scala aan mensenrechten in aan bod, met name economische, sociale en culturele rechten, en het wordt aangeboden als project voor, bijvoorbeeld, een hele week. Ook kunnen er losse (gast)lessen mee gegeven worden, die elk een ander thema behandelen. Het materiaal is ontwikkeld rondom een door Amnesty Nederland gemaakte tiendelige serie over de familie Muthuku, die woont in de sloppenwijk Mukuru Kayaba in Nairobi. De serie is in september 2011 door de KRO uitgezonden en werd daarna op festivals vertoond.
Samenwerkingspartners
We verbeterden de kwaliteit van de mensenrechteneducatie: onze vrijwilligers bereikten met gastlessen, Maatschappelijke Stages en acties op scholen tussen de 60.000 en 70.000 leerlingen in het basisonderwijs en voortgezet onderwijs, we leidden een groot deel van onze scholenwerkers op en verbeterden de coördinatie van ons scholenwerk.
In het schooljaar 2010-2011 gaven Amnesty-vrijwilligers ten minste 2.000 gastlessen. De meeste gastlessen werden gegeven op basisscholen in groep 7 en 8.
We certificeerden en contracteerden 115 scholenwerkers (doel: 200) en 12 scholenbezoekers (doel: 40).
Onderwijsinstellingen lijken ons beter te kunnen vinden door de centrale coördinatie van het scholenwerk: in de maanden september – december 2011 vroegen 51 scholen bij de coördinator scholenwerk gastlessen aan, waar voorheen jaarlijks in alle regio’s bij elkaar zo’n 85 aanvragen binnenkwamen. We ontvingen enthousiaste reacties van zowel leerkrachten van de onderwijsinstellingen als onze gastdocenten.
We leidden minder scholenwerkers op dan gehoopt en hebben nog geen impactanalyse gedaan van onze gastlessen.
We behaalden ons doel om tweehonderd scholenwerkers en veertig scholenbezoekers te certificeren en contracteren niet. Veel mensen die zich voor de trainingen inschreven, kwamen niet.
Trainingen voor scholenwerkers in de regio Brabant/Limburg moesten we afgelasten wegens te weinig aanmeldingen. In 2012 zullen we vrijwilligers in deze regio gaan werven.
De voorgenomen impactanalyse (wat beklijft bij leerlingen na een gastles van Amnesty?) is in 2011 niet van de grond gekomen. Vanaf begin 2012 gaan we hiermee aan de slag.
In 2011 hebben we flink kunnen werken aan een basis voor versterkt scholenwerk. Die basis is nog niet klaar, maar we hebben in een jaar tijd een aantal grote stappen kunnen zetten, zoals het centraal coördineren van gastlessen, de organisatie van de conferentie en het ontwikkelen van de tweedaagse training. Het beleid moet verder worden uitgewerkt in de komende jaren, maar lijkt succesvol. Ook bijvoorbeeld op het gebied van de Maatschappelijke Stage hebben wij vorderingen gemaakt: we hebben een goed aanbod dat scholieren aanspreekt. De komende jaren zal Amnesty regionaal en lokaal de kansen die er zijn op het gebied van Maatschappelijke Stages grijpen.
Amnesty International beoogt mensenrechten wereldwijd te promoten, te verdedigen en te realiseren. De organisatie is echter niet overal ter wereld even sterk vertegenwoordigd.
Wat er moet gebeuren
Vooral in Afrika, Azië en het Midden-Oosten wil Amnesty International haar aanwezigheid vergroten om daar meer invloed te hebben op de naleving van de mensenrechten. Amnesty Nederland deelt haar expertise om de internationale mensenrechtenbeweging te versterken.
Amnesty Nederland wil:
We werkten in 2011 nauw samen met kleine nationale Amnesty-afdelingen, werkten met rurale gemeenschappen in Sierra Leone, Oeganda en Burundi en werkten aan een groeistrategie voor de BRICS-landen (Brazilië, Rusland, India, China en (Zuid-)Afrika).
Kleine nationale Amnesty-afdelingen
Door middel van structurele partnerschappen ondersteunt Amnesty Nederland vier Amnesty-afdelingen om hun capaciteit en daarmee de effectiviteit van hun werk te vergroten. Deze afdelingen zijn: Amnesty Marokko, Turkije, Filipijnen en Israël. In 2011 lag de nadruk op de verbetering van de ICT-functies bij de Turkse afdeling, er werd beleidsmatig en managementadvies gegeven, een persvoorlichter en campagnemedewerkers werden getraind en er was ondersteuning bij tentoonstellingen en campagnes.
Daarnaast werkten we in 2011 mee aan een aantal projecten van andere nationale Amnesty-afdelingen, waaronder:
SPA
Amnesty’s Speciaal Programma voor Afrika (SPA) richt zich op het vergroten van de capaciteit van lokale Afrikaanse mensenrechtenorganisaties. SPA gaat onder andere samenwerkingsverbanden aan met lokale Afrikaanse organisaties en traint mensenrechtenactivisten in het doen van onderzoek naar schendingen. Het programma ontwikkelt daarnaast ook trainingsmateriaal, en ontwikkelt in samenwerking met Afrikaanse partners methoden om kennis omtrent mensenrechten in de rurale gebieden te vergroten en lokaal toegankelijk te maken.
In 2011 evalueerde SPA haar werk in Sierra Leone, waar zij de afgelopen vijf jaar met vijf lokale partnerorganisaties in rurale gemeenschappen workshops en dialoogsessies over community justice, geweld tegen vrouwen en vrouwenbesnijdenis organiseerde en waar de partners ook juridische bijstand verleenden. Voor de evaluatie werden zo’n twaalfhonderd mensen geïnterviewd. De resultaten van de evaluatie en de aanbevelingen werden in december met de lokale partners besproken.
In Noord-Oeganda startte SPA naast de reeds lopende projecten voor lokale mensenrechtenwerkers en vrouwengroepen een project voor bewustwording van jongeren, zodat zij zich op een positieve manier gaan inzetten voor mensenrechten en de samenleving. SPA werkt samen met zeven lokale organisaties, waaronder twee districtsnetwerken van ngo’s en enkele community-based organisations. Het project zal vijf jaar duren.
In Burundi is een coalitie van acht partnerorganisaties gevormd, is een projectcoördinator aangesteld en zijn de eerste trainingen van de partners afgerond. Vier projectvoorstellen worden in 2012 verder uitgewerkt.
Groei van de Amnesty-beweging
Amnesty wil haar aanwezigheid in Afrika vergroten en lokale, Afrikaanse mensenrechtenbewegingen versterken. Daarnaast gaat de prioriteit voor de groei van de Amnesty-beweging uit naar de BRICS-landen: Brazilië, Rusland, India, China en (Zuid-)Afrika. Amnesty moet over vijf jaar meer aanwezig zijn in deze nieuwe economische en politieke grootmachten, om meer invloed te hebben op de interne mensenrechtensituatie en op het buitenlandbeleid van deze landen. Internationaal ontwikkelt Amnesty daarom een groeistrategie voor elk BRICS-land.
Amnesty Nederland leverde in 2011 een belangrijke inhoudelijke bijdrage aan internationale overleggen over een te ontwikkelen groeistrategie in Afrika. We zegden daarnaast toe om – op basis van een uitgewerkt meerjarenplan – 4 miljoen euro te investeren in dit Afrika-project.
Samenwerkingspartners
Naast de intensieve samenwerking met het IS en zuidelijke partnerorganisaties, is er in 2011 samengewerkt met de volgende organisaties:
Andere Amnesty-afdelingen en Amnesty als geheel profiteerden van onze samenwerking, het SPA-werk in Sierra Leone is effectief en we ontwikkelden groeistrategieën voor Brazilië en India.
Andere Amnesty-afdelingen
Diverse Amnesty-afdelingen hebben onze materialen en adviezen actief ingezet. De Turkse en Israëlische collega’s hebben hun positiebepaling, visie en toekomstplannen samen met ons gemaakt. De Marokkaanse afdeling heeft haar organisatieontwikkelingsplannen in een sessie met AINL vastgesteld.
Door jarenlange intensieve contacten met veel collega’s wereldwijd kunnen we het Internationaal Secretariaat (IS), waarmee we als grote afdeling nauw contact hebben, goed adviseren over kleine Amnesty-afdelingen. Dat is goed voor de Amnesty-beweging als geheel. Het Nederlandse model van bilaterale samenwerking dient inmiddels als voorbeeld van ‘good practice’ voor het IS en andere nationale Amnesty-afdelingen.
SPA
Uit de evaluatie in Sierra Leone bleek dat ‘grassroots’-benaderingen effectief zijn. Met lokale partners en getrainde human rights monitors kan de toegang tot recht en rechtvaardigheid voor lokale gemeenschappen aantoonbaar worden vergroot. Ook heeft de evaluatie vastgesteld dat de kennis van mensenrechten en relevante lokale wetten significant is toegenomen. De meerderheid van de geïnterviewden gaf aan dat huiselijk en seksueel geweld tegen vrouwen – waaronder traditionele praktijken als vrouwenbesnijdenis – zijn afgenomen. Hoewel hard bewijs hiervoor ontbreekt, is het duidelijk dat de gebruikelijke normen rondom deze thema’s veranderd zijn. Geweld tegen vrouwen en besnijdenis worden nu openlijk door veel mensen veroordeeld en zelfs vaak aangegeven bij de politie. Festiviteiten die normaliter volgen op meisjesbesnijdenis, vinden niet of nauwelijks meer plaats. Dit kan echter ook betekenen dat besnijdenis meer in het geheim plaatsvindt.
Het opstarten van het SPA-netwerk in Burundi is grotendeels volbracht. In het begin verliep het moeizaam, en was er sprake van wantrouwen tussen de partners. Het vertrouwen lijkt grotendeels hersteld, waardoor de onderlinge samenwerking tussen partners nu veel voorspoediger verloopt.
De eerste vier handboeken in de serie ‘Haki Zetu’ over sociale, economische en culturele rechten, vertaalden we in 2011 in het Frans en Portugees. Ze werden officieel gelanceerd op het ngo-forum van de Afrikaanse mensenrechtencommissie, en daarna breed verspreid onder Afrikaanse mensenrechtenorganisaties.
Groei van de Amnesty-beweging
Er zijn groeistrategieën voor Brazilië en India ontwikkeld om Amnesty’s aanwezigheid in die landen te vergroten en meer impact te kunnen hebben. In beide landen worden Amnesty-kantoren heropend. Die moeten in 2012 operationeel zijn.
Een aantal samenwerkingsprojecten ging niet door en de ontwikkeling van een groeistrategie voor Amnesty in Afrika liep vertraging op.
Andere Amnesty-afdelingen
Door een reorganisatie op het Internationaal Secretariaat (IS) liepen een aantal onderzoeken op het gebied van mijnbouw vertraging op, waardoor een geplande samenwerking over dit onderwerp met Amnesty Filipijnen niet kon doorgaan en activiteiten in Senegal slechts ten dele zijn uitgevoerd. Plannen voor grotere regionale jeugdactiviteiten in het Midden-Oosten en Noord-Afrika in samenwerking met Amnesty Marokko, kwamen door interne wisselingen op het IS niet van de grond.
Groei van de Amnesty-beweging
De ontwikkeling van een groeistrategie voor de mensenrechtenbeweging in Afrika heeft vertraging opgelopen door een grootschalige reorganisatie op het Internationaal Secretariaat. Amnesty Nederland heeft 4 miljoen euro toegezegd voor de groei van de mensenrechtenbeweging in Afrika. Dit geld zal worden overgemaakt zodra de plannen ver genoeg ontwikkeld zijn om aan de uitvoering te beginnen. We hadden erop gerekend dat dat in 2011 zou gebeuren, door de organisatieverandering in Londen is dat nog niet gelukt. De doelstelling blijft om te beginnen met de uitvoering zodra de strategie is uitgewerkt, in 2012 verwacht AINL een financiële bijdrage te kunnen overmaken.
Andere Amnesty-afdelingen
De ondersteuning van kleinere nationale Amnesty-afdelingen beschouwen we als succesvol. Vooral met de afdelingen in Israël en Turkije bestaat een intensieve samenwerkingsrelatie. Ons partnerschap met Amnesty Filipijnen zullen we in 2012 verder gaan uitwerken. Dankzij onze partnerschappen lijken de ‘zuidelijke’ Amnesty-afdelingen een sterkere positie binnen de wereldwijde beweging te hebben gekregen. Onze inzet is dat de mondiale Amnesty-beweging hierdoor minder westers georiënteerd en diverser wordt. Met een grotere mensenrechtenbeweging buiten Europa, denken we de impact van Amnesty’s werk te kunnen vergroten.
SPA
Uit de evaluatie van het langstlopende Sierra Leone-programma blijkt dat de manier van werken van SPA, vanuit een community-based en bottom-up benadering, een zeer effectieve is. Voor het Burundi-programma was 2011 vooral een jaar van noodzakelijke voorbereidingen om het programma van de grond te krijgen. Na wat extra inspanningen is dat gelukt. Het jongerenbewustwordingsproject in Oeganda heeft zich in 2011 verder positief ontwikkeld. Zo zijn de partners intensiever gaan samenwerken en is er gestart met de mobilisatie en voorlichting van geselecteerde jeugdgroepen. SPA zal doorgaan met de uitvoering van nieuwe en bestaande programma’s.
Groei van de Amnesty-beweging
De ontwikkeling van de groeistrategie voor Afrika heeft internationaal vertraging opgelopen. Dit komt doordat het onlosmakelijk verbonden is met een omvangrijk reorganisatieplan en een deconcentratie van het Internationaal Secretariaat om de aanwezigheid en relevantie in het Zuiden te bevorderen. Ook de aandacht van Amnesty Nederland is daarmee verschoven van de groeistrategie naar het bredere reorganisatieplan. Amnesty Nederland blijft nauw betrokken bij dit proces. Zodra we een helder beeld hebben van de groeiplannen voor Afrika wil Amnesty Nederland zich beraden over de besteding van de toegezegde 4 miljoen euro, zodat we voor een adequate verantwoording kunnen zorgen. Er is besloten om van ‘Groei in Afrika’ een hoofdpunt voor 2012 te maken.
In 2011 vierde Amnesty International haar vijftigjarig bestaan. Wat begon met de woede van één man, de Britse advocaat Peter Benenson, is uitgegroeid tot een organisatie die miljoenen mensen op de been brengt. Met verschillende activiteiten keken we terug op vijftig jaar strijden voor de mensenrechten. Amnesty’s achterban stond centraal in de viering.
Amnesty Nederland wil:
De vijftigste verjaardag van Amnesty International is in het hele land op indrukwekkende wijze gevierd. Er waren jubileumbijeenkomsten, affichetentoonstellingen, publicaties over de Amnesty-geschiedenis in onze tijdschriften en een speciale jubileumwebsite.
Voor Amnesty-leden verzorgden EnsembleCaméléon en dichteres Jana Beranová een muzikaal en literair programma in vier musea in het land. Op 26 en 27 mei waren er debatavonden in Amsterdam over de rol van Amnesty in een veranderende wereld. Op Amnesty’s verjaardag zelf, 28 mei, zagen zo’n vijfhonderd leden en sympathisanten in Amsterdam een indrukwekkend programma met onder anderen Kees van Kooten, Halina Reijn, Eva van de Wijdeven en Waldemar Torenstra. Janine Jansen gaf een concert voor Amnesty-leden.
Tientallen lokale Amnesty-groepen organiseerden tentoonstellingen van historische Amnesty-affiches.
Op de website 50jaar.amnesty.nl boden we een tijdreis door de geschiedenis van Amnesty. Bezoekers van de site konden het meest belangrijke moment voor de mensenrechten van de afgelopen vijftig jaar kiezen en vonden er de verhalen van mensenrechtenverdedigers en Amnesty-activisten van toen en nu. De Amnesty-bladen AmnestyNu en Wordt Vervolgd wijdden speciale edities aan het jubileum, Amnesty in Actie besteedde er maandelijks aandacht aan.
Voor professionele stakeholders (journalisten, juristen, beleidsmakers, collega-ngo’s, academici) waren er een mensenrechtenconferentie op 29 maart rondom de wereldpremière van een documentaire over Amnesty, debatavonden op 26 en 27 mei en een samen met het SIM georganiseerde wetenschappelijke publicatie en seminar op 8 december.
Samenwerkingspartners
De activiteiten werden goed bezocht en de reacties van alle doelgroepen waren positief. Driekwart van de leden was ervan doordrongen dat wij vijftig jaar bestonden.
Het bereik van onze speciale jubileumwebsite (in de eerste twee maanden 4.500 bezoekers) en andere materialen die we ontwikkelden om ons jubileum te vieren, was minder groot dan gehoopt.
We zijn tevreden over onze jubileumviering. Er waren veel succesvolle activiteiten voor de verschillende doelgroepen. Veel Nederlanders hebben iets gehoord of gelezen over het jubileum en de activiteiten waren goed bezocht.
Belangrijk leerpunt is dat we de jubileumviering en soortgelijke activiteiten nog beter kunnen inbedden in een langer lopend loyaliteitsprogramma richting de achterban. Dan kan de goodwill en betrokkenheid die wordt gecreëerd ook worden vastgehouden.
Dagelijks stromen op de Amnesty-kantoren vele berichten binnen over mensen van wie de mensenrechten worden geschonden. Berichten over gewetensgevangenen, mensen die worden bedreigd, gevangenen die worden gemarteld, gemeenschappen die van hun land worden verdreven. Deze berichten schreeuwen om een reactie.
Wat er moet gebeuren
Schrijfacties door individuele actievoerders of in groepsverband behoren al sinds Amnesty’s oprichting tot ons werk. We voeren enkele honderden acties per jaar. De actievoerders versturen brieven, e-mails, faxen, sms-berichten, tweets en facebookberichten aan autoriteiten. Cruciaal hierbij is dat Amnesty-sympathisanten van over de hele wereld in actie komen, waardoor duidelijk wordt gemaakt dat er wereldwijde aandacht is voor de betreffende zaak.
Sinds 2011 neemt Amnesty Nederland alleen deel aan schrijfacties die gericht zijn op onze prioriteitslanden en hoofdpunten. Hiermee willen we versnippering van onze aandacht vermijden en impact vergroten. We doen wel aan alle bliksemacties mee, omdat snelheid en massaliteit daarbij van groot belang zijn.
Amnesty Nederland wil:
Bliksemacties
Bliksemacties worden gevoerd als iemand in direct levensgevaar verkeert, bijvoorbeeld door marteling of terdoodveroordeling. Deelnemers aan deze acties sturen zelf zo snel mogelijk een brief of e-mail naar autoriteiten op basis van toegezonden Engelstalige informatie.
Wereldwijd doen er zo’n 80.000 mensen aan deze acties mee. Amnesty Nederland deed in 2011 mee aan alle 606 bliksemacties die het Internationaal Secretariaat aan het wereldwijde Bliksemactienetwerk uitstuurde.
Hieronder waren 367 nieuwe acties en 239 vervolgacties. De meeste nieuwe acties waren gericht op Mexico (32 acties, merendeels voor met de dood bedreigde personen). Daarnaast richtten veel acties zich op Syrië (28 acties, de meeste over incommunicado detentie / vrees voor marteling). De regio waarop verreweg de meeste acties gericht waren was het Midden-Oosten en Noord-Afrika, met 127 nieuwe acties en 154 updates.
E-mail en sms
Naast bliksemacties stuurt Amnesty ook e-mail en sms-acties uit voor urgente zaken. Deelnemers ontvangen twee keer per maand een actie per e-mail of sms. Door bericht naar ons terug te sturen, zetten zij hun handtekening onder een petitie die Amnesty naar de autoriteiten in het desbetreffende land verstuurt. De respons op de e-mailacties ligt gemiddeld op 35 procent. Op elke sms-actie die Amnesty uitstuurt, antwoordt zo’n 60 procent van de deelnemers.
Write for Rights-acties
Deelnemers aan de Write for Rights-acties krijgen tien keer per jaar een actie-oproep in hun e-mailbox voor drie tot vijf schrijfacties. Het betreft meestal langer lopende zaken. De onderwerpen van de acties betreffen onze lopende campagnes, onze prioriteitslanden of een onderwerp gerelateerd aan de voormalige beroeps- en themanetwerken, waarbij mensen vanuit hun speciale interesse voor een onderwerp in actie kwamen. Op basis van de geleverde informatie kunnen deelnemers aan de Write for Rights-acties zelf een brief of e-mail schrijven.
RSVP
RSVP-acties (Reageer, Schrijf, Vraag, Protesteer) zijn zaken die door het Internationaal Secretariaat worden geselecteerd en waarvoor over de hele wereld per post actie wordt gevoerd. Elke maand brengen we drie nieuwe RSVP-acties uit, merendeels gericht op individuen.
Actieplatform
In het Actieplatform bewaren we de e-mailadressen van mensen die aan een van onze acties hebben meegedaan, maar die zich niet inschreven voor onze schrijfacties. Per e-mail vragen we hen nu en dan mee te doen aan een actie op onze website. Zo’n 20 procent komt daadwerkelijk in actie. Dit responspercentage is relatief lager, onder andere doordat e-mailadressenbestanden snel verouderen.
| Soorten acties | Aantal acties 2011 | Aantal inschrijvingen |
|---|---|---|
| Totaal | 698 | 187.107 |
| Bliksemacties | 606 | 4.625 |
| Write for Rights | 12 mailings met ca. 3 acties | 4.784 |
| E-mailacties | 20 | 65.868 |
| Sms-acties | 19 | 4.110 |
| RSVP | 12 | 2.255 |
| Actieplatform | 5 | 105.465 |
Twitter en Facebook
In 2011 zetten we onze sociale media vaker in voor actie. Elke belangrijke petitie die we op onze website plaatsten, verspreidden we ook via de sociale media. Daarnaast bedachten we een aantal acties speciaal voor deze media. We maakten het mogelijk binnen Facebook petities te tekenen, waardoor gebruikers niet eerst naar onze website hoeven te gaan en zij de actie makkelijker kunnen delen met hun vrienden.
Twitter zetten we een keer of tien in om autoriteiten direct aan te spreken. Zo riepen we in oktober vanaf het Amnesty-twitteraccount twitteraars op massaal tweets te sturen naar verschillende autoriteiten in Nigeria om huisuitzettingen tegen te gaan. Honderden twitteraars gaven aan deze oproep gehoor. Oproepen tot actie tegen de executie van de Amerikaan Troy Davis, onder de noemer ‘#too much doubt’, leverden wereldwijd 1 miljoen handtekeningen op.
Groetenacties
De meeste schrijfacties zijn gericht aan autoriteiten, om hen tot verandering te bewegen. Mensen die meedoen aan groetenacties schrijven echter direct aan slachtoffers van mensenrechtenschendingen, of aan hun familieleden. Hun kaarten en brieven dienen als steuntje in de rug om ontberingen te doorstaan of het werk voor de mensenrechten ondanks tegenwerkingen voort te zetten. In de groetenlijst staan de gegevens van meer dan honderd organisaties en mensen aan wie geschreven kan worden. Voor scholieren zijn er speciale Greetz-acties.
In hun ‘landenwerk’ richten Amnesty-groepen zich voor langere tijd op een bepaald land of een bepaalde regio. Vaak gaat het hierbij om verbetering van het lot van individuele slachtoffers, maar het kan ook gaan om het bepleiten van bijvoorbeeld wetshervorming of vervolging van daders. Dit landenwerk gebeurt in de vorm van DAFs (Digital Action Files of digitale dossiers): besloten pagina’s op de website van Amnesty Nederland die betrekking hebben op een of meer landen. Amnesty’s landenmedewerkers plaatsen hier alle informatie die Amnesty-groepen nodig hebben om actie te voeren. Daarnaast bevat een DAF zaken als Amnesty-rapporten, nieuws, achtergrondinformatie en contactadressen.
In 2010 introduceerden we één nieuw DAF: het DAF Turkije. Een aantal bestaande landelijke DAFs werd samengevoegd in regionale DAFs. Het totale aantal DAFs kwam daarmee op achttien, drie minder dan in 2010. Daar staat tegenover dat de dossiers nu veel meer landen beslaan.
De deelname aan de DAFs is dit jaar iets afgenomen. Op 31 december 2011 werkten 101 Amnesty-groepen aan de hand van een of meer DAFs, zeven minder dan aan het begin van het jaar. De DAFs waaraan de meeste groepen deelnamen waren: Zuidoost-Azië (23 groepen), China (zeventien groepen) en Eurazië (vijftien groepen).
Bij de overgang naar een nieuwe website hielden we rekening met de uitkomsten van een onderzoek onder gebruikers van de DAFs uit 2010. De nieuwe DAFs zijn gebruiksvriendelijker, overzichtelijker en actueler. In juni 2011 hielden we een tweede onderzoek naar het gebruik van de DAFs. Dit onderzoek was voornamelijk kwantitatief, waar dat uit 2010 kwalitatief van aard was. Het evaluatierapport zal uitgangspunt zijn bij beleidsontwikkeling omtrent de DAFs in 2012.
In 2011 ontvingen we over veel mensen voor wie we actievoerden goed nieuws: zij kwamen bijvoorbeeld vervroegd vrij, werden niet uit hun huis gezet of kregen bescherming die ze eerder niet hadden.
Bij ons en op het Internationaal Secretariaat in Londen kwamen veel goed-nieuwsberichten binnen van mensen voor wie we actievoerden.
In 2011 kwamen over de bliksemacties 113 berichten van verbetering binnen. Hieronder waren onder meer 81 vrijlatingen van individuen en groepen mensen, afnemend geweld en bedreigingen en gevallen van uit- en afstel van executie.
Veel mensen kwamen vervroegd vrij in 2011.
De huisuitzettingen in Nigeria werden direct na onze twitteractie voorlopig uitgesteld.
Verschillende mensen die groetenkaarten of brieven ontvingen, lieten de brievenschrijvers of Amnesty weten dat ze zich erg gesteund voelden door de post.
‘Mijn zoon zei me: “Moeder, ik wil leven en ik wil ervoor vechten – weet je, de hele wereld vecht nu voor me!” Zo voelt hij zich. Zijn levenslust is aangewakkerd dankzij jullie, dankzij iedereen die hem heeft geschreven. We zijn jullie zo dankbaar.’ Dit schreef de Oekraïense Tamara Rafalskaya aan Amnesty na een bezoek aan haar zoon Aleksandr in de gevangenis. Hij vertelde haar dat hij al vijfhonderd kaarten en brieven had ontvangen.
Aleksei Sokolov, vrij: juli 2011:
‘Ik wil graag alle leden van de organisatie persoonlijk bedanken voor de hulp en steun die jullie me hebben gegeven. Jullie vriendelijkheid en begrip doen mij zo’n deugd, dat ik doorga met mijn strijd tegen tirannie, mensenrechtenschendingen en onderdrukking, waar ik ook ben. Ik ben bereid om te strijden voor de mensenrechten, ondanks alle gevaren die dreigen.’
In 32 bliksemacties was de uitkomst negatief en werd bijvoorbeeld een terdoodveroordeling voltrokken of een gevangenisstraf in hoger beroep bevestigd. In 273 gevallen bleef het bliksemactiedossier aan het eind van het jaar open, omdat er nog geen bevredigend resultaat was.
We zijn tevreden over onze schrijfacties. Zij vormen een krachtig wapen om de druk op autoriteiten op te voeren. We slaagden er in 2011 in focus aan te brengen door alleen schrijfacties te voeren die óf gerelateerd waren aan een campagne of prioriteitsland, óf reageerden op een acute crisis. Het aantal deelnemers aan vrijwel al deze schrijfacties steeg in 2011 (lees meer over de deelnemers) Schrijfacties zorgen ook voor zichtbaarheid in het land. Zo verspreiden de lokale groepen de RSVP-schrijfacties verder naar duizenden mensen in het land.
Amnesty International heeft in 2011 stappen gezet om internationaal de gezamenlijke planning en prioritering te verbeteren. De kans op het bereiken van werkelijke verbeteringen op mensenrechtengebied is groter als er op zoveel mogelijk plaatsen ter wereld op hetzelfde moment dezelfde acties worden gevoerd. In het Integrated Strategic Plan (ISP) zijn de strategische keuzes voor de periode 2010–2016 vastgelegd. Het ISP beslaat vier algemene werkterreinen waarop Amnesty zich richt (zie hier). Binnen die vier werkterreinen heeft het internationaal managementteam, bestaand uit het managementteam van het Internationaal Secretariaat en directeuren van een aantal afdelingen, prioriteiten vastgelegd voor de jaren 2010 en 2011: het Global Priority Statement (GPS).
De inhoudelijke hoofdpunten van het GPS waren:
Op internationaal niveau betekent het werken met een GPS dat er duidelijke prioriteiten worden gesteld, die wereldwijd zoveel mogelijk gevolgd worden. Daardoor kunnen we meer impact bereiken. Alle nationale Amnesty-afdelingen werken volgens het GPS en hebben daarbinnen de ruimte hun eigen keuzes te maken en nationaal relevante onderwerpen toe te voegen. Internationaal is geleerd van de ervaringen met het eerste GPS. Dat was namelijk nog erg breed. In het GPS voor 2012 zijn duidelijker keuzes gemaakt.
Keuzes Amnesty Nederland
Amnesty Nederland baseerde haar jaarplan 2011 grotendeels op dit internationale GPS. Nadat we er in 2010 voor hadden gekozen alle hoofdpunten van het GPS één-op-één over te nemen, besloten we dat in 2011 niet te doen. De doodstraf bleek in 2010 geen goed onderwerp te zijn om campagnematig aan te werken, omdat het IS enkel losse acties leverde omdat er voor ons land geen duidelijk campagnedoelen leken te zijn bovenop de acties die we doorgaans toch al voeren. Ook van ‘Geen veiligheid zonder mensenrechten’ maakten we geen hoofdpunt, omdat op dit onderwerp naar onze inschatting te weinig onderzoeksrapporten beschikbaar zouden komen. Daarvoor in de plaats kozen we twee hoofdpunten buiten het GPS (China en mensenrechten in Nederland) om in te kunnen haken op onderwerpen die in de Nederlandse samenleving actueel waren.
Wij kozen tien hoofdpunten voor 2011. Elke twee maanden rapporteerden de medewerkers over de vorderingen op deze onderwerpen aan de directie en viermaandelijks aan het bestuur. In overleg werd dan bekeken of de werkzaamheden moesten worden bijgesteld. Deze alertheid leidde tot kleine verschuivingen in de onderwerpskeuze en in de werkwijzen. Dit tussentijds bijsturen verliep goed.
Reflectie op onze keuzes
Campagne voor menswaardig wonen
Met verschillende acties in deze campagne behaalden we een goed resultaat: huisuitzettingen werden uitgesteld of afgeblazen. Een sterk punt was de samenwerking met lokale partners. We wisten mensen in de sloppenwijken te doordringen van hun rechten en ze te organiseren. Maar het is ons onvoldoende gelukt om de wetgeving te verbeteren en om veel politieke en publieke aandacht voor het onderwerp in Nederland te krijgen. Gedwongen huisuitzettingen is een belangrijk onderwerp om ter plekke, met lokale acties aan te werken. In 2012 zullen we ons werk voor menswaardig wonen voortzetten met onderzoek, acties en lobby gericht op specifieke landen. We gaan niet door met grootschalige publieksacties.
Lees de volledige rapportage over de campagne voor menswaardig wonen
Campagne voor menswaardig ondernemen
We zijn tevreden over ons werk aan deze campagne in 2011. We bereikten daarin successen. Shell erkende verantwoordelijkheid voor een aantal olielekken in Bodo, in de Nigeriaanse Nigerdelta. Jarenlang werken op hetzelfde dossier wierp daarmee zijn vruchten af: ontkennen kan niet meer. Onze bevindingen werden onderstreept in een rapport van de VN-milieuorganisatie UNEP, dat in augustus 2011 verscheen. In dat rapport staat dat oliemaatschappijen in de Nigerdelta ernstig hebben gefaald bij het opruimen van de olievervuiling. We voerden systematisch campagne op Shell in Nigeria, op Barrick Gold in Papoea-Nieuw-Guinea en op Vedanta in India en verbonden dat met het werk van de Eerlijke Bankwijzer.
We slaagden er redelijk in dialoog met de bedrijven op wie wij ons richtten en actievoeren samen te laten gaan. Wel willen we het aantal bedrijven waarop we ons richten uitbreiden, om de schijn van selectiviteit te vermijden. Amnesty Nederland heeft de afgelopen jaren veel expertise opgebouwd over bedrijfsaansprakelijkheid. Die zullen we de komende jaren blijven inzetten.
Lees de volledige rapportage over de campagne voor menswaardig ondernemen
Vreemdelingendetentie
In 2011 hebben we op dit onderwerp bereikt wat we voor dit jaar als doel hadden gesteld. We maakten een politieke en maatschappelijke discussie los over alternatieven voor vreemdelingendetentie, waar daar voorheen geen aandacht voor was. In 2008 brachten we een rapport uit over vreemdelingendetentie, dat even de aandacht van media en politiek trok. Maar daarna verslapte de aandacht weer. In 2010 besloten we daarom van het onderwerp een hoofdpunt te maken, en in 2011 ook weer. We betrokken andere organisaties bij het onderwerp, deden nader onderzoek en zochten naar alternatieven. We zorgden ervoor dat de Tweede Kamer over vreemdelingendetentie debatteerde. De politieke wind in Den Haag was niet gunstig om al onze wensen op dit terrein meteen uitgevoerd te krijgen. Desondanks gaat minister Leers een aantal pilots met alternatieven houden, iets wat zonder ons onderzoek zeker niet was gebeurd.
Lees de volledige rapportage over vreemdelingendetentie
Campagne ‘Steun de vervolgde schrijvers in China’
De campagne ‘Steun de vervolgde schrijvers in China’ is na afloop geëvalueerd. Daarvoor zijn zowel medewerkers van Amnesty Nederland geïnterviewd als enkele betrokkenen van buiten de organisatie, zoals de schrijvers Ramsey Nasr en Geert Mak, journalist Frénk van der Linden en de voorzitter van het Nederlands Letteren Fonds Henk Pröpper.
Uit de evaluatie bleek dat er tijdens de campagne strategisch een zekere spanning is ontstaan tussen twee werkwijzen. Proberen we de situatie in China te beïnvloeden met stille diplomatie, van binnenuit, discreet en met partners ‘op de grond’? Of kiezen we voor openlijk protest en massale publieksmobilisatie?
Het bleek in de praktijk een lastige spagaat. Dit kwam deels doordat de doelstellingen van de campagne zowel in Nederland lagen (het betrekken van schrijvers, uitgevers, de Nederlandse politiek en het publiek) als in China zelf (het verbeteren van de situatie van vervolgde schrijvers en van mensenrechtenverdedigers). Toen de boekenbeurs van Beijing, de Amnesty-campagne en de opstelling van de Nederlandse schrijvers onderwerp werden van een zeer polariserend publiek debat, kwam de tegenstelling tussen deze twee invalshoeken aan het licht, met Amnesty in een verdedigende rol. Ondanks het feit dat uit onderzoek is gebleken dat het Nederlandse publiek positief stond tegenover de Amnesty-actie, zal in de relatie met de schrijvers het nodige geïnvesteerd moeten worden. De evaluatie beveelt wat dit betreft aan het China-debat in Nederland nader te analyseren, en te investeren in het formuleren van een langetermijnstrategie met betrekking tot China.
Over de keuze van ‘het brede publiek’ als doelgroep, en het bijbehorende middel van de massale petitie, was de evaluatie kritisch. Er werden veel handtekeningen opgehaald onder de petities, maar voor het doel om Nederlandse schrijvers, uitgevers en politici in beweging te krijgen, was het wellicht beter geweest meer te investeren in de relatie met opinievormers.
Lees de volledige rapportage over de campagne ‘Steun de vervolgde schrijvers in China’
Internationale berechting
We wilden in 2011 een kantoor in Den Haag vestigen, dat de internationale rechtspraak zou volgen. De opening van dat kantoor is uitgesteld naar 2012. Wel hebben we ons in 2011 naar aanleiding van actuele ontwikkelingen veel beziggehouden met internationale berechting van daders van mensenrechtenschendingen uit de landen van de Arabische Lente. Zowel Amnesty Nederland als ons Internationaal Secretariaat hebben de inspanningen die voor internationale berechting bedacht waren verlegd naar het hoofdpunt Midden-Oosten en Noord-Afrika.
Midden-Oosten en Noord-Afrika
In 2010 besloten we ons in 2011 te richten op de mensenrechtensituatie in Egypte, bijvoorbeeld met activiteiten over het politieoptreden in sloppenwijken. Naar aanleiding van de ontwikkelingen in Noord-Afrika en het Midden-Oosten aan het begin van 2011, besloten we onze activiteiten te verbreden naar de hele regio. We zijn tevreden over dit ‘crisiswerk’. We slaagden erin mensenrechtenschendingen in de regio goed zichtbaar te maken. Het Internationaal Secretariaat speelde goed in op de ontwikkelingen met snel en gedegen onderzoek, en wij zorgden voor aandacht in de Nederlandse media.
Lees de volledige rapportage over het Midden-Oosten en Noord-Afrika
Mensenrechteneducatie
We hebben in 2011 goede vorderingen gemaakt in het professionaliseren van ons ‘scholenwerk’. We trainden een groot deel van de vrijwilligers die namens ons gastlessen over mensenrechten geven op scholen, ontwikkelden nieuw lesmateriaal en centraliserende coördinatie van de gastlessen. Het aantal aanvragen voor gastlessen steeg. Dit hoofdpunt was daarom geslaagd. We zullen in 2012, als mensenrechteneducatie geen hoofdpunt meer is, ons werk op dit gebied met kracht voortzetten.
Lees de volledige rapportage over mensenrechteneducatie
Groei van de mensenrechtenbeweging wereldwijd
We zijn tevreden over onze werkzaamheden met kleinere nationale Amnesty-afdelingen en over de werkzaamheden van ons Speciaal Programma voor Afrika (SPA). Een grondige impactanalyse van het SPA-project in Sierra Leone wees uit dat de SPA-werkwijze effectief is. Het vergroten van onze aanwezigheid in Afrika en de BRIC-landen liep in 2011 vertraging op door organisatorische veranderingen op internationaal niveau. Als Amnesty Nederland hadden we hier niet zelf het initiatief.
Lees de volledige rapportage over de groei van de mensenrechtenbeweging wereldwijd
Amnesty 50 jaar
We zijn tevreden over de manier waarop we ons vijftigjarig jubileum hebben gevierd. Veel Nederlanders hebben iets gehoord of gelezen over het jubileum en de activiteiten waren goed bezocht. Toch was het bereik van de materialen die we ontwikkelden om ons jubileum te vieren minder groot dan gehoopt.
Belangrijk leerpunt is dat we de jubileumviering en soortgelijke activiteiten nog beter kunnen inbedden in een langer lopend loyaliteitsprogramma richting de achterban. Dan kan de goodwill en betrokkenheid die wordt gecreëerd ook worden vastgehouden.
Lees de volledige rapportage over Amnesty 50 jaar
Mensenrechten in Nederland
Halverwege het jaar concludeerden we dat het te vroeg was om naar buiten te treden met ons werk om het draagvlak voor mensenrechten in Nederland te versterken. 2011 was eerder een voorbereidend jaar, waarin we onderzochten welke doelgroepen we met welke onderwerpen willen aanspreken. Deze zoektocht naar onze speerpunten en een goed plan van aanpak hadden we onderschat. In 2012 zal dit hoofdpunt tot wasdom komen met lobbywerk op de doelgroepen en publieksacties.
Reflectie op het proces
We begonnen in oktober 2010 met het vaststellen van de hoofdpunten voor 2011. Uit de evaluatie die we over dit proces hielden, bleek dat de tijdsdruk hierdoor te hoog was. In 2011 begonnen we dan ook al in juni met de voorbereiding van de hoofdpunten voor 2012. De afgelopen jaren hebben we de beschrijving van de problematiek, doelstellingen, te beïnvloeden partijen en de planning van die hoofdpunten sterk verbeterd.
Relatie tussen inhoudelijke keuzes en inzet van middelen
De keuze en de uitwerking van de inhoudelijke prioriteiten van Amnesty Nederland in 2011 is in het voorgaande beschreven. Daarmee hebben we in 2011 meer focus aangebracht in ons werk. Bij de verdeling van de middelen hebben we voorrang gegeven aan de inhoudelijke prioriteiten, de hoofdpunten. In 2011 hebben we hieraan in totaal 30 procent van onze middelen besteed. We weten echter nog onvoldoende van de verhouding tussen de besteding van middelen en het realiseren van resultaten. Hadden we door meer middelen aan de hoofdpunten te besteden meer resultaat kunnen bereiken? Om meer inzicht te krijgen in de relatie tussen onze inhoudelijke keuzes en de middelen, zal hieraan komend jaar extra aandacht worden besteed. In de begroting 2012 is hiermee een begin gemaakt door de financiële vertaling van de hoofdpunten 2012 in de begroting op te nemen. In de rapportages zal deze lijn worden voortgezet.
Amnesty Nederland heeft voor 2012 acht prioriteiten vastgesteld, die noemen we onze hoofdpunten. We lieten ons daarbij leiden door factoren binnen en buiten Amnesty.
Amnesty Nederland zal ook in 2012 aansluiten bij het internationale Amnesty-beleid, zoals dat is vastgelegd in het Integrated Strategic Plan 2010 – 2016, en voor de kortere termijn in het Global Priority Statement en European Priority Statement (zie ook Onze keuzes). Het streven is de Amnesty-prioriteiten internationaal te plannen en meer gecoördineerd uit te voeren. Amnesty Nederland baseert zich op de nota ‘Agenda 10-16′.
Op basis van deze ontwikkelingen in de omgeving van Amnesty én binnen Amnesty zelf zijn we tot acht hoofdpunten voor 2012 gekomen.
a. Mensenrechten in het Midden-Oosten en Noord-Afrika
Hervormingen ten bate van mensenrechten in Egypte, Tunesië, Libië, Syrië en Saudi-Arabië, een einde aan de schendingen in gewapend conflict. Bescherming van hervormers en vrijheid van meningsuiting, vergadering en organisatie. Gelijke rechten voor vrouwen in nieuwe grondwetten, deelname aan verkiezingen, maar bijvoorbeeld ook autorijden.
b. Bedrijven en mensenrechten
Versterking van aansprakelijkheid van bedrijven voor mensenrechtenschendingen. Betere toegang tot genoegdoening en schadeloosstelling voor slachtoffers. Met de nadruk op grondstoffenwinning in Nigeria (Nigerdelta) en gifdumping in Ivoorkust. Middelen als de Eerlijke Bankwijzer inzetten om de Nederlandse financiële sector alerter te maken op mensenrechten.
c. Mensenrechten in Nederland
Breed bewustzijn van ‘botsende grondrechten’: burgers en professionals moeten weten wat voor hen relevante mensenrechten zijn. In gemeenten: mensenrechten op relevante beleidsterreinen bevorderen. Bij de politie: het bewustzijn versterken dat non-selectiviteit van groot belang is voor mensenrechten.
d. Migratie
Een Europese campagne zal gericht zijn op grensbewaking aan de buitengrenzen van de EU, verbetering van het regime van vreemdelingendetentie in Nederland en het tegengaan van criminalisering van migranten. Met bijzondere aandacht voor vluchtelingen.
e. Mensenrechtenbeweging in Afrika
Amnesty in Afrika werkt steeds meer in partnerschappen met lokale organisaties, in enkele afzonderlijke landen en via regiokantoren, aan de versterking van de mensenrechtenbeweging op dat continent. Amnesty Nederland draagt bij aan deze organisatorische veranderingen en aan het ontwikkelen van een inhoudelijke strategie voor de Afrikaanse regio’s vanuit haar expertise met het Speciaal Programma voor Afrika.
f. Democratische Republiek Congo (DRC)
In samenwerking met lokale organisaties in de Democratische Republiek Congo voeren we campagne voor de versterking van het rechtssysteem en het tegengaan van straffeloosheid.
g. Gedwongen huisuitzettingen
Inzet van het Rapid Response Netwerk voor Kenia, Nigeria, Roemenië, Servië, Italië en Cambodja om gedwongen ontruimingen te voorkomen. In Nigeria, samenwerking met onder meer een project van de Nationale Postcode Loterij. In Ghana en Servië, training van en samenwerking met lokale organisaties.
h. Wapenhandelverdrag
De internationale onderhandelingen voor een Wapenhandelverdrag gaan in 2012 hun beslissende fase in, om hopelijk uit te monden in een effectief verdrag. Amnesty’s pressie zal zich richten op vooral drie zaken: geen wapens naar landen waar er een substantieel risico bestaat dat ze gebruikt worden voor schendingen, opname van munitie in het verdrag en goede controlemechanismen.
Regulier werk
Uiteraard gaan we daarnaast door met de honderden jaarlijkse acties voor individuele slachtoffers van mensenrechtenschendingen, zullen we actuele ontwikkelingen op mensenrechtengebied nauwgezet volgen en zullen we zo nodig reageren met actie, lobby of het zoeken van de publiciteit.
De inkomsten van Amnesty Nederland zijn de afgelopen jaren stabiel. Schommelingen zijn vooral het gevolg van moeilijk voorspelbare inkomsten uit nalatenschappen en van incidentele inkomsten.
De bijdragen van leden blijven nagenoeg gelijk, en bedroegen in 2011 evenals in 2010 circa 67 procent van de totale inkomsten.
De bijdragen van leden blijven de belangrijkste inkomstenbron voor Amnesty Nederland.
Zoals de meeste goede doelen merkt ook Amnesty dat de inkomsten uit eigen werving onder druk staan. De oorzaken daarvan worden gezocht in de economische crisis, toenemende concurrentie in de fondsenwerving, een meer kritische houding van donateurs en afnemende acceptatie van wervingsmethoden.
Zowel in 2010 als in 2011 daalde het ledenaantal enigszins. De verwachting is dat we in 2012 en volgende jaren te maken krijgen met een lichte daling van de bijdragen van leden.
Als gevolg van de besluiten van de International Council Meeting van 2011 zullen de nationale Amnesty-afdelingen in 2021 40 procent van hun inkomsten moeten afdragen voor internationale besteding. Amnesty Nederland heeft de afgelopen jaren al relatief veel bijgedragen, door naast de verplichte afdracht ook vrijwillige extra bijdragen beschikbaar te stellen. In 2011 droegen we ongeveer 35 procent van de inkomsten af voor internationale besteding; uiterlijk in 2016 willen we de doelstelling van 40 procent bereikt hebben. Als gevolg daarvan zal de bijdrage voor internationale besteding stijgen.
Om ook op termijn financieel gezond te blijven zijn vanaf 2013 structurele bezuinigingen opgenomen van € 0,7 miljoen per jaar.
Begroting 2012
De begroting 2012 is door het bestuur vastgesteld. De begroting is een nadere uitwerking en actualisering van de begroting op hoofdlijnen 2012 en de meerjarenramingen 2013 – 2015, die door de Ledenraad in november 2011 zijn goedgekeurd. In de begroting 2012 is nu ook de subsidie uit het Medefinancieringsstelsel-II van het Ministerie van Buitenlandse Zaken (€ 1 miljoen) opgenomen. Deze wordt besteed aan internationale mensenrechteneducatieprojecten in Burundi, Democratische Republiek Congo, Sierra Leone, Soedan en Oeganda. Deze bijdrage was in de begroting op hoofdlijnen niet opgenomen.
De totale inkomsten zijn begroot op € 25,8 miljoen (2011: € 25,9 miljoen). Het totaal van de bestedingen komt uit op € 28,7 miljoen (2011: € 27,6 miljoen) waarvan € 23,3 miljoen wordt besteed aan de doelstelling (2011: € 22,5 miljoen), € 4,0 miljoen aan werving (2011: € 3,9 miljoen) en € 1,4 miljoen aan beheer en administratie (2011: € 1,2 miljoen).
De bestedingen zijn hoger dan de inkomsten vanwege besteding van eerder gevormde bestemmingsreserves en bestemmingsfondsen. Als het niet lukt om extra inkomsten in hetzelfde jaar te besteden, worden bestemmingsreserves of –fondsen gevormd die in volgende jaren besteed worden.
Er zijn investeringen voorzien van € 0,4 miljoen voor automatisering, schilderwerk, kantoorinventaris en audiovisuele apparatuur.
De structurele betaalde formatie zal ten opzichte van 2011 niet stijgen.
Aan het werk van Amnesty dragen heel veel mensen bij. Sommigen geven ons een deel van hun tijd, anderen steunen ons met een financiële bijdrage. Weer anderen nemen kennis van ons werk en praten erover met anderen, zonder dat zij direct aan ons verbonden zijn.
Van oudsher zijn er lokale groepen actief voor Amnesty: een vaste groep mensen die regelmatig samenkomt om brieven te schrijven, publieksacties te voeren en Amnesty-artikelen te verkopen in de Amnesty-stand. Sinds jaar en dag zorgen zij ervoor dat in het hele land mensen aan onze acties meedoen en dat Amnesty zichtbaar is. Maar het aantal groepsleden loopt al jaren terug, terwijl de individuele deelname aan acties stijgt. Steeds meer mensen geven aan iets voor Amnesty te willen doen wanneer hun dat uitkomt.
| Aantal activisten | 2011 | 2010 |
|---|---|---|
| In Amnesty-groepen (plaatselijke groepen, taakgroepen e.d.) | 2.801 | 2.838 |
| Deelnemers schrijfacties * Write for Rights-acties * Bliksemacties * SMS * RSVP * Actieplatform Internet | 4.784 4.625 65.868 4.126 2.252 105.465 | 4.546 4.736 40.477 4.110 2.021 71.034 |
| Flexibel inzetbare vrijwilligers | 1.240 | 702 |
| Collectanten | 23.000 | 21.400 |
| In kaderfuncties (landenmedewerkers, regionale vrijwilligers) | 263 | 278 |
| Aantal plaatselijke groepen | 294 | 302 |
|---|---|---|
| Lokale groepen | 249 | 257 |
| Taakgroepen | 34 | 36 |
| Studentengroepen | 9 | 7 |
| Jongerengroepen | 3 | 2 |
In 2011 meldde 60 procent van de lokale groepen zich aan voor de Campagnes voor menswaardig wonen en voor menswaardig ondernemen, deed 75 procent mee aan de actie op 10 december en 53 procent aan de China-campagne. 45 Procent van de groepen deed aan scholenwerk, 33 procent gaf aan te werken aan een Digitaal dossier (DAF) en 191 groepen deden mee aan de collecte. Activiteiten die daarnaast werden ondernomen waren acties gericht op specifieke landen, verkoop van producten, standwerk, acties rondom vreemdelingendetentie en vertoningen van films van Movies that Matter.
Lokale groepen worden geholpen door vijf regioteams, waarbij ze terecht kunnen voor informatie of ondersteuning. Elk regioteam bestaat uit twee betaalde krachten, een groep regionale vrijwilligers en projectvrijwilligers. De regioteams richten zich ook op het creëren van zichtbaarheid op strategische plekken, waar mogelijk gekoppeld aan fondsenwerving. Zo waren zij aanwezig op het Noorderzon performing arts festival in Groningen, tijdens Lichtjesavond in Delft en op het Bruis-festival in Maastricht.
Met ons actie-aanbod proberen we alle Amnesty-activisten zo effectief mogelijk in te zetten. We bieden hun verschillende soorten schrijfacties per brief, sms en e-mail. Het aantal deelnemers aan de digitale schrijfacties steeg in 2011. Vooral aan de e-mailacties deden veel meer mensen mee, en ook het aantal e-mailadressen in ons Actieplatform steeg aanzienlijk; van 71.034 naar 105.465. We wezen deze individuele activisten in 2011 ook op de mogelijkheid lid te worden of aan andersoortige activiteiten mee te doen. Dat was succesvol: zo werden 210 deelnemers aan de sms-acties Amnesty-lid, benaderden 37 individuele activisten hun bank in het kader van de Eerlijke Bankwijzer, werden er zestien scholenwerker en 25 collectant. In 2012 zullen we de individuele activisten wederom regelmatig benaderen voor lidmaatschap en dit soort activiteiten.
Ook de 23.000 collectanten die in februari voor Amnesty de straat op waren gegaan, vroegen we of zij meer wilden doen. Zo’n vijftienhonderd collectanten gaven zich op voor e-mailacties, of werden groepslid of flexvrijwilliger. Velen deden beide. Ook werden honderd collectanten lid.
Mensen die Amnesty af en toe met activiteiten willen helpen, zitten in de flexpool. Per e-mail krijgen zij regelmatig een lijst met klussen waarvoor zij zich kunnen opgeven. In 2011 steeg het aantal landelijke flexwerkers van 702 naar 1.240. Zij ondersteunden ons in 2011 bij activiteiten variërend van administratieve klussen en inpakwerkzaamheden op het hoofdkantoor, tot ondersteuning bij evenementen als Manuscripta en op festivals. Ook de lokale groepen maken gebruik van flexvrijwilligers. We zijn zeer blij met de flexvrijwilligers, maar streven nog naar een meer structurele relatie met hen.
Tijdgevers sturen we tien maal per jaar het tijdschrift Amnesty in Actie. Daarin worden zij op de hoogte gehouden van acties, goed nieuws en achtergrondinformatie.
Mensen die per e-mail actievoeren kregen in 2011 een keer per maand een e-bulletin. Daarin stond informatie over een lopende campagne, oproepen tot actie en goed nieuws over mensen voor wie Amnesty zich inzette.
Leden van lokale groepen kunnen met al hun vragen terecht bij Amnesty’s Servicecenter. Alle informatie die zij nodig hebben vinden zij op de website Infopunt. Daarnaast ontvingen zij in 2011 acht keer een nieuwsbrief met daarin praktische informatie en antwoorden op veelgestelde vragen.
De regioteams publiceren aankondigingen en verslagen van activiteiten op de website en versturen jaarlijks drie tot vier e-nieuwsbrieven naar de groepen en regionale vrijwilligers. Een keer per jaar zijn er regiodagen, waar groepsleden elkaar, mensen van de regioteams en medewerkers van het hoofdkantoor treffen.
Om onafhankelijk te blijven, neemt Amnesty International voor onderzoek en acties geen giften aan van overheid en politiek. We kunnen ons werk doen dankzij de mensen die ons geld geven. Dat zijn er in Nederland honderdduizenden.
Amnesty International is een ledenorganisatie. Onze leden zijn voor ons van essentieel belang. Als Amnesty actie voert, is dat namens hen. Wie door Amnesty gesteund wordt, voelt de steun van drie miljoen leden wereldwijd. Wie ons tegen zich vindt, heeft een club van drie miljoen mensen tegenover zich staan.
Bovendien zorgen de leden er met hun vaste financiële bijdrage voor dat wij onze werkzaamheden kunnen verrichten. En zij controleren of wij dat goed doen; de leden in Nederland houden toezicht op het werk van Amnesty Nederland via de Ledenraad.
Aantal Amnesty-leden en -donateurs
Ontwikkeling ledental
We verwachtten dat het werven en behouden van leden in 2011 moeilijker zou worden dan in voorgaande jaren, gezien de economische crisis en het feit dat mensen in de voorgaande jaren minder geneigd bleken zich langdurig aan één goed doel te binden. We streefden ernaar de daling van het ledental beperkt te houden, tot 293.000. Het ledental daalde naar 289.972 aan het einde van het jaar.
In- en uitstroom van leden
We wierven dankzij extra wervingsactiviteiten meer nieuwe leden dan gepland: 18.652 in plaats van 16.000. Meer mensen dan gehoopt zegden echter hun lidmaatschap op. Daaronder waren zeker duizend mensen die hiermee hun ongenoegen wilden laten blijken over betalingen bij vertrek aan de voormalig secretaris-generaal en voormalig adjunct-secretaris-generaal van het Internationaal Secretariaat.
De meeste nieuwe leden wierven we dit jaar met deur-tot-deur werving (43 procent) en telemarketing (45 procent). We deden in 2011 niet meer aan straatwerving. We blijven andere methoden onderzoeken en scherpen in 2012 onze contracten met de wervingsbureaus aan, zodat de kwaliteit van de leden nog meer voorop komt te staan.
Waardering voor onze leden
We vinden het belangrijk onze leden en donateurs onze waardering en dank te laten blijken en hen goed te informeren over ons werk. Om onze leden en sympathisanten te bedanken voor hun steun, hielden we op 28 mei ter ere van ons 50-jarig bestaan een evenement in Pakhuis de Zwijger in Amsterdam. Daarnaast organiseerden we jubileumevenementen in het Groninger Museum, Museum Boijmans Van Beuningen, Kröller-Müller Museum en het Van Abbemuseum. Mensen die een jaar lid waren, bedankten we per e-mail en boden we een gratis kaartenset aan.
Behouden van leden
Mensen die hun lidmaatschap opzegden, werden zoveel mogelijk te woord gestaan door de medewerkers van onze behoudlijn op het Servicecenter. Aan het begin van het jaar stonden zij 55 procent van de opzeggers te woord, aan het eind van het jaar 65 procent. De behoudlijnmedewerkers informeerden naar de reden van opzegging en onderzochten of de opzeggers op een andere manier bij ons werk betrokken wilden blijven. Dat was succesvol: van de 6.556 door het Servicecenter te woord gestane opzeggers bleef 52 procent betrokken bij Amnesty: 11 procent bleef lid, 1 procent doneerde een gift en 40 procent gaf zich op voor de E-mailacties.
Communicatie met onze leden
We informeerden onze leden op verschillende manieren over het werk dat we mede dankzij hun bijdrage konden doen. Nieuwe leden belden we voor een welkomstgesprek, waarin we hen bedankten voor hun lidmaatschap, vertelden over onze werkzaamheden en hun gegevens controleerden.
We vernieuwden ons ledenblad AmnestyNL en noemden het AmnestyNU. Dit blad legt meer de nadruk op resultaten en verwijst meer naar onze digitale media. Leden en donateurs ontvingen AmnestyNU dit jaar drie keer. Onderzoek onder de lezers wees uit dat zij het blad positief beoordeelden, al gaven zij aan graag nog meer resultaten te zien.
In december stuurden we onze nieuwe digitale nieuwsbrief ‘Kom in actie’ per e-mail naar alle leden. De leden die hierop prijs stellen, ontvangen de nieuwsbrief, die campagnenieuws en mogelijkheid tot actie biedt, voortaan eens per maand. Na de verschijning van ons jaarverslag 2010 stuurden we een Bedankkrant naar onze leden met daarin onze belangrijkste cijfers en bereikte resultaten en successen.
In februari 2011 trotseerden maar liefst 23.000 Amnesty-collectanten weer en wind. Zij waren met ruim vijftienhonderd meer dan in 2010. Het was voor de negende keer dat ruim achthonderd vrijwilligers samen met Amnesty’s collecteteam de landelijke collecteweek organiseerden. Ook in 2011 steeg de opbrengst, met € 80.000 naar € 1,8 miljoen. Gemiddeld zat er ruim € 80 in de collectebus. In een flink aantal gemeentes lukte het om aanzienlijk meer geld op te halen dan het jaar ervoor. Grootste stijger was het Gelderse Wijchen, waar de collecteopbrengst maar liefst 207 procent steeg.
Communicatie over de collecte
De collectanten werden ondersteund door abri-posters in het hele land, radiospots op een zestal stations, advertenties in de Volkskrant en uitzendingen bij Stichting Socutera.
Verschillende Amnesty-regio’s organiseerden in 2011 fondsenwervende evenementen. Zo lieten honderd deelnemers aan de Dam tot Damloop in Amsterdam zich sponsoren voor Amnesty, verkochten Amnesty-vrijwilligers boeken tijdens de Deventer Boekenmarkt en lieten 35 deelnemers zich tijdens de Fietselfstedentocht in Friesland sponsoren voor Amnesty. Ook lokale groepen organiseerden regelmatig fondsenwervende evenementen, zoals benefietconcerten, boekenmarkten of sponsorlopen. Zo zamelde de groep Wassenaar/Voorschoten met een boekenmarkt ruim € 18.000 in voor capaciteitsversterkende programma’s voor Chinese mensenrechtenverdedigers.
Diverse bedrijven uit het midden- en kleinbedrijf steunden Amnesty International financieel. Daarnaast heeft Amnesty al jarenlang een samenwerking met ASN Bank en Triodos Bank.
Veel fondsen doneerden ook in 2011 bedragen ter ondersteuning van de werkzaamheden van Amnesty International Nederland. Conform ons beleid voor maatschappelijk verantwoord ondernemen geven wij in ons jaarverslag een overzicht van alle giften van niet-particulieren met een waarde groter dan € 10.000 (zie Samenwerkingspartners).
Ook konden we in 2011 dankzij financiële steun voor specifieke projecten veel extra werk doen. Zo maakten Adessium Foundation, Stichting Retourschip en een particuliere gever met hun financiële bijdrage voortzetting van het Mobiele Cinema-project tegen seksueel geweld in de Democratische Republiek Congo mogelijk.
Diverse organisaties, bedrijven en een particuliere donor droegen in 2011 bij aan Amnesty’s Speciaal Programma voor Afrika (SPA). Zo ook ASN Bank. Rekeninghouders bij deze bank kunnen ervoor kiezen dat ASN namens hen het thema ‘tegen wapenindustrie’ steunt. Daarmee dragen zij bij aan SPA. (Lees meer over SPA)
Verschillende donoren leverden wederom een substantiële bijdrage aan ons Relief-fonds, waarmee we mensenrechtenverdedigers, slachtoffers en hun familieleden bijzondere lasten helpen dragen. In 2011 ontvingen we ook financiële giften voor het PEN Emergency Fund, bedoeld om vervolgde Chinese schrijvers te ondersteunen.
Ter gelegenheid van het 50-jarig bestaan van Amnesty richtten we in 2011 het Groeifonds op. Dit heeft tot doel de mensenrechtenbeweging te versterken daar waar dat het hardst nodig is: in Afrika, het Midden-Oosten, Latijns-Amerika, Azië en Oost-Europa. Het fonds steunt de ontwikkeling van plaatselijke Amnesty-afdelingen en van lokale mensenrechtenorganisaties en individuele mensenrechtenverdedigers.
Verschillende particulieren ondersteunden het Groeifonds in 2011 met substantiële bijdragen. (Lees meer over ons werk ter versterking van de mensenrechtenbeweging)
Communicatie met grote gevers
Via persoonlijke gesprekken hielden we onze grote gevers op de hoogte van ontwikkelingen binnen het door hen gesponsorde project en het werk van Amnesty in het algemeen. Daarnaast nodigden we hen uit voor diverse bijeenkomsten, waaronder evenementen omtrent ons jubileum, debatavonden en een vioolconcert van Janine Jansen.
Ook spraken we in 2011 met enkele Vermogensfondsen om te onderzoeken of we in de nabije toekomst kunnen samenwerken.
Nationale Postcode Loterij
De Nationale Postcode Loterij (NPL) is de grootste goededoelenloterij van Nederland. De reguliere bijdrage van de NPL vormde voor Amnesty International ook in 2010 weer een belangrijke bron van inkomsten: € 3,6 miljoen. De NPL verzekert Amnesty al jarenlang van een solide bijdrage aan ons reguliere werk voor de mensenrechten.
Samenwerking gericht op financiering
Amnesty International Nederland krijgt financiële steun van:
- Adessium Foundation
- ASN Bank
- Stichting Flexi-Plan
- Nationale Postcode Loterij
- Stichting Retourschip
- Triodos Bank
De verkoop van onze merchandising-producten bracht € 456.898 op en vergrootte onze zichtbaarheid en naamsbekendheid.We ontwikkelden in 2011 een aantal exclusieve jubileumproducten ter gelegenheid van ons 50-jarig bestaan. Zo brachten we een speciale jubileumkaars uit, die ook door andere nationale Amnesty-afdelingen verkocht werd, en een exclusieve kaartenset met historische Amnesty-affiches. Op Pinkpop verkochten we ruim 15.000 van de inmiddels legendarische roze Amnesty/Pinkpop-hoedjes. Voor de vijfentwintigste keer brachten we de Amnesty-agenda uit. We werkten samen met fairtrade-leveranciers en kunstenaars. Onze leveranciers toetsten we structureel op maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) op basis van bepalingen uit onder meer ILO-verdragen (lees meer over ons MVO-beleid).
De Amnesty-producten werden het hele jaar door verkocht via Amnesty-groepen, wereldwinkels, boekhandels en de website. Om de producten onder de aandacht te brengen breidden we de online marketing uit, verstuurden we speciale merchandising e-mailnieuwsbrieven en brachten we in september de jaarlijkse productgids uit. Ook plaatsten we een grote advertentie in de fairtrade-bijlage van dagblad Trouw tijdens de landelijke fairtradeweek.
De Amnesty-beweging is breed. Ook veel mensen die zich niet door lidmaatschap, deelname aan schrijfacties, vrijwilligerswerk of anderszins aan ons verbonden hebben, nemen kennis van ons werk. Journalisten en andere geïnteresseerden lezen onze persberichten of daarop gebaseerde nieuwsartikelen. Beleidsmakers putten uit onze onderzoeksrapporten. Scholieren zoeken op onze website naar informatie over de mensenrechten. Consumenten kopen Amnesty-kaarsen aan de stand. Ook op al deze mensen richten wij ons.
Communicatie met sympathisanten en geïnteresseerden
Amnesty-sympathisanten informeren we via de nieuwsmedia, die op basis van onze persberichten en rss-feeds van de Amnesty-site vaak verslag doen van onze bevindingen. Andere belangrijke communicatiekanalen zijn onze website, sociale media en ons opinieblad Wordt Vervolgd, waar ook niet-leden zich op kunnen abonneren. Daarnaast organiseren we gratis debatten en andere bijeenkomsten, en zorgen de lokale groepen voor zichtbaarheid door het hele land. Soms zetten we betaalde boodschappen in om sympathisanten bij ons werk te betrekken.
De medewerkers van Amnesty Nederland zijn onmisbaar voor al onze activiteiten. We hebben betaalde en vrijwillige medewerkers, stagiairs en gesubsidieerde arbeidskrachten die samen de geplande werkzaamheden uitvoeren. Daarbuiten werkt een groot aantal Amnesty-actievelingen op vrijwillige basis mee aan een scala van activiteiten (zie tijdgevers). Medewerkers hebben de mogelijkheid zich verder te ontwikkelen en te werken in een prettige omgeving, waar resultaatgerichtheid en betrouwbaarheid kernwaarden zijn.
In 2011 zijn 29 nieuwe vrijwilligers begonnen (44 in 2010) en 22 vrijwilligers vertrokken (35 in 2010). Aan het einde van het jaar waren 63 vrijwillige medewerkers op ons hoofdkantoor in Amsterdam werkzaam (56 in 2010). Zeventien stagiairs hebben hun stage bij Amnesty gedaan (16 in 2010), de gemiddelde duur was vijf maanden.
Ook werkten acht medewerkers op een gesubsidieerde arbeidsplaats (zes in 2010). Op 31 december 2011 werkten bij Amnesty Nederland 146 betaalde medewerkers (omgerekend 106 volledige formatieplaatsen van 40 uur per week). In 2010 waren dat er 139 (103 volledige formatieplaatsen).
| Formatie in FTE’s | 2011 | 2010 | 2009 | 2008 | 2007 | 2006 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Totaal | 127,6 | 127,8 | 125,6 | 128,0 | 137,3 | 140,8 |
| Betaald | 105,5 | 102,8 | 99,1 | 99,6 | 104,3 | 99,3 |
| Gesubsidieerd | 4,5 | 3,7 | 3,4 | 3,3 | 4,1 | 4,3 |
| Stagiairs | 3,8 | 3,7 | 5,1 | 3,8 | 3,5 | 6,4 |
| Vrijwillig | 13,8 | 17,6 | 18,0 | 21,3 | 25,4 | 30,8 |
We zijn blij met de combinatie van betaalde en vrijwillige medewerkers binnen de organisatie en willen ook in de toekomst graag zo blijven werken. We hebben een vrijwilligerscoördinator in dienst die contact onderhoudt met de vrijwilligers en zorgt dat voor iedereen de wederzijdse verwachtingen duidelijk zijn. De afspraken worden vastgelegd in een vrijwilligerscontract. De vrijwilligerscoördinator verzorgt ook de invulling van vrijwilligersvacatures en heeft een beeld van vrijwilligers die iets voor Amnesty zouden willen doen. Zowel in 2010 als in 2011 is het aantal vrijwilligers gestegen en is de dalende trend van de voorgaande jaren voorlopig gekeerd. Het aantal uren per week dat vrijwilligers gemiddeld voor Amnesty werken is gedaald van 12 in 2010 naar 9 in 2011.
Vrijwilligersbeleid
Amnesty International is ooit begonnen als een vrijwilligersorganisatie; als een organisatie waarin mensen zich vrijwillig inzetten voor de verbetering en handhaving van mensenrechten en waarin vrijwilligers zowel het beleid bepaalden als de uitvoering op zich namen. Daarbij werden de vrijwilligers in de loop der tijd ondersteund door een groeiend aantal beroepskrachten.
Tegenwoordig kan Amnesty International zich geen vrijwilligersorganisatie meer noemen en willen wij dat ook niet meer zijn. Wij zien onszelf als een professionele organisatie waarin betaalde medewerkers en vrijwilligers samenwerken aan onze missie en aan de realisering van onze doelstellingen. Amnesty Nederland ziet zichzelf als een actie- en campagneorganisatie waarbij op alle niveaus de inzet van vrijwilligers welkom en belangrijk is.
Amnesty International wil een beweging zijn waarin mensen wereldwijd uitdrukking geven aan hun betrokkenheid bij de realisering en handhaving van de mensenrechten, zoals staat geformuleerd in de missie en werkwijze van de organisatie. In de zichtbaarheid van Amnesty als beweging spelen de vrijwilligers in het land een cruciale rol. Zij zijn degenen die Amnesty Nederland een gezicht geven in de straten en scholen van Nederland en zo een belangrijke bijdrage leveren aan onze resultaten. Dit gebeurt binnen de kaders die daartoe internationaal en in Nederland zijn opgesteld, door het bestuur zijn vastgesteld en door de Ledenraad goedgekeurd. De vrijwilligers in het land krijgen op verschillende manieren ondersteuning van het hoofdkantoor in Amsterdam en de vijf regioteams.
Op het hoofdkantoor van Amnesty Nederland in Amsterdam werken sinds jaar en dag betaalde en vrijwillige medewerkers samen in wat het ‘gemengd bestel’ wordt genoemd. In het gemengd bestel-beleid zijn de criteria vastgelegd voor functies waarin vrijwilligers of betaalde medewerkers worden aangesteld.
Iedere twee jaar wordt de tevredenheid van de betaalde en vrijwillige medewerkers van Amnesty Nederland gemeten. Tot en met 2009 gebeurde dat via een personeelsenquête in eigen beheer. In 2011 is een uitgebreid medewerkersonderzoek uitgevoerd door Effectory: een leidende speler op het gebied van klant- en medewerkersonderzoeken. In het kader van hun beleid voor maatschappelijk verantwoord ondernemen kiest Effectory ieder jaar een goed doel waarvoor ze gratis een medewerkersonderzoek doen. In 2011 viel de keus op Amnesty. Effectory maakte een vragenlijst op maat voor Amnesty, waarin Amnesty op veel punten kon worden vergeleken met een benchmark van een groot aantal Nederlandse bedrijven. De gemiddelde tevredenheid van Amnesty-medewerkers was, uitgedrukt in een rapportcijfer, een 6,3. De benchmark wijkt daar met een 6,4 nauwelijks vanaf. Opvallend is dat medewerkers van Amnesty zeer geëngageerd zijn. Samenwerken binnen de organisatie gaat goed, al zien medewerkers nog veel potentie voor verbetering. Opvallend is ook de hoge mate van ongewenst gedrag onder collega’s. Met name onderlinge communicatie en respect voor elkaars werk zijn aandachtspunten. De tevredenheid over het management is lager dan in de benchmark. De resultaten zijn in alle afdelingen besproken en vertaald in actieplannen.
Verbeteren van de medewerkerstevredenheid is een aandachtspunt voor 2012, met name het ongewenst gedrag onder collega’s en de tevredenheid over het management. Amnesty Nederland heeft een externe vertrouwenspersoon waarmee medewerkers vertrouwelijke zaken kunnen bespreken. De vertrouwenspersoon adviseert medewerkers op verzoek en is geen meldpunt voor klachten of misstanden. Voor het melden van klachten is in 2011 een klachtenregeling opgesteld, voor misstanden is een klokkenluidersregeling in voorbereiding.
Blijvende ontwikkeling van betaalde en vrijwillige medewerkers is noodzakelijk voor een effectieve organisatie. Gedeeltelijk gebeurt dat in de vorm van individuele opleidingen. 62 Medewerkers (betaald en vrijwillig) hebben in 2011 een studie, training of coachingstraject gevolgd (99 in 2010). Een breed scala van cursussen werd gevolgd, variërend van inhoudelijke cursussen over mensenrechten tot management-, computer- en taaltrainingen.
Ons beleid is om te groeien naar een meer flexibele organisatie, wat noodzakelijk is bij veranderende nationale of internationale prioriteiten. Dit vergt medewerkers die breder inzetbaar zijn. Voortdurende opleiding en scholing zullen daarom in de komende jaren nog meer aandacht vragen.
Voor alle nieuwe medewerkers wordt driemaal per jaar een introductiecursus van drie dagdelen georganiseerd. Hierin wordt aandacht besteed aan mensenrechten en aan de standpunten en werkwijze van Amnesty. Daarnaast worden nieuwe medewerkers vertrouwd gemaakt met de interne organisatie van Amnesty Nederland en de rol van de verschillende afdelingen. In 2011 namen 29 nieuwe medewerkers (zowel vrijwillig als betaald) aan de introductiecursus deel. Alle nieuwe medewerkers volgden ook een interne automatiseringstraining.
Mensenrechtenserie
In de Mensenrechtenserie, een reeks bijeenkomsten op het landelijk secretariaat, presenteren gastsprekers hun inspirerende ervaringen aan de Amnesty-medewerkers. In 2011 waren onder meer VN-functionaris Kees Flinterman en de Britse rechtsfilosofe Marie-Bénédicte Dembour te gast. Op de Internationale Algemene Vergadering was er een bijeenkomst gewijd aan populisme, met Sarah de Lange van de Universiteit van Amsterdam.
In de loop van 2011 zijn er dertig betaalde vacatures ontstaan (28 in 2010). Deze zijn op een na allemaal eerst intern bekend gemaakt. De interne procedures hebben geleid tot invulling van negentien vacatures, vijftien vrijwilligers zijn aangesteld in een betaalde functie. De resterende vacatures zijn extern uitgezet. In de loop van het jaar zijn 37 nieuwe betaalde medewerkers bij Amnesty in dienst gekomen. Tien betaalde medewerkers hebben de organisatie verlaten; een uitstroom van 7 procent (12 procent in 2010).
Diversiteit
Amnesty wil graag de culturele diversiteit in haar personeelsbestand vergroten. In de jaren 2009 en 2010 waren we hierin redelijk succesvol, toen had 23 respectievelijk 24 procent van de instroom een niet-westerse achtergrond. In 2011 is er veel minder van ons diversiteitsbeleid terechtgekomen, slechts één betaalde medewerker, twee stagiairs en één vrijwilliger met een niet-westerse achtergrond zijn in dienst gekomen. Dat betekent dat we in 2012 de culturele diversiteit van ons personeelsbestand hoog op de agenda zullen zetten.
Het totale ziekteverzuimpercentage (exclusief zwangerschaps- en bevallingsverlof en exclusief verzuim langer dan twee jaar) bedroeg 6,6 procent (4,4 procent in 2010). Het ziekteverzuimpercentage heeft daarmee voor het eerst sinds jaren de norm die we onszelf hebben gesteld (5 procent) overschreden. Het hoge ziekteverzuim is voor een groot deel het gevolg van het feit dat zes medewerkers in 2011 zeer langdurig ziek waren. Dit was een zware last, in de eerste plaats natuurlijk voor de zieken zelf, maar ook voor de organisatie in de vorm van begeleiding, reïntegratie en vervanging. Bij een van de langdurig zieken was de ziekte arbeidsgerelateerd. Dertien medewerkers waren in 2011 langer dan 42 dagen geheel of gedeeltelijk ziek (twaalf in 2010). In het verslagjaar waren vier medewerksters met zwangerschaps-/bevallingsverlof (vijf in 2010).
Begeleiding en reïntegratie van langdurig zieken is een aandachtspunt voor 2012. We zullen actie ondernemen om het ziekteverzuim weer terug te brengen naar het door ons zelf gestelde maximum van 5 procent.
De ondernemingsraad (OR) bestaat uit zeven personen, die iedere twee jaar worden gekozen. Het tweede zittingsjaar, 2011, was een dynamisch en productief jaar. Zo hield de OR een vinger aan de pols bij de uitwerking van de in 2010 vastgestelde strategische beleidsvoornemens en bij veranderingen binnen twee afdelingen: de reorganisatie van de afdeling Publiekscommunicatie (dankzij de OR erkend als reorganisatie, waardoor het Sociaal Plan in werking trad) en een ingezette structurele wijziging binnen het cluster interne bedrijfsvoering. Daarnaast praatte de OR mee over de onderwerpen van het medewerkersonderzoek en besprak zij de uitkomst van het onderzoek met de bestuurder. De OR ging niet akkoord met een voorgestelde wijziging van het aanstellingsbeleid en wees op de negatieve bijeffecten van het huidige beleid. Zij wist het Managementteam ervan te overtuigen dat het aantal verschillende functieomschrijvingen moet worden teruggedrongen om het voor de medewerkers overzichtelijker en transparanter te maken. Ook nam de OR het initiatief tot een nieuwe klachtenregeling. In december 2011 kozen de medewerkers van het secretariaat een nieuwe OR.
Amnesty International afdeling Nederland
Vestigingsplaats
Amsterdam
Rechtsvorm
Vereniging
Doelstelling
Amnesty International streeft naar een wereld waarin iedereen alle rechten geniet die zijn vastgelegd in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (UVRM) en andere internationale mensenrechtendocumenten. Dit streven wordt inhoud gegeven door het doen van onderzoek en het voeren van actie gericht op het tegengaan en stoppen van ernstige schendingen van al deze rechten.
Sandra S. Lutchman (1958), voorzitter, tot en met 9 juni 2011
Directeur Common Purpose Nederland.
Nevenfuncties:
Lid Raad van Toezicht Oxfam NOVIB.
Lid denktank Public Space.
Bestuurslid Vrienden van de Bascule.
Gekozen als lid in 2005, herkozen als voorzitter in 2008, afgetreden op 9 juni 2011.
Ila Kasem (1967), voorzitter, vanaf 9 juni 2011
Directievoorzitter Van de Bunt Adviseurs.
Nevenfuncties:
Lid Raad van Toezicht Wereld Natuur Fonds.
Lid Raad van Toezicht Nederlands Fonds voor de Podiumkunsten.
Lid Raad van Toezicht Mondriaan Onderwijs Groep.
Bestuurslid Nederlandse Vereniging voor Psychotechniek.
Voorzitter Bestuur Stichting Marokko Fonds.
Bestuurslid Handels- en Investeringscentrum voor Noord-Marokko.
Bestuurslid Raad van Organisatieadviesbureaus (ROA).
Bestuurslid Stichting Giving Back.
Extern Voorzitter Adviescommissie Mondriaan Stichting.
Lid Klankbordgroep College voor de Rechten van de Mens i.o.
Gekozen als voorzitter op 14 mei 2011, in functie getreden op 9 juni 2011.
Richard Goldstein (1969), penningmeester
Partner bij PwC.
Geen nevenfuncties.
Gekozen in de functie van penningmeester in 2010.
Marjoleine Motz (1960), secretaris, tot en met 9 juni 2011
Relatiebeheerder/specialist bij ICCO op de afdeling Duurzame Economische Ontwikkeling.
Geen nevenfuncties.
Gekozen als lid in 2005, herkozen in 2008 en in 2009 in de functie van secretaris, afgetreden op 9 juni 2011.
Harm Noordhof (1946), secretaris vanaf 9 juni 2011
Consultant.
Nevenfuncties:
Lid bestuur De Maatschappij, ondernemend netwerk sinds 1977.
Voorzitter Stichting Stimulering Onderwijsjournalistiek.
Penningmeester K.F. Heinfonds voor Studie en Individuele Noden.
Vice-voorzitter Bezwarencommissie Functieordening HBO.
Gekozen als lid in 2006, herkozen in 2009, gekozen in de functie van secretaris in 2011.
Martijn Franssen (1973), lid
Partner bij Floodlights Media, een onafhankelijke producent van formats voor televisie.
Nevenfuncties:
Penningsmeester Haags Dierencentrum te Den Haag
Lid programmaraad Omroep West
Gekozen als lid in 2010.
Heleen de Jonge van Ellemeet (1979), lid
Wetenschappelijk Medewerker Strafrecht bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Nevenfuncties:
Vertrouwenspersoon bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Redacteur De Helling, blad van het wetenschappelijk bureau van GroenLinks.
Gekozen als lid in 2011.
Christien de Kruif (1975), lid
Onderwijs- en onderzoeksmedewerker aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid aan de Universiteit Leiden, afdeling Staats- en Bestuursrecht.
Geen nevenfuncties.
Gekozen als lid in 2008, herkozen in 2011.
Roelof Jan Manschot (1944), lid
Gepensioneerd.
Nevenfuncties:
Lid van het College van Toezicht Kansspelen.
Lid van de Raad van Advies College Bescherming Persoonsgegevens.
Gekozen als lid in 2009.
René Peters (1955), lid
Directeur-grootaandeelhouder Peters Management Services B.V.
Nevenfuncties:
Voorzitter bestuur instituut voor Mensenrechten en Medisch Onderzoek.
Gekozen als lid in 2009.
Marieke Schoenmakers (1966), lid
Directeur VPRO.
Nevenfuncties:
Lid Raad van Toezicht Muziekgebouw aan het IJ.
Bestuurslid Academische Jaarprijs.
Bestuurslid De Ateliers.
Gekozen als lid in 2011.
Joris Veldhoven (1984), lid
Strategie Concultant voor Shell Global Solutions.
Geen nevenfuncties.
Gekozen als lid in 2009, afgetreden per 9 juni 2011 wegens vertrek naar het buitenland.
Het bestuur kwam in 2011 zeven maal bijeen.
Vaste onderdelen van iedere bestuursvergadering waren: rapportage van de directie aan het bestuur over actuele zaken, rapportage van de bestuursleden en rapportage uit de commissies.
Daarnaast werd er gesproken over de viermaandelijkse rapportages over de voortgang op het terrein van de belangrijkste onderwerpen uit het jaarplan, over de voorbereiding van de hoofdpunten van het beleid en het jaarplan voor 2012 en over de rapportage over financiële en bedrijfsmatige kerncijfers. Ook bereidde het bestuur de vergaderingen van de Ledenraad van 14 mei en 20 november 2011 voor en stelde het de begroting van 2011, de jaarrekening van 2010 en het jaarverslag van 2010 in aanwezigheid van de accountant vast.
Daarnaast is door het bestuur een paar maal uitgebreid gesproken over het internationale beleid van Amnesty International (onder anderen met secretaris-generaal Salil Shetty): over de groei van de organisatie op het zuidelijk halfrond, de focus op de zogenaamde BRICS-landen (Brazilië, Rusland, India, China en Zuid-Afrika) en het internationaal toezicht en de voorbereiding van internationale vergaderingen.
Betalingen aan voormalig secretaris-generaal
In 2011 heeft het bestuur een aantal maal indringend gesproken over de betalingen aan voormalig secretaris-generaal Irene Khan en haar adjunct Kate Gilmore van het Internationaal Secretariaat in Londen. In februari van 2011 bleek dat het internationaal Amnesty-bestuur (International Executive Committee, IEC) eind 2009 forse betalingen heeft gedaan aan de vertrekkende secretaris-generaal en haar adjunct.
Toen dit bekend werd, vroegen bestuur en directie van Amnesty Nederland het Internationaal Bestuur direct om opheldering. Deze opheldering werd zo goed als op dat moment mogelijk was gegeven, maar was niet voldoende om de zorgen van het bestuur weg te nemen. Amnesty Nederland heeft in reactie hierop begin 2011 aangegeven ernstig bezorgd te zijn over de hoge bedragen die de voormalig secretaris-generaal en de adjunct secretaris-generaal in 2009 ontvingen. Ook hebben wij hierover kritische vragen gesteld aan het internationale bestuur. Naar aanleiding van deze vragen en die van andere nationale Amnesty-afdelingen heeft het Internationaal Bestuur een onafhankelijk onderzoek naar de betalingen laten uitvoeren.
De voorlopige resultaten van dit onderzoek zijn gepresenteerd en besproken tijdens de Internationale Ledenvergadering (ICM) in augustus in Noordwijkerhout. Eind 2011 verscheen het – nauwelijks hiervan afwijkende – eindrapport. Het rapport bevatte zeer duidelijke bevindingen, conclusies en aanbevelingen. Het stelde dat de betalingen onnodig hoog waren. Het gaf aan dat het Internationaal Bestuur niet adequaat heeft gehandeld, in wat overigens als een bijzonder complexe situatie werd gekenschetst. Tevens concludeerde het dat bestaande processen en procedures op het gebied van management, bestuur en toezicht binnen de internationale Amnesty-organisatie moesten verbeteren. De aanbevelingen die hiervoor werden gedaan bestrijken alle aspecten van de internationale organisatiestructuur. De onderzoekscommissie stelde een maatregelenpakket voor dat waarborgen inbouwt om dit soort situaties in de toekomst te voorkomen.
Op basis van de bevindingen van de commissie besprak de Internationale Ledenvergadering verdere stappen. De delegatie van Amnesty Nederland drong erop aan de aanbevelingen integraal over te nemen en deed daarnaast een aantal aanvullende voorstellen voor versterking van het internationaal bestuur en het toezicht. Deze voorstellen zijn opgenomen in een resolutie die unaniem door de internationale ledenvergadering is aangenomen. Uit de tekst daarvan blijkt dat Amnesty gecommitteerd is het beschadigde vertrouwen onder leden, publiek en stakeholders te herstellen en te versterken. Er werd besloten tot de uitvoering van een programma dat het internationaal bestuur en het toezicht structureel zal verbeteren.
Het bestuur evalueert jaarlijks zijn functioneren. Over het algemeen was het bestuur tevreden over zijn functioneren in 2011.
Thema’s waaraan het bestuur naar de mening van de bestuursleden de komende jaren prioritair aandacht zou moeten schenken zijn:
Bestuursleden verrichten hun werkzaamheden onbezoldigd en krijgen een vergoeding voor reiskosten, telefoonkosten en dergelijke, op basis van werkelijk gemaakte kosten. De bestuurskosten bedroegen € 8.865 (vergaderkosten en vergoeding reiskosten en overige vergoedingen zoals telefoon).
Bestuursleden worden door de Ledenraad benoemd uit de leden, voor een periode van drie jaar, na afloop waarvan zij herkiesbaar zijn voor een tweede periode van drie jaar. Bestuursleden die zijn benoemd na juni 2010 zijn herkiesbaar voor een derde periode van drie jaar. De Ledenraad kiest en benoemt de voorzitter, secretaris en penningmeester in functie. De Commissie Nieuwe Bestuursleden is belast met het zoeken van kandidaten voor het bestuur bij het ontstaan van vacatures. De commissie adviseert het bestuur en doet voordrachten, waarna het bestuur een voorstel aan de Ledenraad voorlegt. De Commissie Nieuwe Bestuursleden bestond in 2011 uit Frans Vijlbrief (voorzitter), Peter de Boer, Marise Hazenberg, Arien Scholtens en Tamara Trotman.
Het lidmaatschap van het bestuur eindigt door:
Zie verder de statuten van de Vereniging.
De Ledenraad bestaat nu uit 37 leden (de raad kan uit maximaal veertig leden bestaan), gekozen door de leden van de vijf regio’s. Leden van de Ledenraad zijn gekozen in 2010 voor een eerste termijn van drie jaar. Na afloop van deze termijn in 2013 kunnen leden nog twee maal voor een periode van drie jaar gekozen worden. Omdat de vereniging geen getrapte structuur kent, hebben de leden van de Ledenraad zitting in de Ledenraad zonder last of ruggespraak.
De Ledenraad is onder andere belast met de toezicht op het bestuur. Ook is het de taak van de leden van de Ledenraad om voeling te houden met de (actieve) leden van de vereniging in hun regio.
Uit de regio Drenthe/Friesland/Groningen
Migiel de Lange, Cees van Staveren, Bennie Werink, Deborah Wolting-Tolk en Tanja van der Woude
Uit de regio Noordoostpolder/Overijssel/Gelderland
Theo van Berkestijn, Cees van Bockel, Paula van den Dool (begin 2011 vervangen door Cees van Bockel) Sigrid van Haren, Gerard van de Heg, Karen van de Lockant, Kleis Oenema, Hélène van der Sijp, Peter Wester
Uit de regio Flevoland/Noord-Holland/Utrecht
Aad Alkemade, Henk Brandt, Bert Breij, Gert Dekkers, Sebastian Dinjens, Gert-Jan van Dommelen, Liesbeth van der Hoogte, Jeroen van Maaren, Saskia van de Mortel, Ellie Teunissen, Nico Tukker, Kees Verhoeven (eind 2011 vervangen door Rob de Wal), Rob de Wal
Uit de Regio Zuid-Holland/Zeeland
Ronald Berkhuizen, Ruud-Jan Kloek, Liesbeth Mulder, Paul Schenderling, Esther Sprangers, Henk Voets
Uit de regio Brabant/Limburg
Peter de Boer (eind november 2011 vervangen door Tom Godefrooij), Mohammed Bouyaouzan, Tom Godefrooij, Frank Janssen, Harry Kloezen, Corné Stroop, Hans Zwarts.
De Ledenraad is bevoegd te besluiten tot:
Aan de goedkeuring van de Ledenraad zijn onderworpen:
De ledenraadsleden vertegenwoordigen in de Ledenraad alle leden van de vereniging.
Ledenraadsvergaderingen 2011
In 2011 kwam de Ledenraad tweemaal bijeen, op 14 mei en op 19 november. Bij de meivergadering waren 25 van de 37 leden aanwezig en aan de novembervergadering namen 36 van de 37 leden deel.
Op de agenda van de meivergadering stonden onder andere de volgende onderwerpen: goedkeuring jaarverslag en jaarrekening, voortgangsrapportage uitvoering beleidsplan en hoofdpunten jaarplan, voorbereiding van de tweejaarlijkse internationale ledenvergadering en ontwikkeling van de Ledenraad. Belangrijk onderwerp van bespreking was de gang van zaken rond de vertrekregeling van de voormalige secretaris-generaal van Amnesty International en de door de internationale organisatie voorgenomen maatregelen om herhaling daarvan in de toekomst te voorkomen. De Ledenraad was zeer bezorgd toen bleek dat het internationale bestuur aan de secretaris-generaal en de adjunct secretaris-generaal in Londen bij hun vertrek betalingen hebben gedaan. Wel sprak de Ledenraad haar waardering ervoor uit dat het bestuur en de directeur van Amnesty Nederland tijdig openheid van zaken hadden gegeven en over hun inbreng in internationale overleggen om het besturen van en het toezicht houden op de internationale organisatie te verbeteren.
Op de agenda van de novembervergadering stonden de rapportage over de Internationale Ledenvergadering en de bespreking van hoofdpunten van het jaarplan 2012 en de bijbehorende begroting op hoofdlijnen. De Ledenraad keurde de beide laatste stukken goed, maar maakte daarbij de kanttekening dat in de toekomst de inhoudelijke planning en de financiële planning beter op elkaar moeten aansluiten. Dit is een belangrijk verbeterpunt. Daarnaast keurde de Ledenraad een nieuw Algemeen Reglement goed (ter vervanging van het oude Huishoudelijk Reglement) evenals herziene statuten van de Redactieraad van Wordt Vervolgd. Tot slot nam de Ledenraad het besluit om de Monumentenstichting Amnesty International (waarin het kantoorpand na aanschaf is ondergebracht) op te heffen. Ook werden de uitkomsten van de evaluatie van de Ledenraad na één jaar besproken (zie onder Functioneren Ledenraad).
Commissies
In mei koos de Ledenraad uit haar midden een Financiële Commissie, ter vervanging van de tijdelijk in functie gebleven Financiële Commissie uit het verleden. De commissie heeft tot taak:
In 2011 kwam de Financiële Commissie viermaal bijeen, waarvan de laatste twee keer in nieuwe samenstelling. Op 31 december 2011 bestond de commissie uit de volgende leden: Aad Alkemade, Gerard van de Heg, Saskia van de Mortel, Corné Stroop en Henk Voets.
De Ledenraad stelde in de meivergadering uit haar midden een commissie in met als opdracht een advies te formuleren over hoe de Ledenraad de achterban van actieve en niet-actieve leden kan informeren over haar rol, taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden, én over mogelijkheden voor de achterban om in contact te komen met de Ledenraad. In de novembervergadering is een communicatieplan van de commissie besproken en grotendeels aangenomen. De commissie bestaat uit: Ronald Berkhuizen, Henk Brand, Gert-Jan van Dommelen, Karen van de Lockant en Nico Tukker.
Eind 2011 evalueerde de Ledenraad haar eigen functioneren tijdens haar eerste jaar. De leden constateerden dat het onderzoek in 2012 herhaald moet worden, omdat een periode van één jaar bij nader inzien te kort was om conclusies te trekken. Desondanks kwam er een aantal verbeterpunten uit de evaluatie naar voren. Met name de communicatie tijdens vergaderingen kan beter: meer tijd voor fundamentele discussie, ruimte om informatie uit de regio’s terug te koppelen, een minder volle agenda. Terugkoppeling uit de regio’s heeft inmiddels in het ochtendgedeelte van de vergadering ruimte gekregen.
De Ledenraad is tevreden over de wijze waarop zij haar toezichthoudende taak heeft kunnen uitvoeren. Belangrijkste verbeterpunt is de onderlinge afstemming van de indeling van plannen, rapportages en financiële verslaglegging. Daarnaast heeft verbetering van de communicatie, zowel onderling als met het bestuur prioriteit.
Na drie vergaderingen kan worden geconstateerd dat de Ledenraad in haar rol groeit. De vergaderingen van de Ledenraad krijgen vorm: discussies gaan meer over hoofdzaken en verlopen efficiënter. Daarmee kan voorlopig geconcludeerd worden dat de toezichthoudende rol op het bestuur door de Ledenraad beter wordt uitgevoerd dan in het verleden door de Algemene Ledenvergadering.
De leden van de Ledenraad kunnen door hen gemaakte kosten voor reizen naar de twee vergaderingen per jaar en eventuele andere besprekingen in het kader van het lidmaatschap van de Ledenraad declareren. Dit alles op basis van tweedeklas openbaar vervoer. De vergaderingen van de Ledenraad vinden plaats op het kantoor van Amnesty International in Amsterdam.
De vergaderkosten van de Ledenraad bedroegen in 2011 € 4.705.
De werkzaamheden van de Vereniging Amnesty International Nederland worden gecoördineerd door het Landelijk Secretariaat (hoofdkantoor), onder verantwoordelijkheid van één directeur. De directeur wordt benoemd, geschorst en ontslagen door het bestuur.
Eduard Nazarski (1953), directeur
Nevenfuncties:
Bestuurslid Nederlands Migratie Instituut (NMI).
Bestuurslid Goede Doelen Platform.
In deze nevenfuncties staat de voor Amnesty International relevante relatie tussen mensenrechten en de civil society centraal.
Beloning
Het bestuur heeft het bezoldigingsbeleid, de hoogte van de directiebeloning en de hoogte van andere bezoldigingscomponenten vastgesteld. Bij de bepaling van het bezoldigingsbeleid en de vaststelling van de beloning volgt Amnesty International afdeling Nederland de Adviesregeling Beloning Directeuren van Goede Doelen van VFI en de Code Wijffels (zie www.vfi.nl). De Adviesregeling geeft aan de hand van zwaartecriteria een maximumnorm voor het jaarinkomen. De weging van de situatie bij Amnesty International afdeling Nederland vond plaats door het bestuur. Dit leidde tot een zogenaamde BSD-score van 470-500 punten met een maximaal jaarinkomen van € 124.233 (bij 470 punten) of € 140.046 (bij 500 punten), bij een 40-urige werkweek en voor een periode van 12 maanden (1 FTE/12 mnd).
Het voor de toetsing aan VFI-maxima relevante werkelijke jaarinkomen (1 FTE/12 mnd) van de directeur E. Nazarski bedroeg in 2011 € 100.912 (zie voor de uitgebreide gegevens jaarrekening, bezoldiging directie). Deze beloning bleef daarmee ruim binnen het VFI-maximum. De hoogte en samenstelling van de bezoldiging wordt behandeld in de jaarrekening in de toelichting op de staat van baten en lasten. Naast het jaarinkomen maken ook betaalde sociale verzekerings- en pensioenpremies deel uit van de bezoldiging.
Functioneren
De directeur voert tweewekelijks overleg met het managementteam. Eens per jaar heeft de directeur een functioneringsgesprek met de voorzitter en secretaris van het bestuur.
Garance Reus-Deelder (1966), Clustermanager Communicatie & Campagnes (tot eind 2011)
Geen nevenfuncties.
Brigit Schumacher (1961), Clustermanager Interne Bedrijfsvoering
Nevenfuncties:
Bestuurslid Artiance, Centrum voor de Kunsten in Alkmaar.
Wilco de Jonge (1964), Clustermanager Mensenrechtenbeleid
Nevenfuncties:
Redacteur van het tijdschrift Security and Human Rights (Martinus Nijhoff Publishers).
Penningmeester van de Stichting Vredeswetenschappen.
Algemeen secretaris van de Stichting Bridging the Gulf.
Jurylid van de Max van der Stoel-award.
Vestigingsplaats
Amsterdam
Rechtsvorm
Stichting
Doelstelling
Monumentenstichting Amnesty International afdeling Nederland is opgericht op 28 februari 2003 en heeft ten doel het in stand houden van monumenten in de zin van de Monumentenwet 1988, het verhuren / beheren en dergelijke van de registergoederen en het bijdragen aan het naleven van de rechten van de mens zoals uiteengezet in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens.
Samenstelling bestuur Monumentenstichting Amnesty International afdeling Nederland
Het bestuur van de Stichting bestaat uit het bestuur van de Vereniging.
Het bepaalde in de statuten van de Vereniging omtrent de taakverdeling van bestuursleden is overeenkomstig van toepassing.
Eind december 2011 is de Monumentenstichting, na goedkeuring door de Ledenraad, opgeheven. De Monumentenstichting was opgericht bij de aankoop van ons hoofdkantoor aan de Keizersgracht 177. Doordat de stichting het pand kocht, hoefde er geen overdrachtsbelasting te worden betaald. Voorheen zou bij opheffing van de stichting de belasting alsnog verschuldigd zijn. Inmiddels is de wet gewijzigd en kan de Monumentenstichting worden opgeheven zonder financiële gevolgen. We hebben daarvoor gekozen omdat het administratief ingewikkeld is om naast de vereniging een Monumentenstichting te hebben. De stichting is allereerst omgezet in een vereniging, waarna de Monumentenvereniging en de vereninging Amnesty International zijn gefuseerd. De vereniging Amnesty International is daarbij de verkrijgende, en de Monumentenvereniging de verdwijnende rechtspersoon.
In de verantwoordingsverklaring legt het bestuur verantwoording af over de principes van goed bestuur:
De bestaande verdeling van rollen en taken is vastgelegd in de internationale statuten, de statuten van Amnesty International, afdeling Nederland en in het directiestatuut van Amnesty Nederland.
De Ledenraad houdt toezicht
De toezichthoudende rol van de Ledenraad komt overeen met de rol die de Algemene Ledenvergadering in het verleden had en is daarmee niet vergelijkbaar met de rol van een Raad van Toezicht zoals bijvoorbeeld stichtingen die kennen.
Toezicht vooraf: het goedkeuren van het (meerjaren)beleidsplan, de meerjarenbegroting en de begroting op hoofdlijnen.
Toezicht achteraf: het goedkeuren van het jaarverslag en de jaarrekening.
Het Bestuur bestuurt
Bepalen van beleid/richting van de organisatie:
Vooraf:
Het vaststellen van het (meerjaren)beleidsplan van Amnesty Nederland. De directeur legt het bestuur jaarlijks een voortgangsrapportage van het beleidsplan voor. Het bestuur keurt de hoofdpunten van het jaarplan voor het volgende jaar goed.
In de loop van het jaar:
Iedere vier maanden rapporteert de directeur over de voortgang op de hoofdpunten en de hieraan bestede middelen. Tijdens iedere bestuursvergadering rapporteert de directeur over de actuele inhoudelijke, financiële en personele zaken. Op basis hiervan kan het bestuur eventueel bijsturen.
Achteraf:
Vaststellen van het jaarverslag.
Financiën:
Vooraf:
Vaststellen van meerjarenbegroting en begroting per jaar.
In de loop van het jaar:
Iedere vier maanden rapportage inkomsten, uitgaven en andere financiële kengetallen.
Rapportage van de directeur aan het bestuur.
Achteraf:
Vaststellen van de jaarrekening. Voorafgaand aan het vaststellen van de jaarrekening informeert de externe accountant het bestuur over zijn bevindingen.
De organisatie, onder leiding van de directeur, voert uit
De directeur heeft de dagelijkse leiding over de organisatie en vertegenwoordigt de vereniging extern. De organisatie bereidt alle voorstellen voor het bestuur voor, voert besluiten uit en legt verantwoording af aan het bestuur over de bereikte resultaten en de daarvoor gebruikte middelen.
Leer- en verbeterpunten van het bestuursmodel
Het bestuursmodel van Amnesty International Nederland is gebaseerd op de verenigingsstructuur. Met het instellen van de Ledenraad in 2010 (ter vervanging van de Algemene Leden Vergadering) is het bestuursmodel van Amnesty International doorontwikkeld. Inzet van het geheel is te komen tot een bestuurs- en toezichthoudende structuur die een scherper onderscheid maakt tussen de verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de verschillende organen, waarbij de verenigingscultuur van Amnesty International Nederland gerespecteerd wordt. Met de instelling van de Ledenraad is het toezicht op het bestuur versterkt, het bestuur legt meer dan in het verleden verantwoording af aan een gekozen vertegenwoordiging van de leden. In 2011 is de inrichting van de vergaderingen van de Ledenraad verder op de behoeften van de Ledenraad afgestemd. In de vergaderingen is meer ruimte ingebouwd voor het inbrengen van signalen vanuit de achterban. Ook is de mate van detail in de stukken teruggebracht, zodat de Ledenraad zich op de hoofdlijnen kan richten.
Ook de wisselwerking tussen het bestuur en de directie is – zoals ook uit de zelfevaluatie van het bestuur is gebleken – voor verbetering vatbaar. Daarbij gaat het er met name om dat de werkzaamheden van bestuur en directie niet overlappen. Het bestuur zal zich meer op de hoofdlijnen moeten richten, zonder dat de breedte van het ‘speelveld’ van het bestuur wordt ingeperkt.
Het meerjarenbeleidsplan (Agenda ’10-’16) en bijbehorende meerjarenramingen geven de beleidsrichting aan en de daarmee samenhangende inzet van middelen. Per jaar worden jaarplannen gemaakt, waarbij directie en bestuur inhoudelijke prioriteiten aangeven. De prioriteiten worden vertaald naar ‘hoofdpunten voor de organisatie’. Deze worden door het bestuur goedgekeurd, de overige activiteiten door het managementteam en de directeur. De effectiviteit van de bestedingen van Amnesty wereldwijd zal naar verwachting groter zijn als er zoveel mogelijk wereldwijd gewerkt wordt aan dezelfde prioriteiten en campagnes. Daarom is er voor de jaren 2010/11 voor het eerst een Global Priority Statement opgesteld. De hoofdpunten voor Amnesty Nederland in 2011 zijn afgeleid van de wereldwijde prioriteiten. De hoofdpunten 2011 zijn enerzijds een vertaling van de wereldwijde prioriteiten naar de Nederlandse situatie. Anderzijds zijn in de hoofdpunten onderwerpen opgenomen die essentieel zijn voor de zichtbaarheid in de Nederlandse samenleving.
Over de voortgang van de hoofdpunten wordt eenmaal per twee maanden door de verantwoordelijke projectleiders gerapporteerd aan directie en managementteam. Iedere vier maanden legt de directeur hierover verantwoording af aan het bestuur. Rapportage aan het bestuur over actuele zaken vindt plaats in de vorm van tussentijdse rapportages bij iedere bestuursvergadering.
Iedere twee maanden worden in de vorm van een ‘dashboard’ kerncijfers over financiën en andere bedrijfsmatige gegevens geleverd aan het managementteam en iedere vier maanden aan het bestuur. Deze gegevens maken tijdige bijsturing mogelijk.
Een van de maatstaven voor de efficiency van onze bestedingen is de omvang van de kosten van het beheer en de administratie. Binnen de branche (Vereniging van Fondsenwervende Instellingen) zijn afspraken gemaakt om kosten op eenduidige wijze toe te rekenen om zo vergelijking tussen organisaties mogelijk te maken. Het bestuur van Amnesty Nederland heeft het percentage van de kosten voor beheer en administratie bepaald op 4 tot 6 procent. In 2011 besteedde Amnesty Nederland 4,4 procent van de totale bestedingen aan beheer en administratie.
De monitoring van de effectiviteit en efficiency van de bestedingen aan de beleidsprioriteiten, de organisatiebrede hoofdpunten, is een voortdurend aandachtspunt. Daarbij staan de gewenste mensenrechtenverbeteringen centraal en wordt geregistreerd welke activiteiten het meeste effect hebben op de doelstelling.
Belanghebbenden voor (en vaak ook met) wie wij ons werk doen zijn:
Belanghebbenden met wie wij ons werk doen zijn:
Amnesty Nederland ziet samenwerking met externe partijen als een nuttig instrument om bepaalde doelstellingen te bereiken. Wij zijn ons steeds meer bewust geworden van de kansen van samenwerking met externe partijen en van de risico’s van een al te sterk isolement. Voor versterking van de mensenrechtenbeweging in landen van het Zuiden is gelijkwaardige samenwerking met lokale mensenrechtenorganisaties bijvoorbeeld onontbeerlijk. De komende jaren zal Amnesty wereldwijd meer samenwerkingsverbanden aangaan.
Zorgvuldigheid bij het kiezen van samenwerkingspartners is echter geboden. We wegen per geval de voordelen van samenwerking af tegen de risico’s, waaronder de kans op imagoschade en mogelijke bedreiging voor onafhankelijkheid en onpartijdigheid. In 2010 stelden we hiervoor duidelijker richtlijnen op. Bijdragen van nationale overheden voor onderzoek en actie zijn uitgesloten. Voor internationale projecten met een educatief doel zijn dergelijke bijdragen wel mogelijk.
Overzicht externe samenwerking in 2011
(noot: betreft alleen de afdelingsoverstijgende en/of omvangrijke (>€ 10.000/jaar) externe samenwerking in het jaar 2011)
Coalities
Amnesty International Nederland doet mee aan:
- Geen kind in de cel
- Geen kind op straat
- Control Arms Campaign
- Schone Kleren Campagne
- Werkgroep 1325
Platforms
Amnesty International Nederland maakt deel uit van:
- Breed Mensenrechten Overleg
- Breed Mensenrechten Overleg Nederland
- Breed NGO overleg Indonesië
- Bangladesh Overleg Mensenrechten (BOOM)
- Colombia platform
- Grote Meren Platform
- MVO-Platform
- Platform Internationale LGBT Emancipatie (PILE)
- Platform Mensenrechteneducatie
- Zimbabwe Europe Network (ZEN)
Institutionele samenwerkingsverbanden
Amnesty International Nederland werkt samen met:
- COC inzake het Pridefonds
- FNV Mondiaal, IKV Pax Christi, Milieudefensie, Oxfam Novib, en de Dierenbescherming inzake de Eerlijke Bankwijzer
- FNV, Free Voice, ICCO, Kerk in Actie en NIZA inzake Zimbabwe Watch
- Free Press Unlimited inzake Dag van de Persvrijheid
- GPPAC, IKV Pax Christi en Free Press Unlimited inzake Freedom from Fear (samenwerken aan vrede, mensenrechten en conflictpreventie)
- Hivos, IKV Pax Christi en Oxfam Novib inzake Bridging the Gulf
- Hivos en UAF inzake RESPITE (tijdelijke opvang van mensenrechtenverdedigers in Nederland)
- Lawyers 4 Lawyers
- Nationaal Comité 4 en 5 mei
- Nederlands Helsinki Comité inzake het bevorderen van de naleving van de mensenrechten in de OVSE-regio
- Peace Brigades International
- PEN Nederland inzake de campagne Steun de vervolgde schrijvers in China
- Rechters voor Rechters
- Stichting LOS inzake het Meldpunt Vreemdelingendetentie
- Stichting Movies that Matter
- Stichting Vredeswetenschappen en de Rotterdam School of Management inzake de mogelijke instelling van de Leerstoel International Business, Human Rights and Peace
- Vluchtelingenwerk, Pharos, SMAK, Stichting Arq, ASKV en Johannes Wier Stichting inzake de oprichting van het Instituut voor Mensenrechten en Medisch Onderzoek (IMMO)
Na een voorstudie nam Amnesty in 2011, tezamen met een aantal partnerorganisaties, initiatief tot de oprichting van het instituut voor Mensenrechten en Medisch Onderzoek (iMMO). Dit instituut legt zich toe op forensisch medisch onderzoek van vermoede slachtoffers van marteling en inhumane behandeling. In het bijzonder in de context van een asielprocedure. De Medische Onderzoeksgroep (MOG) van Amnesty, op dit gebied met vrijwillige artsen al actief vanaf 1977, wordt in de nieuwe organisatie ingebracht. Op 14 juli vond de formele oprichting van de stichting plaats, de rest van het jaar was gevuld met intensieve voorbereidingen, waaronder de werving van fondsen en de rekrutering van een directie en medewerkers. Een artikel in artsenblad Medisch Contact leverde meer dan vijftig nieuwe geïnteresseerde artsen en psychologen op. In het eerste kwartaal van 2012 is iMMO operationeel geworden.
Samenwerking gericht op dienstverlening
Amnesty International Nederland werkt samen met:
- Dutch Dialogue Marketing Association (DDMA)
- Lowlands
- Nederlandse Vereniging van Fondsenwervende Organisaties (VFI)
- Pinkpop
Samenwerking met zuidelijke partners
Amnesty International Nederland werkt samen met:
- Belarus Helsinki committee
- Center for Cultural Management – PUKANAWI (Bolivia)
- Center for Environment, Human Rights and Development – CEHRD (Nigeria)
- Coming Out St-Petersburg
- Kontras (Indonesië)
- Northern Uganda Partnership for Human Rights
- Russisch LGBT Network
- Saratov Crisis Center (Rusland)
- Sierra Leone Human Rights Coalition ‘Accessing Justice in Rural Sierra Leone’
- Strategic Initiative for Women in the Horn of Africa (Oeganda)
- Regional Centre for Minorities (Servië)
Samenwerking met nationale Amnesty-afdelingen
Amnesty International Nederland werkt vooral samen met:
Samenwerking gericht op financiering
Amnesty International Nederland krijgt financiële steun van:
- Adessium Foundation
- ASN Bank
- Flexi-Plan
- Hartstra Stichting
- Hivos
- Nationale Postcode Loterij
- Open Society Justice Initiative
- Stichting Retourschip
- Triodos Bank
Communicatie is erg belangrijk voor het werk van Amnesty International. Juist door berichten over schendingen van mensenrechten zoveel mogelijk te verspreiden, voeren we de druk op degenen die daarvoor verantwoordelijk zijn op. Door het verspreiden van informatie creëren we collectieve verontwaardiging en zetten we mensen aan tot actie.
In onze communicatie-uitingen vindt steeds meer een verschuiving plaats van papieren uitingen naar e-mail, websites en sociale media. Daardoor kunnen wij onze informatie sneller verspreiden en besparen we op papier, inkt, opslagruimte en verzendkosten. Sommige uitingen blijven we echter op papier uitgeven, omdat de houdbaarheid en attentiewaarde daarvan, zeker voor sommige doelgroepen, groter is. Met een uitgekiende mix van communicatiemiddelen proberen we een breed publiek te bedienen.
We informeren de media door middel van persberichten, telefonisch, via blogs, via opiniestukken en via sociale media en de website. We benaderen de media actief met onder meer Amnesty-rapporten, campagnes, acties, foto’s en filmmateriaal. Daarnaast beantwoorden we reactief vragen van de media over allerlei mensenrechtenonderwerpen op Amnesty’s werkterrein.
Wanneer we welk medium benaderen hangt af van het onderwerp, het belang ervan en wat we ermee willen. Soms is een opinieartikel om de Haagse politiek te beïnvloeden effectiever dan tien kleine berichtjes in allerlei kranten.
In totaal gaven medewerkers van Amnesty Nederland in 2011 bijna 150 interviews voor radio en tv. Beide besteedden vaker dan in voorgaande jaren aandacht aan Amnesty: de landelijke televisie vijftig keer (2010: 29) en de radio 133 keer (2010: 116). Ook werd Amnesty, zowel on- als offline, talloze malen geciteerd. Op internet verschenen ten minste 978 artikelen over Amnesty, die vaak door meerdere websites werden overgenomen. Er verschenen ten minste 409 artikelen in kranten en tijdschriften, die vaak ook weer door meerdere kranten werden overgenomen.
Onderwerpen waarvoor Amnesty Nederland in 2011 in ruime mate aandacht wist te krijgen waren onder meer ons 50-jarig bestaan, onze rapporten over het Midden-Oosten en Noord-Afrika en onze acties rondom de mensenrechtensituatie in China naar aanleiding van de boekenbeurs in Beijing. Toen Amnesty Nederland in oktober de Notitie Alternatieven voor Vreemdelingendetentie publiceerde, leidde dat tot Kamervragen en media-aandacht, onder meer tot interviews met directeur Eduard Nazarski.
Amnesty heeft beperkte middelen voor betaalde publiciteit. Als we onze boodschap voldoende kunnen verkondigen via gratis berichten in de media heeft dat onze voorkeur. Soms besluiten we toch advertentiemiddelen in te zetten, omdat een bepaald campagnethema zo actueel is dat we er extra aandacht op willen vestigen, of omdat we binnen korte tijd veel respons willen genereren op een actie. In 2011 plaatsten we om beide redenen bijvoorbeeld advertenties om vervolgde schrijvers in China te ondersteunen. De media besteedden vervolgens ook veel redactionele aandacht aan dit onderwerp. Ook bij de aftrap van onze Campagne voor mensenrechten in het Midden-Oosten en Noord-Afrika plaatsten we advertenties. We hingen grote posters op veel treinstations en plaatsten advertenties in de Volkskrant, de NRC-gids en studentenblad Folia. Een onderzoek onder de Volkskrant-lezers wees uit dat de advertentie de aandacht trok en zeer positief werd gewaardeerd. Daarnaast plaatsten we advertenties ter ondersteuning van de Collecteweek, Educatie en diverse kleinere thema’s. Dankzij hoge kortingen die Amnesty van veel media ontvangt, was het mogelijk om de advertentieruimte relatief goedkoop in te kopen.
In 2011 gaven we € 176.139 (ex btw) uit aan betaalde publiciteit.
Het overgrote deel (60 procent) van de uitgaven ging naar advertenties in landelijke dagbladen. Daarnaast werd geadverteerd via buitenreclame (14 procent) en in tijdschriften (13 procent). De rest ging op aan radiospots.
FAmnesty Nederland maakte in 2011 onder meer eigen audiovisuele producties over de schadelijke gevolgen van oliewinning in het Nigeriaanse Bodo en leverde een bijdrage aan de serie Mensjesrechten, die eind oktober door IKON / HUMAN op de televisie werd uitgezonden.
In het kader van ons 50-jarig bestaan maakten we vijf filmportretten van Amnesty-leden, die we vertoonden bij onze verschillende jubileumevenementen en plaatsten op de website 50jaar.amnesty.nl.
Verder filmden we zes steunbetuigingen van Nederlandse schrijvers (Ramsey Nasr, Tommy Wieringa, Renate Dorrestein, René Appel, Arthur Japin en Yvonne Kronenberg) aan vervolgde Chinese schrijvers. Deze plaatsten we op onze website en stuurden we naar de families van de Chinese schrijvers en naar de Chinese autoriteiten.
Ook maakten we een tiendelige serie filmpjes over de familie Muthuku, die leeft in een Keniaanse sloppenwijk. Deze serie werd in september uitgezonden door de KRO, draaide in oktober op het Cinekid festival en werd ook op buitenlandse festivals vertoond, onder andere in Praag en Istanbul. Ook ontwikkelden we rondom de filmpjes lesmateriaal voor leerlingen van groep 7 en 8 en de brugklas (lees meer over het Muthuku-lesmateriaal).
Daarnaast voegden we elke maand drie nieuwe korte films van lokale verslaggevers uit twaalf landen toe aan de website www.slumstories.org. De verslaggevers maakten op ons verzoek filmpjes over sloppenwijken en gedwongen huisuitzettingen. In totaal maakten zij 53 filmpjes.
Movies that Matter Festival
Amnesty International is partner van Stichting Movies that Matter. Van 24 tot en met 30 maart 2011 vond het jaarlijkse Movies that Matter Festival plaats in Den Haag, de Internationale stad van Vrede en Recht.
Het film- en debatfestival presenteerde ruim zeventig documentaires en speelfilms over mensenrechten en menselijke waardigheid. Met 17.500 bezoekers realiseerde het festival een groei in bezoekcijfers van 20 procent ten opzichte van 2010. Het festival kent een uitgebreid verdiepingsprogramma van tientallen debatten, interviews en discussies. Er waren 83 internationale gasten.
Het hoofdprogramma A Matter of ACT van Amnesty International bood tien documentaires over vooraanstaande mensenrechtenverdedigers, van wie de meesten ook aanwezig waren. Onder hen waren de Indonesische activiste Suciwati Munir -weduwe van de omgebrachte activist Munir Said Thalib-, de Russische filmmakers Andrei Nekrasov en Olga Konskaja die persoonlijk onderzoek deden naar de oorlog tussen Rusland en Georgië in 2008, en de Kameroense advocate Alice Nkom die zich inzet voor de rechten van homoseksuelen in haar land. De Birmese politica Aung San Suu Kyi, onderwerp van de documentaire Lady of No Fear, kon haar land niet verlaten. Dichter des Vaderlands Ramsey Nasr interviewde haar daarom samen met een cameraman in Myanmar (Birma).
Het interview met Aung San Suu Kyi en andere hoogtepunten zorgden voor veel media-aandacht. Daarnaast leidden bijzondere ontmoetingen tussen internationale festivalgasten en politici, experts en vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties tot uitwisseling en coalities op het gebied van politieke lobby en diplomatieke betrekkingen.
Amnesty Nederland brengt drie periodieken uit. AmnestyNU (oplage 245.000) brengt leden drie keer per jaar op bondige manier op de hoogte van Amnesty’s werk. Dit blad verving in 2011 AmnestyNL. Het legt meer de nadruk op resultaten en verwijst meer naar onze digitale media. De toon is positief, hoopvol en persoonlijk. Onderzoek onder de lezers wees uit dat zij het blad positief beoordeelden, al gaven zij aan graag nog meer resultaten te zien.
Amnesty in Actie (oplage 15.000) is bestemd voor de actieve leden en doet maandelijks verslag van acties en geeft achtergrondinformatie.
Wordt Vervolgd (oplage 30.000) is Amnesty’s opiniemaandblad over mensenrechten. Het besteedde in 2011 onder meer aandacht aan mensenrechten in Nederland, de Arabische Lente en de oliewinning in Nigeria, en publiceerde een interview met minister Rosenthal van Buitenlandse Zaken. Het maartnummer was gewijd aan het Movies that Matter Festival en het meinummer aan Amnesty’s vijftigste verjaardag. Zoals gebruikelijk werd het decembernummer, over het mensenrechtenjaar 2011, aan alle leden toegestuurd.
Ook verstuurden we maandelijks de digitale nieuwsbrief E-nieuws met daarin de laatste Amnesty-berichten naar mensen die zich daarvoor hadden opgegeven. In december voegden we deze nieuwsbrief, de digitale versie van AmnestyNU en de mailings aan ons Actieplatform samen in de maandelijkse e-mailing ‘Kom in actie’. Daarin besteden we aandacht aan lopende campagnes, acties en goed nieuws.
Amnesty-medewerkers worden regelmatig uitgenodigd om te spreken bij bijeenkomsten van allerhande organisaties. Daarnaast organiseren we regelmatig zelf bijeenkomsten, voor specifieke doelgroepen of een algemeen publiek. Zo waren er in 2011 debatten ter gelegenheid van ons vijftigjarig bestaan, in het kader van onze campagne voor vervolgde schrijvers in China en als aftrap van de campagne voor mensenrechten in het Midden-Oosten en Noord-Afrika. Daarnaast was er een conferentie over mensenrechteneducatie en waren er verscheidene bijeenkomsten met mensenrechtenverdedigers uit andere landen die bij ons te gast waren.
Het bezoek aan www.amnesty.nl nam in 2011 met 9,8 procent toe, van 707.739 bezoeken in 2010 tot 773.184 in 2011. Het aantal unieke bezoeken steeg met 7,7 procent van 502.860 in 2010 tot 541.722 in 2011. Dit kwam vooral doordat we via onze e-mailings 10 procent meer bezoekers naar onze website trokken, via gratis advertentieruimte op Google 13 procent meer en via Facebook zelfs 200 procent meer dan in 2010. De e-mailings stuurden we naar meer mensen en we verwezen daarin meer naar acties op de website.
Sommige delen van onze website zijn openbaar, andere zijn alleen toegankelijk voor bepaalde doelgroepen. Zo is er een speciaal deel voor leden van lokale groepen en een deel voor actieve leden die aan dossiers werken. Zij vinden daar informatie en acties waarmee ze hun werk kunnen uitvoeren. In 2011 lanceerden we ook een speciale jubileumsite: 50jaar.amnesty.nl.
Website vernieuwd
In augustus ging Amnesty’s geheel vernieuwde website de lucht in. De site is vormgegeven in de internationale (zwart-gele) Amnesty-huisstijl. Bezoekers van de nieuwe site krijgen bij het lezen van een bericht direct actiemogelijkheden aangeboden die daarmee verband houden. Daarnaast brachten we meer focus aan in de geboden informatie op de website, waardoor er nu nog vrijwel alleen informatie over onze prioriteitslanden en gekozen thema’s op is terug te vinden. We verbeterden ook de zoekfunctie en zorgden ervoor dat meer pagina’s te delen zijn via sociale media. Van augustus tot en met december werden pagina’s van de website 8.700 keer gedeeld. Zestig procent deed dat via Facebook.
Bereik ‘delen’ via Facebook
Aantal keer pagina gedeeld via Facebook: 5.220
Gemiddeld aantal Facebookvrienden: 190
Potentiële extra zichtbaarheid: 991.000 keer
De nieuwe website trok in de maanden augustus tot en met december 5 procent minder bezoeken en 6 procent minder unieke bezoeken dan de oude site in dezelfde periode een jaar eerder. Dit kwam enerzijds doordat we het aantal pagina’s van onze website reduceerden en anderzijds doordat we de optimalisering van onze vindbaarheid via zoekmachines gedeeltelijk verloren. Dit terwijl iets meer dan de helft van de bezoekers op onze website terechtkomt via een zoekmachine. We werken aan herstel van onze vindbaarheid. In 2012 zullen we de introductie van de nieuwe website evalueren.
Mensen kunnen bij Amnesty Nederland een klacht indienen via het klachtenformulier op de website, per brief of per telefoon. Alle klachten werden binnen twee weken afgehandeld, de meeste op de dag van ontvangst. Het merendeel van de klachten betrof Amnesty’s functioneren, met name onze fondsenwerving, technische disfunctionaliteit – van met name onze webshop, die bij de overgang naar de nieuwe site kinderziektes vertoonde – en ons salarisbeleid. Zo’n duizend leden klaagden over betalingen bij vertrek aan de voormalig secretaris-generaal en voormalig adjunct-secretaris-generaal van het Internationaal Secretariaat, 843 daarvan zegden hun lidmaatschap op. We ontvingen 150 klachten over deur-tot-deur-werving en telemarketing. Deze klachten speelden wij door aan de betreffende wervingsbureaus. Er zijn vrijwel geen niet-leden die klachten hebben over Amnesty. Wel nemen zij contact met ons op over onderwerpen die spelen in de maatschappij waarover zij het Amnesty-standpunt willen weten, of waarbij ze zich over ons standpunt kwaad maken. In 2011 waren dit vooral: het boerkaverbod, de IND, het salaris van onze directeur, ouderenzorg in Nederland, Erwin Lensink de waxinegooier en de Arabische Lente.
Amnesty-kantoren
Missie
Amnesty International streeft naar een wereld waarin iedereen alle rechten geniet die zijn vastgelegd in
de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en andere internationale
mensenrechtendocumenten. Amnesty doet onderzoek en voert actie gericht op het tegengaan en stoppen
van ernstige schendingen van al deze rechten.
Kernwaarden
Amnesty International is een wereldwijde gemeenschap van mensenrechtenverdedigers die uitgaat van
de principes van internationale solidariteit, effectieve actie voor individuele slachtoffers, een wereldwijd
bereik, de universaliteit en ondeelbaarheid van de mensenrechten, onpartijdigheid, onafhankelijkheid,
democratie en wederzijds respect.
Wij voeren onze werkzaamheden uit met respect voor mens en milieu.
Amnesty International is een wereldwijde beweging met meer dan 3 miljoen leden en donateurs in meer dan 150 landen en met kantoren in meer dan tachtig landen. Het hoofdkantoor (het Internationaal Secretariaat, IS) bevindt zich in Londen. Alle nationale afdelingen dragen bij aan de financiering van het IS.
Op het IS werken zo’n 550 betaalde en vrijwillige medewerkers uit meer dan vijftig landen. De belangrijkste taken van het IS zijn:
Het IS bracht in 2011 161 rapporten uit. Daarvan hadden er 142 betrekking op specifieke landen of regio’s: 32 over Afrika, 28 over Noord-, Zuid- en Midden-Amerika, 20 over Azië, 36 over Europa en 26 over het Midden-Oosten en Noord-Afrika. Er werden 606 bliksemacties gevoerd: 367 nieuwe acties en 239 vervolgacties.
Amnesty International is onpartijdig en onafhankelijk. Daarom nemen we voor onderzoek en acties geen geld aan van overheden. Ons werk bekostigen we uit bijdragen van leden en donateurs van de nationale Amnesty-afdelingen. Door middel van een contributieregeling dragen alle nationale afdelingen bij aan de kosten van het IS. Amnesty Nederland droeg, als een van de grootste nationale afdelingen, ruim € 9,2 miljoen af als bijdrage aan het IS, en in aanvulling daarop een vrijwillige extra bijdrage van € 0,5 miljoen. Daarnaast droeg Amnesty Nederland ruim € 3,1 miljoen bij aan internationale projecten en € 0,3 miljoen aan Amnesty’s EU-Kantoor in Brussel. (Zie verder hierover, en over de bestedingen van het IS het Financieel jaarverslag.)
De Internationale Ledenvergadering (International Council Meeting, ICM) is het hoogste bestuursorgaan van Amnesty International. De ICM komt eens in de twee jaar bijeen en bestaat uit vertegenwoordigers van alle nationale afdelingen. De ICM bepaalt het beleid van Amnesty International en kiest het negenkoppige Internationaal Bestuur (IEC), dat toeziet op de uitvoering van het beleid door de secretaris-generaal, die aan het hoofd staat van het IS.
ICM 2011
Medio augustus was er een ICM in Noordwijk. Ruim vierhonderd Amnesty-activisten uit 68 landen kozen er een nieuw internationaal bestuur. Daarnaast bogen zij zich een week lang over het functioneren van hun organisatie. Onderwerpen daarbij waren: groei van Amnesty in niet-westerse landen, het effect van de financiële crisis op onze organisatie en de betalingen aan de secretaris-generaal en de adjunct secretaris-generaal van Amnesty International in Londen. Er werd gesproken over onze inhoudelijke wereldwijde prioriteiten, waaronder: maatschappelijke verantwoordelijkheid van bedrijven, het in 2012 te sluiten VN-Wapenhandelverdrag, het Midden-Oosten en Noord-Afrika en opkomend populisme in Europa. De slotresolutie concludeerde dat Amnesty haar inspanningen voor vrouwenrechten zal verdubbelen en in kwesties zoals populisme of homodiscriminatie zo nodig ‘het openbaar debat een nieuwe vorm zal geven’.
De Nederlandse Amnesty-afdeling, die bestaat sinds 1968, behoort tot de grootste Amnesty-afdelingen ter wereld. Amnesty Nederland had aan het eind van 2011 289.972 leden en donateurs.
Amnesty Nederland heeft een gekozen Ledenraad, bestaande uit 37 leden, die per regio via verkiezingen onder alle leden zijn gekozen voor de duur van drie jaar. De Ledenraad komt tweemaal per jaar bijeen en houdt onder meer toezicht op het bestuur, besluit over belangrijke beleidszaken en kiest de leden van het bestuur, de financiële commissie en de commissie van beroep. Eindverantwoordelijk voor de uitvoering van de besluiten van de Ledenraad is het bestuur. Bestuursleden worden door de Ledenraad gekozen voor een termijn van drie jaar, met de mogelijkheid tot maximaal twee herverkiezingen.
Meer informatie over samenstelling en werkzaamheden van het bestuur, en over de Ledenraad van 2011.
Landelijk Secretariaat
De werkzaamheden van de Amnesty Nederland worden voorbereid en grotendeels uitgevoerd door het Landelijk Secretariaat (hoofdkantoor) in Amsterdam, onder verantwoordelijkheid van de directeur. Op het Landelijk Secretariaat werkten op 31 december 2011 146 betaalde en 63 vrijwillige medewerkers.

Achterban
De aanhangers van Amnesty Nederland kunnen zich op tal van manieren voor de mensenrechten inzetten. Zij kunnen Amnesty financieel steunen en kunnen ook meedoen aan een breed scala van activiteiten, zowel individueel als in groepsverband. Er zijn lokale Amnesty-groepen, jongeren-, studenten- en taakgroepen. De Amnesty-groepen werken in vijf regio’s, onder verantwoordelijkheid van een regiocoördinator. De lokale groepen worden ondersteund door specialisten en adviseurs, zoals landenmedewerkers en regionale vrijwilligers op het gebied van onder meer actievoeren en mediavoorlichting. Het grootste deel van de achterban is actief op individuele basis.
Meer over de samenstelling en het werk van Amnesty’s achterban.
Amnesty Nederland heeft in 2009 een MVO-beleid opgesteld. Dat beleid stuurt het handelen van alle medewerkers. Het sluit aan bij onze missie: het streven naar een wereld waarin iedereen alle rechten geniet die zijn vastgelegd in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en andere internationale mensenrechtendocumenten. Daarnaast beseffen we dat we een bredere verantwoordelijkheid hebben dan ons eigen werkterrein. De zorg voor mensenrechten hangt samen met aandacht voor maatschappelijke vraagstukken op sociaal, ecologisch en economisch gebied. Ook op die gebieden willen we ervoor zorgen dat ons handelen geen negatieve gevolgen heeft.
Wat verstaat Amnesty International onder MVO?
Amnesty Nederland heeft bijgedragen aan de definitie die wordt gehanteerd door het MVO-Platform (een netwerk van 35 maatschappelijke organisaties en vakbonden, waaronder Amnesty International, die samenwerken op het gebied van maatschappelijk verantwoord ondernemen). Die luidt: ‘MVO is een resultaatgericht proces waarbij een bedrijf over de gehele keten van zijn activiteiten verantwoordelijkheid neemt over de effecten van deze activiteiten op sociaal, ecologisch en economisch gebied, daarover verantwoording aflegt en de dialoog aangaat met belanghebbenden.’
Wij streven ernaar dit door te voeren in ons handelen op onder meer de volgende terreinen:
Inkoop
Wij willen verantwoord inkopen. Dat betekent dat leveranciers aantoonbaar hun best moeten doen om de mensenrechten niet te schenden en het milieu zo min mogelijk te belasten. Aan leveranciers wordt gevraagd inzicht te geven in de wijze waarop de producten of diensten tot stand zijn gekomen. Dit geldt onder meer voor de producten die te koop zijn via onze website, voor voedsel en dranken in onze kantine en voor de computers waarop we werken.
De IT-afdeling heeft in 2011 apparatuur aangeschaft voor de opslag van onze digitale data, variërend van tekstbestanden tot videoproducties. Naast betrouwbaarheid is daarbij gekeken naar duurzaamheid. Leveranciers en producenten werden allereerst beoordeeld op hun MVO-beleid en transparantie hierover. Uiteindelijk is gekozen voor een product dat goed scoort op efficiency en prijs en laag op energieverbruik en warmte-uitstoot.
Een werknemersinitiatief heeft afgelopen jaar geleid tot een flinke verduurzaming van het cateringaanbod in de kantine. Een ruime meerderheid van de medewerkersgaf aan alleen biologisch vlees, biologische eieren en vis met duurzaamheidskeurmerk in de kantine te willen, evenals een groter vegetarisch aanbod. Deze wens is gehonoreerd. Zo’n 80 procent van het aanbod aan voedsel en dranken is nu fairtrade en/of biologisch.
Externe samenwerking
Amnesty International werkt samen met externe partners, bijvoorbeeld bij de Eerlijke Bankwijzer, bij de uitvoering van het Speciaal Programma voor Afrika en op het gebied van sponsoring. Samenwerking moet volgens ons beleid leiden tot versterking van onze doelstellingen en aansluiten bij onze missie. Potentiële partners worden beoordeeld in het licht van ons beleid. In 2011 is dit onder meer gebeurd bij een aantal partners waarmee wij inmiddels samenwerken op het gebied van onderzoek.
Mobiliteit en milieubelasting
Dienstreizen voor Amnesty worden in principe gemaakt met het openbaar vervoer. Auto’s gebruiken we zo weinig mogelijk. Onze telewerkregeling vermindert woon-werkverkeer. Reizen per vliegtuig wordt zoveel mogelijk beperkt en als het noodzakelijk is wordt het wat betreft broeikasgassen gecompenseerd via GreenSeat.
Eens per drie jaar laten we een CO2-voetafdruk maken. De laatste keer deden we dat in 2010. Het papiergebruik bleek de grootste bijdrage aan de CO2-uitstoot te leveren. Om die zoveel mogelijk te beperken gebruiken we papier met het fsc-keurmerk, printen standaard dubbelzijdig, beperken het aantal printopdrachten en kiezen steeds vaker voor digitale in plaats van papieren informatievoorziening.
De belangrijkste risico’s van Amnesty International liggen op het gebied van inkomsten en imago.
Inkomsten
Gelukkig heeft Amnesty Nederland sinds haar oprichting in 1968 vrijwel ieder jaar het aantal leden en de inkomsten zien stijgen. Sinds 2006 is het aantal leden min of meer stabiel rond de 290.000. In 2010 en 2011 is het ledental licht gedaald, terwijl de totale inkomsten van leden wel iets hoger waren dan in de voorgaande jaren. Om het risico op inkomstendaling in de toekomst te beperken streven we naar diversificatie van de inkomsten. De structurele inkomsten komen voor een belangrijk deel van onze leden. Daarnaast ontvangen we onder meer geld uit giften, een vaste bijdrage van de Nationale Postcode Loterij, nalatenschappen, collecte, gebonden werving voor specifieke projecten en merchandising. Hoe diverser de inkomstenstroom, hoe kleiner het risico op plotselinge inkomstendaling. Een ontwikkeling van de afgelopen jaren is wel dat de structurele inkomsten nauwelijks meer stijgen. De inkomstengroei zit met name in de incidentele inkomsten. Tegenover niet-structurele inkomsten mogen geen structurele uitgaven staan. Dat betekent onder meer dat wij steeds vaker in projecten met een beperkte looptijd werken. Deze projecten kunnen worden gefinancierd met incidentele middelen en worden uitgevoerd door medewerkers met een tijdelijke aanstelling. Op dit punt moet Amnesty zich in de komende jaren nog verder ontwikkelen. Als de inkomsten toch sterk terugvallen of zich onverwachte kosten aandienen, dan hebben we een continuïteitsreserve van voldoende omvang om dit te kunnen opvangen (zie ‘continuïteitsreserve’ in de jaarrekening).
Aandachtspunten 2012
Imago
Het imago van een organisatie bepaalt hoe het publiek deze organisatie waardeert. Verandering in deze waardering kan schade veroorzaken: imagoschade.
Amnesty International Nederland laat daarom iedere twee jaar onder het Nederlandse publiek een breed imago-onderzoek uitvoeren naar onder meer kennis van en waardering voor ons werk. In 2011 is weer zo’n onderzoek gehouden. Hieruit bleek dat de naamsbekendheid van Amnesty Nederland hoog is, maar de kennis van de inhoud van het werk afneemt.
Ook op een aantal imagowaarden, waaronder zichtbaarheid, scoort Amnesty lager dan twee jaar geleden; een trend die overigens bij de meeste goededoelenorganisaties te bespeuren valt. De interesse bij het publiek verschuift nu eenmaal naar meer individualistische onderwerpen.
Naar aanleiding van de resultaten van dit onderzoek is eind 2011 een proces gestart om een aantal van deze waarden, en daarmee het imago, structureel aan te pakken. Het ‘verhaal’ van Amnesty zal nadrukkelijker worden gecommuniceerd, uitgedragen en meer als basis dienen voor alles wat wij doen.
De uitkomst zal naar verwachting de betrokkenheid van leden en sympathisanten bij onze acties, campagnes en andere publieksactiviteiten vergroten.
De Jaarrekening 2011 omvat de financiële gegevens van de Vereniging Amnesty International afdeling Nederland, inclusief de regionale en plaatselijke geledingen.
| Toelichting financieel resultaat (voor mutaties in de reserves) | |
|---|---|
| Verschil | + € 1,7 miljoen |
| Begroot saldo 2011 | - € 3,5 miljoen |
| Gerealiseerd saldo 2011 | - € 1,8 miljoen |
| Het verschil tussen gerealiseerd en begroot resultaat is als volgt samengesteld: | |
|---|---|
| Totaal | + € 1,7 miljoen |
| Hoger dan begrote nalatenschappen | + € 1,2 miljoen |
| Lager dan begrote overige baten eigen fondswerving | - € 0,1 miljoen |
| Hoger dan begrote MFS II-subsidie | + € 0,5 miljoen |
| Hoger dan begrote overige inkomsten | + € 0,2 miljoen |
| Hoger dan begrote besteding MFS II-subsidie | - € 0,5 miljoen |
| Onderbesteding marketing/werving inkomsten | + € 0,3 miljoen |
| Overige onderbesteding | + € 0,1 miljoen |
Algemeen financieel beeld
De totale inkomsten kwamen in 2011 uit op € 25,9 miljoen terwijl aan inkomsten was begroot € 24,1 miljoen. Een belangrijke oorzaak van de hoger dan begrote inkomsten was dat de inkomsten uit nalatenschappen bijna € 1,2 miljoen hoger waren dan begroot. Ook is van het Medefinancieringsstelsel van het ministerie van Buitenlandse Zaken ruim € 0,5 miljoen subsidie ontvangen voor educatieve mensenrechtenprogramma’s in Afrika (zie Groei van de mensenrechtenbeweging wereldwijd). Hoewel eind 2010 al wel bekend was dat subsidie zou worden toegekend, was het bedrag nog onzeker. De uiteindelijk toegekende bijdrage werd pas na vaststelling van de begroting bekend, de MFS II-subsidie was daarom niet opgenomen in de begroting 2011.
De inkomsten uit bijdragen van leden kwamen met € 14,7 miljoen € 0,2 miljoen lager uit dan begroot, en waren € 0,3 miljoen lager dan in 2010. Dit werd veroorzaakt door een grotere daling van het aantal leden dan verwacht. De kosten gemoeid met het werven van leden en inkomsten waren met € 3,9 miljoen 7 procent lager dan begroot. Dit houdt verband met een stabiliserende of zelfs stagnerende markt voor fondsenwerving en toenemende concurrentie. Omdat de ledenwerving duurder wordt en Amnesty kritisch naar haar uitgaven kijkt, zijn de fondsenwervingsactiviteiten in 2011 beperkt. Op 31 december 2011 hadden we 289.972 leden. Dit zijn er 8.480 minder dan eind 2010 (zie Geldgevers).
De baten uit eigen fondsenwerving waren in totaal met € 21,3 miljoen € 0,7 miljoen hoger dan in 2010, en € 1 miljoen hoger dan begroot. De stijging ten opzichte van 2010 was het gevolg van het feit dat er in 2011 meer aan nalatenschappen werd ontvangen. De inkomsten uit nalatenschappen bedroegen in 2011 € 3,1 miljoen (begroot: € 1,9 miljoen; 2010 € 2,0 miljoen).
Het totaal van de uitgaven bedroeg € 27,6 miljoen, waarvan € 3,9 miljoen bestond uit kosten van de werving van baten en € 1,2 miljoen uit kosten van beheer en administratie.
Er was een negatief saldo van € 3,5 miljoen begroot omdat in de begroting ook bestedingen waren opgenomen die ten laste van de bestemmingsreserves en bestemmingsfondsen werden gebracht. Omdat de inkomsten € 1,8 miljoen hoger uitvielen dan begroot en de bestedingen per saldo conform begroting waren, is het jaar afgesloten met een kleiner negatief saldo, namelijk ruim € 1,7 miljoen.
Richtlijn 650 en CBF-keur
Het Centraal Bureau Fondsenwerving (CBF) beoordeelt het bestuur en beleid van fondsenwervende instellingen, hoe ze geld binnenkrijgen, hoe ze het besteden en hoe ze daarover verslag uitbrengen. Om in aanmerking te komen voor het CBF-keurmerk moet aan regels zijn voldaan. Amnesty Nederland heeft het CBF-keurmerk. Na de gebruikelijke periodieke hertoetsing heeft het CBF begin 2012 Amnesty Nederland opnieuw erkend als keurmerkhouder. Dit keurmerk geldt voor de jaren 2012, 2013 en 2014.
Eén van de eisen van het CBF-keur is dat het jaarverslag wordt ingericht volgens de Richtlijn Fondsenwervende Instellingen van de Raad voor de Jaarverslaggeving (richtlijn 650). Richtlijn 650 legt de verplichting op om in het jaarverslag een afzonderlijke post voor beheer en administratie op te nemen. Deze post bevat kosten die niet direct worden toegerekend aan de doelstelling of aan werving van inkomsten. Bij het bepalen van de kosten van beheer en administratie volgt Amnesty de aanbevelingen die daarover zijn gedaan door de Vereniging Fondsenwervende Instellingen (VFI). Het CBF vereist dat elke organisatie zelf een norm vaststelt voor de hoogte van de kosten van administratie en beheer. Amnesty hanteert als norm: maximaal 6 procent van de totale kosten.
Voor wat betreft de administratieve organisatie en interne controle zijn er adequate controlesystemen en een goede risicobeheersing.
Nationale Postcode Loterij
De reguliere bijdrage van de Nationale Postcode Loterij vormde met € 3,6 miljoen ook in 2011 weer een belangrijke bron van inkomsten. De NPL verzekert Amnesty al jarenlang van een solide bijdrage aan ons reguliere werk voor de mensenrechten.
Kengetallen
Conform richtlijn 650 geven we in dit verslag kengetallen weer van bestedingen aan de doelstelling en de kosten van onze fondsenwerving. Tevens is het percentage voor kosten van beheer en administratie als kengetal opgenomen.
| Omschrijving | Maximum | 2011 | 2010 | 2009 | 2008 | 2007 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Besteed aan de doelstelling: | ||||||
| - In % van de totale baten | 87,1% | 92,9% | 65,7% | 65,7% | 68,8% | |
| - In % van de totale bestedingen | 81,5% | 83,5% | 77,8% | 76,7% | 75,9% | |
| Eigen fondsenwerving | 25% | 18,2% | 17,4% | 18,4% | 19,7% | 22,2% |
| Beheer en administratie | 6% | 4,4% | 4,2% | 4,5% | 4,2% | 4,1% |
De kengetallen zijn als volgt berekend:
- Besteed aan de doelstelling. Dit is het totaal van de besteding aan de doelstelling gedeeld door het totaal van de baten; hiervoor is geen externe of interne norm vastgesteld.
- Eigen fondsenwerving. Dit is het totaal van de kosten van eigen fondsenwerving gedeeld door de baten uit eigen fondsenwerving; de norm van 25 procent (gemiddeld over drie jaar) is vastgesteld door het CBF.
- Beheer en administratie. Dit is het totaal van de kosten van beheer en administratie gedeeld door de totale lasten; de norm van 6 procent is een intern door het bestuur van Amnesty Nederland vastgestelde norm.
De besteding aan de doelstelling moet volgens Richtlijn 650 worden uitgedrukt als percentage van de totale baten. Omdat inkomsten en de besteding ervan niet altijd in hetzelfde jaar vallen, zeker als er in een jaar grote incidentele meevallende inkomsten zijn, hebben wij de besteding aan de doelstelling uitgedrukt als percentage van de totale bestedingen als een extra kengetal opgenomen. Het doel is om alle middelen die niet worden besteed aan fondsenwerving of beheer en administratie aan de doelstelling te besteden. Of dit in hetzelfde jaar gebeurt waarin de inkomsten zijn verworven of pas later hangt van verschillende factoren af. Goed besteden is in dit kader belangrijker dan snel besteden. In 2011 werd € 22,5 miljoen besteed aan de doelstelling.
Analyse van de baten
De totale inkomsten van € 25,9 miljoen zijn als volgt opgebouwd:
| Bedragen in miljoenen euro’s | 2011 | Begroting 2011 | Verschil realisatie en begroting | 2010 |
|---|---|---|---|---|
| Totaal | 25,9 | 24,1 | +1,8 | 26,4 |
| Bijdragen van leden | 14,7 | 15,0 | -0,3 | 15,0 |
| Giften (ongebonden en gebonden) | 1,4 | 1,1 | +0,3 | 1,6 |
| Nalatenschappen | 3,1 | 1,9 | +1,2 | 4,6 |
| Collecte | 1,8 | 1,9 | -0,1 | 1,7 |
| Merchandising | 0,3 | 0,4 | -0,1 | 0,3 |
| Aandeel in acties van derden (Nationale Postcode Loterij) | 3,6 | 3,6 | 0,0 | 5,4 |
| Interest en overige baten | 0,5 | 0,2 | +0,3 | 0,4 |
| MFS II-subsidie Buitenlandse Zaken | 0,5 | 0,0 | +0,5 | 0,0 |
In 2011 ontving Amnesty Nederland € 3,1 miljoen uit 81 nalatenschappen. Dit bedrag was fors hoger dan begroot.
De opbrengsten van de in februari gehouden landelijke collecte (€ 1,8 miljoen) stegen met € 0,1 miljoen ten opzichte van 2010, maar waren lager dan begroot.
Met de verkoop van merchandisingartikelen is, evenals in 2010, een bruto-omzet gerealiseerd van bijna € 0,3 miljoen.
Sinds 1 januari 2011 ontvangt Amnesty Nederland fondsen uit het Medefinancieringstelsel-II (MFS) van het Ministerie van Buitenlandse Zaken. De fondsen zijn geoormerkt voor internationale mensenrechteneducatie-projecten in Burundi, Democratische Republiek Congo, Sierra Leone, Soedan en Oeganda. Deze projecten vinden plaats in het kader van het Speciaal Programma voor Afrika. voor het ontvangen van deze overheidsgelden is in 2010 goedkeuring verleend door het internationale bestuur van Amnesty International. De totale subsidie bedraagt ruim € 3,5 miljoen en beloopt een periode van in totaal vijf jaar. Deze subsidie is verleend aan de alliantie ‘Freedom from Fear’, waarvan IKV Pax Christi penvoerder is. De alliantie beoogt samenwerking te realiseren op het gebied van vrede, mensenrechten en conflictpreventie in diverse fragiele en repressieve staten Ook Free Press Unlimited en het Global Partnership for the Prevention of Armed Conflict zijn alliantiepartners.
De inkomsten ontwikkelden zich in de afgelopen tien jaar als volgt:
Historische ontwikkeling inkomsten 2002-2011
Uit bovenstaande grafiek blijkt dat de meest vaste inkomstenbron (bijdragen van leden) sinds 2009 stabiliseert. De minder vaste inkomsten en incidentele inkomsten werden in de jaren dat deze hoog waren en niet datzelfde jaar konden worden besteed, gereserveerd in bestemmingsreserves en bestemmingsfondsen.
Kosten eigen fondsenwerving
De kosten van eigen fondsenwerving bedroegen ruim € 3,9 miljoen. Dit is 18,2 procent van de baten uit eigen fondsenwerving, waarmee binnen de begroting (20,3 procent) gebleven werd en binnen het maximum van 25 procent dat het CBF hanteert.
Zie voor meer informatie over de fondsen- en ledenwerving ook Geldgevers.
Beheer en administratie
Conform richtlijn 650 is in de jaarrekening een afzonderlijke post opgenomen voor de kosten van beheer en administratie. De VFI heeft een aanbeveling gedaan voor toepassing hiervan. Bij het vaststellen welke kosten onder beheer en administratie worden opgenomen heeft Amnesty deze aanbeveling als uitgangspunt genomen. Zie hierover p. 7 van de toelichting op de jaarrekening.
De kosten van beheer en administratie bedroegen in 2011 € 1,2 miljoen (begroot € 1,3 miljoen).
Analyse van bestedingen aan de doelstelling
Amnesty Nederland is onderdeel van een wereldwijd verband van Amnesty-afdelingen. Het grootste deel van de activiteiten wordt uitgevoerd op basis van het internationaal beleidsplan en internationale prioriteiten. In totaal besteedde Amnesty Nederland in 2011 een bedrag van € 22,5 miljoen aan de doelstelling, dit is 87,1 procent van de totale baten.
Overzicht van activiteiten die gezamenlijk de bestedingen aan de doelstelling vormen.
Bedragen in miljoenen euro’s
| Activiteit | Besteed 2011 | Begroot 2011 | Besteed 2010 |
|---|---|---|---|
| Bijdrage internationale organisatie | 9,7 | 9,7 | 9,2 |
| Internationale organisatieontwikkeling | 3,1 | 2,8 | 6,5 |
| Beleidsontwikkeling | 1,7 | 1,7 | 1,3 |
| Beleidsbeïnvloeding | 0,9 | 1,2 | 1,1 |
| Actievoeren | 3,8 | 3,7 | 3,3 |
| Voorlichting | 2,6 | 2,4 | 2,4 |
| Informatie aan leden | 0,7 | 0,7 | 0,7 |
| Totaal besteed aan de doelstelling | 22,5 | 22,2 | 24,5 |
Bijdrage internationale organisatie
In 2011 werd € 9,7 miljoen afgedragen aan het Internationaal Secretariaat (IS), waarvan € 0,5 miljoen een vrijwillige extra bijdrage was. Alle nationale Amnesty-afdelingen dragen verplicht, volgens een vastgestelde systematiek, een deel van hun inkomsten af aan het IS. Hoe hoger de inkomsten des te hoger is de procentuele bijdrage aan de internationale organisatie. Amnesty Nederland is één van de grootste afdelingen wereldwijd en draagt dus een relatief hoog bedrag af.
Het IS is gevestigd in Londen. Het boekjaar van het IS loopt van 1 april tot en met 31 maart. De jaarrekening 2010-2011 van het IS is gecontroleerd door Horwath Clark Whitehill LLP, en is voorzien van een goedkeurende accountantsverklaring.
Over de periode 1 april 2010 tot en met 31 maart 2011 bedroegen de inkomsten van het IS € 58,2 miljoen en de bestedingen € 49,0 miljoen. Het positieve saldo is toegevoegd aan de reserves. De International Council Meeting (ICM) besloot dat de reserves verhoogd moeten worden. Van de bestedingen is de volgende procentuele onderverdeling te geven:
Bestedingen Internationaal Secretariaat, 1 april 2010 – 31 maart 2011
Zoals uit bovenstaand overzicht blijkt, wordt ruim 70 procent van de bestedingen van het Internationaal Secretariaat besteed aan onderzoek naar mensenrechtenschendingen en campagnes en aan acties om de resultaten van de onderzoeken onder de aandacht te brengen. In de afgelopen jaren is daarnaast steeds meer geld beteed aan de groei van de Amnesty-beweging buiten de westerse landen (internationale groei). Feitelijk wordt dus via de bijdrage van onder andere Amnesty Nederland aan de internationale organisatie, geld herverdeeld van rijke naar armere delen van de wereld.
Op de ICM 2011 is, in vervolg op discussies in voorgaande jaren over ‘One Financial Amnesty’ besloten dat nationale Amnesty-afdelingen 40 procent van hun inkomsten moeten afdragen voor internationale besteding. Om dit te bereiken is een nieuwe systematiek voor berekening van de afdracht aan het IS vastgesteld. Om de secties de gelegenheid te geven zich hierop in te stellen is besloten tot een ruime transitieperiode. In 2021 moet de uiteindelijk gewenste situatie bereikt zijn. Amnesty Nederland draagt al ruim 35 procent van haar inkomsten af, en is voornemens om de 40 procent afdracht al in de komende jaren te realiseren.
Ook op administratief gebied wordt gewerkt aan uniforme financiële systemen waarmee de vergelijking van gegevens tussen nationale afdelingen gemakkelijker wordt. Hiermee kan op een gemakkelijkere en snellere manier informatie uitgewisseld worden, en kan op een betere manier wereldwijd geconsolideerd financieel gerapporteerd worden.
Internationale organisatieontwikkeling
Deze uitgaven betreffen het Speciaal Programma voor Afrika, de ondersteuning van Amnesty-afdelingen in niet-westerse landen om groei te bevorderen en diverse internationale projecten, zoals een mediaprogramma voor Myanmar, het Mobiele Cinema-project in de Democratische Republiek Congo en het project ‘Hier wonen de mensenrechten’. Er is meer besteed dan in de begroting was opgenomen omdat zich goede mogelijkheden voordeden om internationale groei te stimuleren (met name werden de Amnesty-afdelingen in Turkije, Marokko, Israël en Filipijnen financieel ondersteund) en omdat voor uitvoering van activiteiten van het Speciaal Programma voor Afrika aanvullende geoormerkte gelden beschikbaar kwamen (MFS II-subsidie).
Beleidsontwikkeling
Onder beleidsontwikkeling vallen de kosten van de ontwikkeling van mensenrechtenbeleid. Dit betrof in 2011 de mensenrechtenthema’s migratie, mensenrechten in Nederland, gedwongen huisuitzettingen, bedrijvenwerk en doodstraf. In 2011 is € 0,2 miljoen bijgedragen aan het Instituut voor Mensenrechten en Medisch Onderzoek (IMMO). De medische onderzoeksgroep van Amnesty gaat in IMMO op.
Verder valt een deel van het landenwerk onder beleidsontwikkeling. De bestedingen waren in totaal conform de begroting.
Beleidsbeïnvloeding
Onder beleidsbeïnvloeding vallen de kosten van lobby, persvoorlichting en Europese samenwerking (bijdrage aan Amnesty’s EU-kantoor). Er werd met € 0,9 miljoen 25 procent minder besteed dat was begroot. Deze onderbesteding heeft als oorzaak dat de begrote bijdrage aan het International Justice Centre in Den Haag nog niet is besteed; gelden hiervoor zijn in de bestemmingsreserve gereserveerd. Het International Justice Centre wordt in 2012 geopend.
Actievoeren
Onder actievoeren vallen onder meer de kosten van publieksacties, individueel activisme, audiovisuele producties en (deels) service aan regio’s en groepen in het land. Aan actievoeren is in 2011 € 100.000 meer besteed dan was begroot doordat de Campagne voor mensenrechten in het Midden-Oosten en Noord-Afrika die in 2012 zou starten al op 10 december 2011 van start is gegaan.
Voorlichting
Onder deze post vallen onder meer de kosten van educatie, bijdragen aan Movies that Matter en (deels) de kosten van de bladen Wordt Vervolgd en AmnestyNU. Aan voorlichting is in 2011 € 200.000 meer besteed dan was begroot. Deze overschrijding is het gevolg van een extra bijdrage aan Movies that Matter (niet begroot, wel gereserveerd in een aparte bestemmingsreserve) en het feit dat de kosten van lokale Amnesty-groepen en -regio’s wel in de jaarrekening zijn opgenomen, maar niet werden begroot.
Informatie aan leden
Onder deze post vallen onder meer een deel van de kosten van de bladen Wordt Vervolgd en AmnestyNU en welkomstpakketten aan nieuwe leden. De uitgaven waren conform begroting
Een uitgebreide rapportage over de bestedingen aan de doelstelling vindt u in dit jaarverslag in het deel ‘Ons werk’.
Bestedingen 2011:
Beleggingenbeleid
Amnesty International sluit elke vorm van speculatief beleggen (waaronder aandelen en obligaties) uit. Een deel van ons vermogen is vastgelegd in het kantoorpand dat ten dienste staat aan de activiteiten. Tijdelijk beschikbare liquide middelen worden op vastrentende deposito’s geplaatst of op een spaarrekening gezet. Uit oogpunt van risicospreiding worden de liquiditeiten/deposito’s bij drie banken aangehouden. Bij de keuze van die banken tellen zowel financiële soliditeit als maatschappelijk verantwoord ondernemen. De Eerlijke Bankwijzer (een initiatief van Amnesty International en vier andere organisaties) wordt als uitgangspunt genomen. Per eind 2011 werden liquiditeiten/deposito’s aangehouden bij de ASN Bank, Triodos Bank en de Rabobank. In 2011 werden rente-opbrengsten gerealiseerd van € 0,3 miljoen.
| Netto resultaat liquide middelen afgelopen vijf jaar (in miljoenen euro’s) | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2011 | 2010 | 2009 | 2008 | 2007 | |
| Rente-opbrengsten | € 0,3 | € 0,3 | € 0,3 | € 0,3 | € 0,1 |
Analyse van de financiële positie
Aan liquide middelen en deposito’s (opgenomen onder financiële vaste activa) is per 31 december 2011 een bedrag aanwezig van € 9,5 miljoen (31 december 2010: € 10,6 miljoen). De afname van de liquiditeiten was voornamelijk het gevolg van het feit dat de uitgaven hoger waren dan de inkomsten. Zoals gepland is een deel van de bestemmingsreserves in 2011 besteed. Van de liquide middelen is € 0,4 miljoen onder beheer van Amnesty-geledingen.
De reserves en fondsen bedroegen per 31 december 2011 € 18,4 miljoen (31 december 2010: € 20,1 miljoen). Het beleid van Amnesty is om een de continuïteitsreserve aan te houden om de continuïteit te waarborgen. De continuïteitsreserve was per 31 december 2011 € 8,1 miljoen. Het huidige beleid is dat de continuïteitsreserve een omvang dient te hebben van 30 procent van de totale jaarinkomsten. In 2012 wordt de benodigde omvang van de continuïteitsreserve opnieuw vastgesteld op basis van actuele ontwikkelingen en de daarbij behorende risico’s. De continuïteitsreserve is nu op ruim voldoende niveau, en valt binnen de richtlijn van de VFI en het CBF. Vanwege de geplande discussie over de benodigde omvang van de continuïteitsreserve in 2012 is besloten de reserve op dit moment op het huidige niveau te handhaven.
Behalve de continuïteitsreserve zijn er enkele bestemmingsreserves.
Ook de middelen van de regionale en plaatselijke Amnesty-geledingen (per 31 december 2011 € 0,5 miljoen) zijn opgenomen onder de reserves.
Deze financiële gegevens zijn ontleend aan de door het bestuur op 19 april 2012 vastgestelde jaarrekening van de vereniging Amnesty International afdeling Nederland. Bij deze jaarrekening is door KPMG Accountancy op 19 april 2012 een goedkeurende controleverklaring afgegeven.
| balans per 31 december 2011 (na resultaatbestemming) | ||||
|---|---|---|---|---|
| ACTIVA | 31-12-2011 | 31-12-2010 | ||
| € | € | |||
| Materiële vaste activa | 7.741.321 | 8.138.499 | ||
| Financiële vaste activa | 3.021.975 | 3.574.000 | ||
| Voorraden | 172.975 | 147.973 | ||
| Vorderingen en overlopende activa | 7.098.737 | 6.708.712 | ||
| Effecten | 282 | - | ||
| Liquide middelen | 6.522.644 | 7.609.782 | ||
| 24.557.934 | 26.178.966 | |||
| PASSIVA | ||||
| Reserves en fondsen | ||||
| Reserves | ||||
| - Continuïteitsreserve | 8.060.000 | 8.060.000 | ||
| - Bestemmingsreserves | 9.739.599 | 10.582.946 | ||
| 17.799.599 | 18.642.946 | |||
| Fondsen | ||||
| -Bestemmingsfondsen | 674.951 | 1.523.861 | ||
| 674.951 | 1.523.861 | |||
| 18.474.550 | 20.166.807 | |||
| Langlopende schulden | 3.000.000 | - | ||
| Kortlopende schulden | 3.083.384 | 6.012.159 | ||
| 24.557.934 | 26.178.966 |
| Staat van baten en lasten 2011 - baten | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| BATEN | 2011 | Begroting 2011 | 2010 | |||
| € | € | € | ||||
| Baten uit eigen fondswerving | ||||||
| Bijdragen van leden | 14.693.079 | 14.925.000 | 14.991.522 | |||
| Incidentele giften en schenkingen | 1.425.967 | 1.088.000 | 1.623.278 | |||
| Landelijke collecte | 1.810.241 | 1.900.000 | 1.731.516 | |||
| Nalatenschappen | 3.151.753 | 1.900.000 | 2.011.366 | |||
| Merchandising | 287.399 | 450.000 | 291.373 | |||
| 21.368.439 | 20.263.000 | 20.649.055 | ||||
| Baten uit acties van derden | ||||||
| Bijdrage Nationale Postcode Loterij | 3.600.000 | 3.600.000 | 5.369.282 | |||
| 3.600.000 | 3.600.000 | 5.369.282 | ||||
| Subsidies van overheden | ||||||
| Subsidie Ministerie van Buitenlandse Zaken | 517.151 | - | - | |||
| 517.151 | - | - | ||||
| Overige baten | ||||||
| Interest | 284.011 | 175.000 | 266.472 | |||
| Overige baten | 173.739 | 107.000 | 133.364 | |||
| 457.750 | 282.000 | 399.836 | ||||
| Som der baten | 25.943.340 | 24.145.000 | 26.418.173 | |||
| staat van baten en lasten 2011 - lasten | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| LASTEN | 2011 | Begroting 2011 | 2010 | |||
| € | € | € | ||||
| Besteed aan de doelstelling | ||||||
| Bijdrage internationale organisatie | 9.712.461 | 9.713.000 | 9.192.390 | |||
| Internationale organisatieontwikkeling | 3.123.577 | 2.772.621 | 6.473.700 | |||
| Beleidsontwikkeling | 1.689.407 | 1.720.386 | 1.350.775 | |||
| Beleidsbeïnvloeding | 929.914 | 1.184.177 | 1.070.077 | |||
| Actievoeren | 3.770.533 | 3.708.449 | 3.294.454 | |||
| Voorlichting | 2.558.489 | 2.390.728 | 2.462.527 | |||
| Informatie aan leden | 736.227 | 689.092 | 704.874 | |||
| 22.520.608 | 22.178.453 | 24.548.797 | ||||
| Werving baten | ||||||
| Kosten eigen fondsenwerving | 3.880.993 | 4.110.716 | 3.584.991 | |||
| Kosten acties van derden | 26.666 | 63.551 | 25.263 | |||
| 3.907.659 | 4.174.267 | 3.610.254 | ||||
| Beheer en administratie | ||||||
| Kosten beheer en administratie | 1.207.330 | 1.252.810 | 1.239.757 | |||
| 1.207.330 | 1.252.810 | 1.239.757 | ||||
| Som der lasten | 27.635.597 | 27.605.530 | 29.398.808 | |||
| Resultaat | -1.692.257 | -3.460.530 | -2.980.635 | |||
| 25.943.340 | 24.145.000 | 26.418.173 |
| staat van baten en lasten 2011 - resultaatbestemming | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Mutaties in reserves en fondsen: | 2011 | Begroting 2011 | 2010 | ||
| € | € | € | |||
| Reserves | |||||
| - Continuïteitsreserve | - | - | - | ||
| - Bestemmingsreserves | -843.347 | -2.805.586 | -4.152.378 | ||
| Totaal reserves | -843.347 | -2.805.586 | -4.152.378 | ||
| Fondsen | -848.910 | -1.165.777 | 1.171.743 | ||
| Saldo | - | 510.833 | - | ||
| -1.692.257 | -3.460.530 | -2.980.635 |
| Toelichting lastenverdeling | ||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| DOELSTELLING | ||||||||||||||
| Bijdrage internationale organisatie | Internationale organisatie-ontwikkeling | Beleidsontwikkeling | Beleidsbeïnvloeiding | Actievoeren | Voorlichting | Informatie aan leden | ||||||||
| € | € | € | € | € | € | € | ||||||||
| Subsidies en bijdragen | - | 409.817 | - | - | - | 160.000 | - | |||||||
| Afdrachten | 9.712.461 | - | - | 313.875 | - | - | - | |||||||
| Publiciteit en communicatie | - | - | - | 19.412 | 1.057.559 | 612.756 | 428.389 | |||||||
| Overige directe lasten | - | 2.075.962 | 355.177 | 5.833 | 273.441 | 190.831 | - | |||||||
| Personeelskosten | - | 537.144 | 1.123.669 | 497.559 | 2.082.247 | 1.355.768 | 259.256 | |||||||
| Huisvestingskosten | - | 20.135 | 42.120 | 18.650 | 68.407 | 45.499 | 9.717 | |||||||
| Kantoor- en algemene kosten | - | 41.192 | 86.173 | 38.156 | 148.048 | 97.549 | 19.882 | |||||||
| Afschrijving | - | 39.327 | 82.268 | 36.429 | 140.831 | 96.086 | 18.983 | |||||||
| 9.712.461 | 3.123.577 | 1.689.407 | 929.914 | 3.770.533 | 2.558.489 | 736.227 |
| Toelichting lastenverdeling vervolg | |||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| WERVING BATEN | BEHEER EN ADMINISTRATIE | TOTAAL 2011 | BEGROOT 2011 | TOTAAL 2010 | |||||||
| Eigen fondsenwerving | Acties van derden | ||||||||||
| € | € | € | € | € | € | ||||||
| Subsidies en bijdragen | - | - | - | 569.817 | 465.000 | 4.555.279 | |||||
| Afdrachten | - | - | - | 10.026.336 | 10.163.000 | 9.489.706 | |||||
| Publiciteit en communicatie | 2.529,536 | 21.954 | - | 4.669.606 | 4.936.000 | 3.948.452 | |||||
| Overige directe lasten | - | - | - | 2.901.244 | 2.476.777 | 2.456.728 | |||||
| Personeelskosten | 1.152.677 | 3.969 | 1.004.737 | 8.017.026 | 7.921.700 | 7.363.904 | |||||
| Huisvestingskosten | 33.554 | 149 | 37.658 | 275.889 | 265.835 | 243.783 | |||||
| Kantoor- en algemene kosten | 76.754 | 304 | 91.373 | 599.431 | 751.718 | 730.378 | |||||
| Afschrijving | 88.472 | 290 | 73.562 | 576.248 | 625.500 | 610.578 | |||||
| 3.880.993 | 26.666 | 1.207.330 | 27.635.597 | 27.605.530 | 29.398.808 |
| Kasstroomoverzicht | |||
|---|---|---|---|
| 2011 | 2010 | ||
| € | € | ||
| Kasstroom uit operationele activiteiten | |||
| * Resultaat boekjaar | -1.692.257 | -2.980.635 | |
| * Aanpassingen voor afschrijvingen | 576.250 | 610.576 | |
| * Veranderingen in werkkapitaal | |||
| Mutaties vorderingen en overlopende activa | -390.025 | 1.692.633 | |
| Mutaties voorraden | -25.002 | 14.746 | |
| Mutaties langlopende en kortlopende schulden | 71.225 | 3.900.585 | |
| -1.459.809 | 3.237.905 | ||
| Kasstroom uit investeringsactiviteiten | |||
| * Investeringen in materiële vaste activa | -179.072 | -183.903 | |
| Kasstroom uit financieringsactiviteiten | |||
| * Toename financiële vaste activa | 552.025 | -3.488.430 | |
| -1.086.856 | - 434.428 | ||
| Mutatie geldmiddelen | |||
| Liquide middelen per 1 januari | 7.609.782 | 8.044.210 | |
| Effecten per 1 januari | - | - | |
| 7.609.782 | 8.044.210 | ||
| Liquide middelen per 31 december | 6.522.644 | 7.609.782 | |
| Effecten per 31 december | 282 | - | |
| 6.522.926 | 7.609.782 | ||
| -1.086.856 | -434.428 |
Download hier de PDF van de volledige jaarrekening 2011.
Controleverklaring van de onafhankelijke accountant
Aan het Bestuur van de Vereniging Amnesty International Afdeling Nederland
Wij hebben de jaarrekening 2011 van de Vereniging Amnesty International Afdeling Nederland te Amsterdam gecontroleerd. Deze jaarrekening bestaat uit de balans per 31 december 2011 en de staat van baten en lasten over 2011 met de toelichting, waarin zijn opgenomen een overzicht van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere toelichtingen.
Verantwoordelijkheid van het bestuur
Het bestuur van de vereniging is verantwoordelijk voor het opmaken van de jaarrekening die het vermogen en het resultaat getrouw dient weer te geven in overeenstemming met de Richtlijn voor de jaarverslaggeving Fondsenwervende Instellingen (RJ650). Het bestuur is tevens verantwoordelijk voor een zodanige interne beheersing als het noodzakelijk acht om het opmaken van de jaarrekening mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude of fouten.
Verantwoordelijkheid van de accountant
Onze verantwoordelijkheid is het geven van een oordeel over de jaarrekening op basis van onze controle. Wij hebben onze controle verricht in overeenstemming met Nederlands recht, waaronder de Nederlandse controlestandaarden. Dit vereist dat wij voldoen aan de voor ons geldende ethische voorschriften en dat wij onze controle zodanig plannen en uitvoeren dat een redelijke mate van zekerheid wordt verkregen dat de jaarrekening geen afwijkingen van materieel belang bevat.
Een controle omvat het uitvoeren van werkzaamheden ter verkrijging van controle-informatie over de bedragen en de toelichtingen in de jaarrekening. De geselecteerde werkzaamheden zijn afhankelijk van de door de accountant toegepaste oordeelsvorming, met inbegrip van het inschatten van de risico’s dat de jaarrekening een afwijking van materieel belang bevat als gevolg van fraude of fouten. Bij het maken van deze risico-inschattingen neemt de accountant de interne beheersing in aanmerking die relevant is voor het opmaken van de jaarrekening en voor het getrouwe beeld daarvan, gericht op het opzetten van controlewerkzaamheden die passend zijn in de omstandigheden. Deze risico-inschattingen hebben echter niet tot doel een oordeel tot uitdrukking te brengen over de effectiviteit van de interne beheersing van de vereniging. Een controle omvat tevens het evalueren van de geschiktheid van de gebruikte grondslagen voor financiële verslaggeving en van de redelijkheid van de door het bestuur van de vereniging gemaakte schattingen, alsmede een evaluatie van het algehele beeld van de jaarrekening.
Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is om een onderbouwing voor ons oordeel te bieden.
Oordeel
Naar ons oordeel geeft de jaarrekening een getrouw beeld van de grootte en samenstelling van het vermogen van Vereniging Amnesty International Afdeling Nederland per 31 december 2011 en van het resultaat over 2011 in overeenstemming met de Richtlijn voor de jaarverslaggeving Fondsenwervende Instellingen (RJ650).
Amstelveen, 19 april 2012
KPMG ACCOUNTANTS N.V.
P.W.D. Venhoeven RA